Universiteit Leiden

nl en

Hoe houden we antibiotica werkzaam?

Antibiotica werken wereldwijd steeds minder goed door toenemende resistentie, terwijl ze onmisbaar zijn bij operaties en infecties. Hoe kunnen we antibiotica blijven gebruiken? Hoogleraar Farmacologie Coen van Hasselt onderzoekt nieuwe therapieën, zoals het slimmer combineren en personaliseren van antibiotica.

Gevaarlijke infecties, operaties, transplantaties, kankerbehandelingen, de zorg voor te vroeg geboren baby's: antibiotica spelen een cruciale rol in de hele medische zorg. Door te veelvuldig en onnodig gebruik worden bacteriën eerder resistent tegen antibiotica. Vooral in landen buiten Europa werken veel kuren al niet meer goed, signaleert Van Hasselt in zijn oratie. ‘Antibioticaresistentie is een langzame epidemie. Omdat de gevolgen nog niet overal duidelijk zichtbaar zijn, staat het niet hoog op de politieke agenda.’

Resistentie voorkomen

Zijn onderzoeksgroep richt zich op het voorkomen van resistentie tijdens een behandeling. Een slimme combinatie van meerdere antibiotica kan daarbij helpen. Als bacteriën resistent worden tegen één antibioticum, kunnen ze soms kwetsbaarder worden voor een ander middel. Van Hasselt: ‘Het is een enorme puzzel om een goed doseerschema te ontwikkelen. Wat is de beste combinatie van middelen en in welke dosis? Die vragen drijven ons onderzoek.’ Met computermodellen en laboratoriumexperimenten ontwikkelde zijn groep een veelbelovende combinatie van twee antibiotica voor chronische longinfecties.

Medicatie personaliseren

Daarnaast onderzoeken ze hoe antibiotica beter kunnen worden afgestemd op de individuele patiënt. Bij veel geneesmiddelen wordt een vaste dosering voorgeschreven, legt hij uit, terwijl patiënten afhankelijk van hun conditie en medische kwalen heel verschillend op die standaarddosis kunnen reageren. Van Hasselt ontwikkelt in het lab experimentele modellen om te kijken welke blootstelling aan een middel tot optimale effecten leidt. ‘Hiervoor moeten we goed begrijpen hoe patiënten van elkaar verschillen en die variatie goed in kaart brengen.’

Virtuele patiënt

In het verlengde hiervan bouwt de onderzoeksgroep aan een dataset met virtuele patiënten, van wie de persoonlijke kenmerken sterk van invloed kunnen zijn op hoe ze reageren op medicatie. Van Hasselt noemt als voorbeeld ‘patiënt Bob’: welke dosis past het best bij een man met flink overgewicht, een infectie en als gevolg daarvan nierproblemen? ‘Zulke simulaties zijn realistischer dan alleen gezonde proefpersonen in een klinische studie.’ Voor deze dataset werkt zijn groep nauw samen met statistici en clinici die data leveren uit de praktijk.

Nieuwe antibiotica

In zijn oratie wijst hij ook op de rol van de farmaceutische industrie: er komen nauwelijks nieuwe antibiotica op de markt. Want deze zullen pas worden ingezet als alle andere opties falen. ‘Farmaceutische bedrijven kunnen nu dus niet goed verdienen aan de ontwikkeling van nieuwe soorten. Bovendien is het patent van veel bestaande antibiotica verlopen en kunnen farmaceuten ook weinig verdienen aan de productie ervan.’ Het kan ook anders, meent hij. In Engeland krijgen farmaceutische bedrijven die antibiotica ontwikkelen een financiële bijdrage van de overheid om het aantrekkelijk te maken om die nieuwe middelen te ontwikkelen. ‘Dat zouden we ook op Europees niveau meer moeten doen.’

Deze website maakt gebruik van cookies.  Meer informatie.