Universiteit Leiden Universiteit Leiden

Nederlands English

Experimentele behandeling borstkanker stimuleert mogelijk uitzaaiing

Een therapie om borstkankercellen te doden kan in sommige gevallen juist zorgen voor uitzaaiing van de tumor. Dat ontdekte een onderzoeksteam onder leiding van Leids celbioloog Erik Danen. Science Signaling publiceert 11 februari hun artikel.

Afbeelding links: triple-negatieve borstkankercellen dringen een driedimensionale eiwitmatrix binnen terwijl ze elkaar vast blijven houden. In groen is het eiwit E-cadherin te zien dat hiervoor zorgt. Afbeelding rechts: uitschakeling van β1 integrinen zorgt ervoor dat cellen individueel gaan bewegen.

Kankercellen beweeglijker

Kankercellen grijpen zich met oppervlakte-eiwitten, de zogenoemde integrinen, vast aan hun omgeving. Het was al bekend dat dit van belang is voor de overleving en groei van kankercellen. Strategieën om integrinen te blokkeren zijn momenteel in diverse landen onderdeel van een experimentele behandelmethode die op patiënten wordt getest. Het team van Danen ontdekte bij dierproeven dat zo’n behandeling er echter ook voor kan zorgen dat kankercellen beweeglijker worden en gaan uitzaaien.

Activering signaleringsnetwerk

De onderzoekers maakten gebruik van triple-negatieve borstkankercellen waarin enkele hormoon- en groeifactor receptoren ontbreken. Ruim 15 procent van alle borstkankerpatiënten heeft deze relatief moeilijk te behandelen variant. De onderzoekers kweekten triple-negatieve borstkankercellen waarin de β1 integrinen waren uitgeschakeld. Ze ontdekten dat hierdoor een signaleringsnetwerk geactiveerd werd dat epitheelcellen laat veranderen in veel beweeglijker bindweefselcellen. Iets vergelijkbaars gebeurde ook in de borstkankercellen: het eiwit E-cadherine, waarmee kankercellen aan elkaar kleven, verdween en de cellen begonnen zich individueel te bewegen.

Primaire tumor groeit minder, wel uitzaaiingen

Toen de onderzoekers kankercellen injecteerden in zebravissen zorgde uitschakeling van β1 integrinen ervoor dat de cellen zich veel makkelijker konden verspreiden. In muizen veroorzaakte het verlies van deze integrinen enerzijds voor een sterk verminderde groei van triple-negatieve borstkankers, maar ook hier bleken kleinere tumoren uit te zaaien naar de longen. Het onderzoeksteam concludeert hieruit dat therapieën die β1 integrinen bestrijden vaak niet geschikt zijn voor patiënten met triple-negatieve borstkanker.

Vervolgonderzoek naar andere tumortypen

De experimentele behandelmethodes in patiënten zijn nog in een zeer vroeg stadium en deze studies kijken nog niet specifiek naar de effecten bij deze vorm van borstkanker. Erik Danen: ‘Ons werk laat zien dat de behandelmethode in ieder geval voor triple-negatieve borstkanker schadelijke effecten zou kunnen hebben. Vervolgonderzoek van ons team moet laten zien of dit ook opgaat voor andere tumortypen.’

Health, Life and Biosciences is een van de zes profielthema’s in het onderzoek van de Universiteit Leiden.