Universiteit Leiden

nl en

Multinationals en belastingen

Een toenemend aantal multinationals heeft de laatste jaren het nieuws gehaald door opportunistische fiscale planning. De Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling (OESO) en de Europese Commissie nemen deze gevallen nu onder de loep en kijken of bestaande internationale belastingregels nog houdbaar zijn. Leidse onderzoekers ontwikkelden hiervoor toetsingsmodellen en pleiten voor duidelijker regels.

Europese staten en beleidsvrijheid

Om belastingontwijking door multinationals tegen te gaan moeten Europese staten hun belastingbeleid aanpassen. De lidstaten van de Europese Unie zullen het aanpassen van hun nationale wetgeving echter moeten afstemmen op de Europese regels. Dit vormt een ingewikkelde juridische puzzel. Onderzoek door het International Tax Center levert concrete inzichten op over hoe nationale en internationale regels zich tot elkaar verhouden, en hoe regels zo kunnen worden aangepast dat ze naast elkaar kunnen bestaan. Dit is waardevolle kennis voor regeringen en Europese organen zoals de OESO. Zo ontwikkelde Sjoerd Douma, hoogleraar Internationaal en EU Belastingrecht, een toetsingsmodel waarmee kan worden beoordeeld hoe de tegengestelde uitgangspunten van nationale fiscale soevereiniteit en het Europese vrije verkeer met elkaar kunnen worden verzoend. Dit model wordt toege-past op de maatregelen die de OESO voorstelt om belastingontwijking door multinationals tegen te gaan.

Nederlandse belastingverdragen

Multinationals vestigen Multinationals en belastingen
brievenbusmaatschappijen in ons land vanwege het gunstige belastingklimaat. Zij gebruiken de Nederlandse belastingverdragen om oneigenlijk fiscaal voordeel te behalen. Om dit te voorkomen bepleit onderzoeker Jan Vleggeert dat Nederland stopt met het afgeven van zogenoemde vaststellingsovereenkomsten aan brievenbusmaatschappijen. Dit zijn afspraken die de overheid maakt met multinationals en andere belastingbetalers om de toepassing van belastingregels in specifieke situaties te verduidelijken. Door deze vaststellingsovereenkomsten kunnen brievenbusmaatschappen vooraf zekerheid verkrijgen over de fiscale gevolgen van voorgenomen transacties, wat oneigenlijk gebruik in de hand kan werken.

Vermeende staatssteun

Het onderzoek naar belastingontwijking door multinationals richt zich ook op de vraag of de afspraken die lidstaten van de Europese Unie maken met multinationals over het reduceren van hun belastingtarieven kunnen worden geïnterpreteerd als onwettige staatssteun. Staatssteun geeft bedrijven oneerlijke voordelen en is illegaal volgens Europese wetgeving, tenzij de Europese Commissie dit goedkeurt. Zo kan het bijvoorbeeld zijn dat als een internationale moedermaatschappij in Nederland wordt vrijgesteld van het betalen van belasting op dividenden (een uitkering van de winst aan de aandeelhouders van het bedrijf), waar de betaling van dit dividend fiscaal aftrekbaar was voor de dochtermaatschappij in het buitenland, dit als staatssteun wordt aangemerkt. Multinationals gebruiken deze constructie veelvuldig; in de praktijk zijn hier zeer aanzienlijke bedragen mee gemoeid. De Europese Unie heeft dit probleem onderkend, en een Europese richtlijn aangenomen om deze constructie in de toekomst niet meer mogelijk te maken. Of de nieuwe richtlijn daadwerkelijk effectief zal zijn is een belangrijk onderwerp van onderzoek.

Maatschappelijk verantwoord ondernemen en ethiek

Steeds vaker wordt de vraag gesteld hoe belastingen ingebed moeten worden in het beleid van multinationals over maatschappelijk verantwoord ondernemen. Leidse onderzoekers hebben hiervoor concrete suggesties gedaan. Ze geven advies en begeleiding aan bedrijven en aan de maatschappij als geheel over het omgaan met de ethische aspecten van belastingplanning.

Deze website maakt gebruik van cookies. Meer informatie