Universiteit Leiden

nl en

Japanstudies (BA)

Over de opleiding

In de opleiding Japanstudies leer je de Japanse taal en het geschrift. Je bestudeert de geschiedenis, literatuur, kunst en de godsdiensten. Ook ontdek je het Japan van nu, zodat jij begrijpt waarom in Japan de dingen altijd nét even anders gaan dan bij ons.

Opbouw van de bacheloropleiding

  • Je besteedt veel tijd aan het leren van het moderne Japans.
  • Naast het leren van de taal maak je in je eerste jaar kennis met de geschiedenis van Japan, de kunst en maatschappelijke ontwikkelingen.
  • Je leert de wetenschappelijke benaderingen op de verschillende vakgebieden en ontwikkelt academische vaardigheden zoals kritisch lezen, analyseren en correct argumenteren. Deze vaardigheden komen je zowel tijdens je studie als daarna van pas.

In het tweede en derde jaar blijft taalverwerving een belangrijk onderdeel van je studie. Aan het eind van het tweede jaar gaan alle studenten die hun propedeuse in anderhalf jaar gehaald hebben voor drie maanden naar Japan. Zo leer je de taal en het land pas echt goed kennen!
Daarnaast heb je binnen je studie veel ruimte om je eigen accent aan je studie te geven. Uit meerdere disciplines kies je er in je tweede jaar minimaal twee waarin je je gaat verdiepen.

In je derde jaar specialiseer je je in één van de twee disciplines die je in het tweede jaar gekozen hebt. Ook schrijf je een bacheloreindwerkstuk, waarmee je de bachelor afsluit. Het onderwerp valt binnen een van de twee disciplines waarin je je tijdens het tweede jaar verdiept. In het werkstuk laat je zien dat je een academicus bent: je kunt gericht informatie zoeken, deze kritisch analyseren en zowel schriftelijk als mondeling op heldere wijze verslag doen.

Voorbeelden van werkstukonderwerpen

  • Japan en China: Welke factoren waren van invloed op hun militaire modernisering?
  • De strijd tegen Yakuza: burgerbewegingen in opkomst
  • De realiteit van werkende moeders in Japan
  • Genderrollen in anime: De jaren ’80 versus nu

Ids van der Iest

Eerstejaarsstudent Japanstudies

Ids van der Iest

"Mijn favoriete vak is ‘Teksten’. In dit vak ga je alle onderdelen van de taal, die je in de andere vakken leert, toepassen door zinnen te vertalen en teksten te lezen. Je zit in een kleine groep, met een hele betrokken docent. Daar leer je echt verreweg het meest. De eerste teksten zijn makkelijke kinderteksten, maar deze worden later steeds academischer."

Aya Ezawa

Docent Japanstudies

Aya Ezawa

"In mijn colleges over de hedendaagse Japanse maatschappij komen de aardbeving en tsunami van 11 maart 2011 aan bod, naast onderwerpen als veranderingen in huwelijk en gezinsleven, etniciteit en identiteit, en globalisering. Wat dit onderwerp zo interessant maakt is dat we niet alleen iets leren over de vernietigende kracht van tsunami’s, maar ook over de manier waarop een samenleving omgaat met een ramp van deze orde."

Jos Schouwstra

Alumna Japanstudies

Jos Schouwstra

"In het eerste jaar krijg je globale vakken over de Japanse cultuur, sociologie, kunst, geschiedenis en taal. In het tweede jaar kun je je eigen richting kiezen. Ik volg nu de track ‘Society and culture’, om de maatschappij goed te leren kennen."

"Ik vind het interessant om te leren wat de mechanismes zijn achter de cultuur. Hoe komt de cultuur tot stand? Hoe is het veranderd en waardoor? In het derde jaar is het de bedoeling dat je alle kennis die je hebt opgedaan, toepast in je eindscriptie. In elke track is er veel aandacht voor taal. Immers, zonder de taal te begrijpen, kun je het land niet goed bestuderen. Daarnaast leer je in deze opleiding academische vaardigheden, zoals onderzoek doen en analyses uitwerken."

Onderwijsvormen

Als student Japanstudies studeer je in principe 40 uur per week. Een volle werkweek dus! Je besteedt ongeveer 16 uur per week aan colleges en werkgroepen. De rest van de studieweek is zelfstudie.

In hoorcolleges is de docent aan het woord over zijn vakgebied. Je bereidt je voor door thuis artikelen en boeken te bestuderen. In de werkcolleges ga je verder met de stof aan de slag; hierover discussieer je met je studiegenoten. Verder maak je schriftelijke werkstukken en houd je mondelinge presentaties.

Studiebegeleiding

Een mentor of tutor helpt je samen met een groepje eerstejaarsstudenten op weg in je studie. In de mentorgroep oefen je academische vaardigheden: van correcte literatuurverwijzingen tot het schrijven van een wetenschappelijk betoog.

De studiecoördinator van de opleiding helpt je met zaken als keuzemogelijkheden, studieproblemen, studievertraging en studiestaking.

Ook buiten je studie kun je terecht voor ondersteuning, bijvoorbeeld bij de studentendecaan of – psycholoog. Heb je een functiebeperking? Fenestra Disability Centre staat voor je klaar met speciale regelingen, advies en een luisterend oor.