Logo Universiteit Leiden.

nl en

Orgels en orgelmuziek

De koning van de instrumenten.

‘Die orgl ist doch in meinen augen und ohren der könig aller instrumenten’, schreef W.A. Mozart in 1777 aan zijn vader. En hij kon het weten, want 11 jaar daarvoor had hij als jongen van 10 het majestueuze Müller-orgel in de Haarlemse St.-Bavokerk bespeeld – destijds nog een vrij nieuw, maar al wereldberoemd instrument. Afgezien van zijn ‘koninklijke’ allure is het orgel  bovendien een van de Westerse muziekinstrumenten met de langste ononderbroken geschiedenis: de eerste vermelding dateert uit de derde eeuw v.Chr. Sinds die tijd heeft het instrument mensen verrukt, bij evenementen, in theaters en concertzalen, en uiteraard in kerken. De hoeveelheid historische orgels in Nederland is enorm, en ook Leiden heeft veel belangwekkende instrumenten; zo bevat het orgel in de Pieterskerk nog pijpen uit 1446!

Hoe oud, interessant of indrukwekkend een instrument ook is: uiteindelijk gaat het toch om de muziek die ermee wordt gemaakt. Zeker tot en met de Barok nam het orgel een centrale plaats in het muziekleven in. Daarna moest het die positie afstaan aan de piano – Mozarts uitspraak was eigenlijk een reactie op een kritische opmerking van een pianobouwer – maar ook in de negentiende en twintigste eeuw hebben grote componisten belangrijke werken geschreven voor het instrument. De ontkerkelijking heeft er helaas voor gezorgd dat ook het orgelrepertoire voor veel muziekliefhebbers langzamerhand onbekend terrein is geworden – en dat is buitengewoon jammer. De muziek die componisten als Bach, Liszt, Franck, Reger of Messiaen voor orgel schreven maakt immers een wezenlijk deel van hun oeuvre uit. Alle reden dus voor een (hernieuwde) kennismaking.

Het orgel van de St Bavo in Haarlem

Inhoud van de colleges

  • Een groot orgel als dat in de Haarlemse St.-Bavo gold destijds als een toppunt van technisch vernuft. Hoewel de techniek van een orgel tegenwoordig niet meer wezenlijk ingewikkeld is, blijft zij toch verbazingwekkend ingenieus. Zonder in al te technische details te vervallen zal de opbouw van een orgel worden besproken en worden toegelicht met afbeeldingen.
  • Geen twee orgels zijn hetzelfde: altijd zijn zij aangepast aan de ruimte waarin zij staan, en de verschillen tussen bouwstijlen zijn groot. Er is dan ook een sterke samenhang tussen een orgel en het repertoire dat ervoor is bedoeld. Een reis in vogelvlucht door zeven eeuwen orgelrepertoire betekent dus tegelijk een overzicht van bouwstijlen. Zoals zal blijken, is het echt onmogelijk om muziek van Franck op het Hagerbeer-orgel van de Pieterskerk te spelen, en komt Sweelinck slecht tot zijn recht op een instrument uit de vroege twintigste eeuw.
  • Leiden herbergt veel mooie historische orgels uit diverse stijlperiodes. Tijdens enkele colleges zullen we een bezoek brengen aan zulke instrumenten, die zullen worden bespeeld en toegelicht door de docent.

6 vrijdagen
april: 14 en 21
mei: 12
Leiden, in een collegezaal.
mei: 26
juni: 2 en 9
13.15-15.00 uur
In een kerk in Leiden of Den Haag.

Hoorcollege met gelegenheid voor vragen en discussie. Muziekvoorbeelden veelal live gespeeld door docent.

Thuis ca. 2 uur luisteren en lezen per bijeenkomst.
In het studiemateriaal komen mogelijk korte tekstfragmenten in Engels, Duits of Frans voor.
Beheersing van het notenschrift is aan te bevelen maar niet strikt noodzakelijk.

Studiemateriaal

Artikelen, boekfragmenten en luisterfragmenten worden voorafgaand aan ieder college toegezonden.
Powerpoints worden beperkt beschikbaar gesteld, na afloop van het college.

Colleges en studiemateriaal € 250 (incl. koffie/thee bij de eerste drie colleges) 

Docent

Dr. Bert Mooiman is organist, pianist en muziektheoreticus. Hij is hoofdvakdocent aan het Koninklijk Conservatorium in Den Haag; als organist is hij verbonden aan de Nieuwe Badkapel in die stad, waar hij ook de recente restauratie van het Van Dam-orgel uit 1926 begeleidde.

Deze website maakt gebruik van cookies.  Meer informatie.