Debat over afschaffing bestuurlijke dwangsom leidt af van falende overheid
In de media beeld: Jakub Zerdzick via Unsplash
De overheid overschrijdt structureel haar eigen wettelijke beslistermijnen, maar wil op steeds meer terreinen de dwangsom afschaffen die burgers daartegen moet beschermen. Hoogleraren staats- en bestuursrecht Geerten Boogaard en Tom Barkhuysen, waarschuwen in NRC, dat daarmee de aandacht voor het onderliggende probleem dreigt te verdwijnen.
De dwangsom was bedoeld als financiële prikkel om overheidsinstanties op tijd te laten beslissen, maar de kosten zijn sterk opgelopen zonder dat de besluitvorming aantoonbaar sneller is geworden. Personeelstekorten en lange wachttijden vormen een probleem: bij het UWV kan de wachttijd voor een keuringsarts bijvoorbeeld oplopen tot drie jaar. De Raad voor de Rechtspraak waarschuwde daarom dat de rechtsbescherming van burgers in het geding kan komen door afschaffing. Toch is de dwangsom bij de Hersteloperatie Toeslagen al buiten werking gesteld en ligt er ook een voorstel om deze bij de IND bij te late asielbesluiten af te schaffen.
Volgens Boogaard zit in het systeem een fundamentele tekortkoming. ‘De prikkel treft niet degene die daadwerkelijk iets aan de situatie kan doen. Daar zit de weeffout.’ Dwangsommen zijn volgens hem daardoor een ‘bot mes’ geworden: financiële schade blijft binnen de overheidsorganisatie vaak bestuurlijk onzichtbaar. Politieke of persoonlijke verantwoording kan volgens hem effectiever zijn, bijvoorbeeld wanneer een wethouder of staatssecretaris tijdens een zitting uitleg moet geven over het niet halen van wettelijke termijnen.
Barkhuysen wijst erop dat politici termijnverlenging vaak vermijden uit vrees voor imagoschade. Hij waarschuwt dat het makkelijker is om de schuld bij vermeende fraudeurs te leggen dan bij de inefficiëntie van de overheid zelf. ‘Het zijn allemaal fraudeurs en daarom stoppen we met dwangsommen.’ Daardoor, stelt hij, ‘gaat het debat niet over waar het eigenlijk over zou moeten gaan’: waarom de overheid structureel niet in staat is haar eigen wettelijke verplichtingen na te komen.