Universiteit Leiden

nl en

Nederlandse taal en cultuur (BA)

Over de opleiding

Bij de opleiding Nederlandse taal en cultuur ontwikkel je tot een kritische beschouwer van je eigen taal en literatuur. Is taalvermogen aangeboren? Of is het – net als fietsen – iets wat je moet leren? Welke argumenten zijn effectief? Voor wie schreven middeleeuwse dichters hun teksten eigenlijk?

Opbouw van de bacheloropleiding

In dit jaar maak je niet alleen kennis met de belangrijke onderwerpen van je studie leer, maar kom je tegelijkertijd in aanraking met de basisbeginselen van wetenschappelijk onderzoek. Ook worden de academische vaardigheden geintroduceerd: hoe doe je schriftelijk en mondeling verslag van onderzoek? Deze vaardigheden zullen gedurende de rest van je studie worden geoefend en verdiept.

Het tweede jaar bestaat nog voor de helft uit een vast programma, maar voor de andere helft kun je zelf al kiezen hoe je je studie verder wilt inrichten. Kies uit een aanbod dat varieert van opruiende pamfletten uit de Reformatie tot de taal van politiek Den Haag. Volg de cursus Creatief schrijven of loop college bij de jaarlijkse gastschrijver. In een deel van de vakken speelt de bestudering van media expliciet de hoofdrol, zoals in ‘Nederlandse Media en Maatschappij’.

Dit jaar is volledig vrij voor het kiezen van vakken binnen en buiten de opleiding. Je kunt ook kiezen voor een stage, en als je je blik nóg verder wilt verbreden ga je naar het buitenland. Je sluit je studie af met een werkstuk. Het onderwerp bepaal je in overleg met je docent en sluit aan bij lopend en actueel onderzoek. In het werkstuk laat je zien dat je een academicus bent: je kunt gericht informatie zoeken, deze kritisch analyseren en hier zowel schriftelijk als mondeling op heldere wijze verslag van doen.

  • "Een hengel voor te vissen”: Marktplaats.nl als corpus voor taalkundig onderzoek
  • ”Als het beleid een gezicht krijgt, dan wordt het hart week”: Een vergelijkende analyse van metafoorgebruik in de politiek
  • Schering en inslag. De functie van intertekstuele verwijzingen in de roman Dis van Marcel Möring.
  • De verbeelding van technologie in negentiende-eeuwse sciencefiction.
  • Avonturen van Don Quichote. Een bewerking van Pieter Louwerse voor de jeugd.
  • ”Sorry dat ik u onderbreek, maar…” Een onderzoek naar beleefdheidsstrategieën in de talkshows van Jeroen Pauw en Humberto Tan. 

Bertijn van der Steenhoven

Ouderejaarsstudent

Bertijn van der Steenhoven

"Toen ik met de studie begon, wist ik al dat ik de richting taalbeheersing zou gaan kiezen. Het programma is in het eerste jaar nog behoorlijk breed georiënteerd en er kunnen dus ook vakken tussen zitten die je minder liggen. In het begin nam ik het lezen van literatuur maar voor lief, maar ik ben het later echt gaan waarderen. Toen ik alleen taalbeheersingsvakken kreeg, heb ik zelfs facultatief een vak gevolgd over geluk in de literatuur, dat had ik toen ik met mijn studie begon nooit verwacht."

Merel Donia

Eerstejaars student Nederlandse taal en cultuur

Merel Donia

"De studie bevalt ontzettend goed. Dat wat je leert, kun je meteen toepassen in de praktijk. We zijn veel bezig met de karakterisering van de persoon. Daardoor bekijk je de personages van romans op een andere manier.  Er is veel ruimte voor discussie in de klas en dat is erg leuk. Daarbij heeft iedereen respect voor elkaars visie. Je kijkt ook de opdrachten en analyses van je medestudenten na, en dat werkt heel goed. Je leert daardoor om feedback te geven."

Yra van Dijk

Hoogleraar Moderne Nederlandse Letterkunde

Yra van Dijk

"De opleiding in Leiden is vrij kleinschalig, waardoor je vaak college hebt in kleine groepen. Zo krijgen studenten op individueel niveau onderwijs. Docenten kennen hun studenten, waardoor het mogelijk is maatwerk te leveren."

Onderwijsvormen

Als student Nederlandse taal en cultuur studeer je in principe 40 uur per week. Een volle werkweek dus! Je besteedt ongeveer 15 uur per week aan het volgen van hoorcolleges en werkgroepen. De rest van de week studeer je zelfstandig.

De hoorcolleges zijn voor de grote lijnen. De docent licht een bepaald onderwerp toe, jij maakt aantekeningen en kunt vragen stellen. In de werkcolleges ga je met je medestudenten in discussie over de stof. Je bespreekt wetenschappelijke artikelen en daaraan gekoppelde opdrachten – je leest bijvoorbeeld elkaars vertalingen van oude teksten – en oefent met mondelinge presentaties

Studiebegeleiding

Je tutor – een van de docenten – helpt je vanaf het eerste jaar op weg in je studie.

De studiecoördinator van de opleiding helpt je met zaken als keuzemogelijkheden, studieproblemen, studievertraging, studiestaking en conflicten met docenten.

Ook buiten je studie kun je terecht voor ondersteuning, bijvoorbeeld bij de studentendecaan of – psycholoog. Heb je een functiebeperking? Fenestra Disability Centre staat voor je klaar met speciale regelingen, advies en een luisterend oor.