Vragen stapelen zich op over gemelde luchtaanval op Iraanse school
in de media beeld: Dmytro Tolokonov via Unsplash
Tegenstrijdige berichten over een luchtaanval op een school in Iran zorgen voor internationale bezorgdheid. Helen Duffy, hoogleraar internationaal humanitair recht en mensenrechten, werd gevraagd om de verplichtingen van staten onder internationaal recht toe te lichten. Op Euro News pleitte zij voor een snel en onafhankelijk onderzoek.
Berichten over een vermeende luchtaanval op een school in Iran, waarbij meer dan 170 mensen – voornamelijk schoolmeisjes – zijn omgekomen, hebben wereldwijd reacties uitgelokt, maar de feiten en de verantwoordelijkheid blijven omstreden. Volgens het internationaal humanitair recht moeten civiele objecten zoals scholen, woningen en ziekenhuizen worden beschermd tegen aanvallen.
Duffy benadrukt dat staten volgens het internationaal humanitair recht alles moeten doen wat redelijkerwijs mogelijk is om burgers te beschermen, waaronder het zorgvuldig vooraf verifiëren van het beoogde doelwit. ‘Als er twijfel bestaat over de aard van een doelwit, moet worden aangenomen dat het een civiel doel is, om deze fundamentele regel van de bescherming van burgers te waarborgen.’
Volgens Duffy was Iran onder internationaal recht ook verplicht om burgers niet in gevaar te brengen door hen in de buurt van legitieme militaire doelwitten te plaatsen. Maar dit rechtvaardigt op zichzelf geen aanval op de school.
‘Internationaal recht is niet slechts een overeenkomst tussen staten, waarbij als de één het schendt, anderen dat ook mogen doen. Het is een belofte aan de mensheid om burgers te beschermen’, aldus Duffy. ‘Zelfs als de school daar niet had mogen staan, verandert dat niets aan de juridische vragen en de schijnbare onwettigheid en disproportionele schade aan burgers.’