Universiteit Leiden

nl en

Alumnus Bas Jorissen: ‘Ik wil cliënten waar je trots op bent om voor te werken’

Waar veel jonge fiscalisten kiezen voor een gevestigd kantoor, trad Bas Jorissen buiten de gebaande paden. Na zijn studie fiscaal recht richtte hij zijn eigen belastingadvieskantoor op, gespecialiseerd in start- en scale-ups. Hij vertelt over zijn studententijd, carrière en toekomstplannen.

Bas Jorissen
Bas Jorissen

Waardoor besloot je fiscaal recht te gaan studeren?

‘Ik vond altijd wel dat ik enig instinct voor economie en taligheid had, dus achteraf is fiscaal recht een logisch eindpunt, maar ik wou toen ik me oriënteerde eigenlijk juist geen fiscalist worden; dat is mijn vader ook en ik vond dat ik dan zo’n klaargestoomd jongetje zou lijken.

Wat me in Leiden aansprak, was de combinatie van het juridische, het ‘debat’ en de rol van economie en politiek. Dus begon ik met Recht en bedrijfswetenschappen. Na een moeizame start met vakken als Romeins recht viel opeens het kwartje bij Inleiding Belastingrecht. Zonder echte achtergrondkennis vaar je bij daarbij vooral op instinct en logica, en ik merkte dat ‘ik’ rijmde met het vak – en dan ga je het vanzelf leuk vinden!’

Wat voor student was je?

‘In de eerste jaren had ik nog een beetje de middelbare schoolmentaliteit: cijfers waren vooral een voorwaarde voor het studentenleven, niet zozeer een intrinsiek doel. Het belangrijkste was voor mij naar Minerva gaan, in de kroeg werken en vriendschappen opbouwen. Achteraf ben ik daar blij mee, want ik heb toen des te meer aan mijn soft skills kunnen werken en daar pluk ik nog dagelijks de vruchten van.

Naarmate ik verder in mijn studie en de materie kwam, en de maatschappelijke en politieke context van het fiscale recht beter op mij begon in te dalen, werd mijn interesse pas echt aangewakkerd. Ik vond plezier in studeren, kreeg vertrouwen in mijn talenten en mijn cijfers vertoonden dan ook een stijgende lijn.’

Je hebt vrij snel in je carrière gekozen om je eigen kantoor op te richten. Waarom maakte je die stap?

‘Ik beleefde weinig plezier aan routinewerk en zeker moetjes, achteraf denk ik dat dat komt doordat ik een Montessori-kindje ben. Ik moet zelf dingen verzinnen, en dat rijmde slecht met als jonkie werken bij grote kantoren. Terecht overigens hoor, maar toch. Maar bovenal zag ik een kans: ik heb groot respect voor mensen die wat nieuws -en doorgaans ‘goeds’- proberen en mijn interesse in start- en scale-ups viel samen met een hernieuwde Nederlandse aandacht voor de venturecultuur.

Tien jaar geleden begonnen we te beseffen hoe belangrijk start- en scale-ups zijn voor de dynamiek en het verdienvermogen van onze samenleving. Daar waren toen gevoelsmatig maar weinig fiscalisten op gericht. Een duidelijk gat in de markt dus en ik dacht: dat moet ik gaan doen.’

Hoe zie je de toekomst van het kantoor voor je?

‘Ik wil cliënten hebben waar je trots op bent om voor te werken; niet cliënten die je liever verzwijgt, maar die toevallig goed betalen. Ook vind ik het belangrijk dat medewerkers hun zelfstandigheid behouden, zonder micromanagement. Eigenlijk wil ik dat iedereen hun innerlijke Montessori-kindje blijft voelen, dus ik probeer de plek te bieden die ik zelf had willen hebben.

Mijn ambitie is om op die basis uit te groeien tot een grote speler op de Nederlandse markt, met behoud van focus op startups als kanarie in de kolenmijn van onze bredere dienstverlening. Ik droom van een stevig maar nichekantoor met zo’n vijftig à zestig medewerkers, tevreden cliënten en gemotiveerde collega’s. Als we dat bovendien kunnen ondersteunen met een sterk platform waarin technologie een belangrijke rol speelt, iedereen er plezier aan beleeft, én we vanaf de zijlijn iets kunnen beteken voor het Nederlandse innovatieklimaat, ben ik erg tevreden.’

Naast je werk ben je ook actief als gastdocent aan de universiteit. Wat spreekt je aan in het onderwijs?

‘Ik heb zelf ervaren hoe vormend een inspirerende docent is. Ik hoop dat ik dat voor iemand anders kan zijn. In mijn lessen probeer ik een enigszins onvoorspelbaar en geestig maar uiteindelijk samenhangend verhaal te vertellen om de interesse voor het vak aan te wakkeren. Het lijkt mij heel waardevol als iemand dit vakgebied inrolt door een van die piposhows.’

Tot slot: welk advies zou je huidige studenten mee willen geven?

‘Geniet van alle facetten van het studentenleven. In Leiden heerst het ongeschreven adagium: je moet goed studeren, want dan krijg je een goede baan. Maar ik denk dat je daarmee creativiteit onbenut laat. Niet iedereen studeert voor een goede baan; je kan ook zelf ondernemen. De studententijd is juist een mooie sandbox om te ontdekken wat je zelf wil en kan, ook als dat buiten het traditionele pad ligt. En als je talenten juist daarbinnen tot wasdom komen, ook goed. Maar zoek de bijzondere types om je heen; die wakkeren elkaar aan. Bijzondere vrienden zijn ook na je studententijd een blijvende Leidse zegen!’

Deze website maakt gebruik van cookies.  Meer informatie.