Waarom een goede relatie tussen leerling en leerkracht zo belangrijk is
Social Sciences Connect beeld: Suédy Mauricio
Dat een leerling goed door een deur kan met de leerkracht is enorm belangrijk. Zowel voor de leerling als de leerkracht. Hoe dat zit? Onderwijsonderzoekers Tim Mainhard en Hinke Endedijk leggen uit.
Klasklimaat. Ooit van dat woord gehoord? Nee? ‘Dat beschrijft de algemene sfeer in een klas. Het zegt iets over hoe je over het algemeen tegen elkaar aankijkt, hoe de leerlingen de leerkracht zien en vertrouwen - of juist niet’, legt Tim Mainhard uit.
Hij is hoogleraar onderwijswetenschappen aan het Instituut Pedagogische Wetenschappen en is expert op het gebied van sociale processen in het onderwijs. ‘Ik kijk bijvoorbeeld naar groepsdynamiek en onderzoek dan wat dit betekent voor het welzijn van een leerling en hoe de relatie tussen leerlingen en hun leerkracht hieraan bijdraagt.’
Goede relatie is een voorwaarde
'Een kind dat gespannen in de klas zit en continu bang is straf te krijgen, heeft geen volledige aandacht voor de lesstof'
Want een goede relatie tussen een leerling en leraar is heel belangrijk.
Geen extraatje dat mooi meegenomen is, of waar je ook prima zonder kunt. Het is goed om te beseffen dat een leerkracht niet één relatie met de klas heeft, maar tientallen verschillende relaties met individuele leerlingen. Goed onderwijs vraagt daarom om afstemming op afzonderlijke leerlingen.
Mainhard: ‘Een goede relatie is een voorwaarde. Wat leerlingen betreft is het erg belangrijk dat de relatie met de leerkracht goed is, omdat het hen bijvoorbeeld in staat stelt om goed te kunnen leren. Een kind dat gespannen in de klas zit en continu bang is straf te krijgen, heeft geen volledige aandacht voor de lesstof’, geeft Mainhard als voorbeeld.
Een kind dat zorgeloos kan zijn in de klas, omdat het weet dat de leerkracht hen steunt, heeft daar wel de ruimte voor.
Meer gemotiveerd door goede sfeer
Bovendien beïnvloedt de relatie niet alleen hoe leerlingen zich voelen, maar ook hoe zij reageren als de leerkracht het gedrag bijstuurt. Leerlingen accepteren correcties, regels en feedback vaak makkelijker van een leerkracht van wie zij ervaren dat die hen begrijpt en wil helpen. Dit kost de leraar weer veel minder energie.
Ook is een kind dat zich goed voelt in de klas en uitgedaagd wordt vaak meer gemotiveerd om beter mee te doen met de les. ‘Je bent immers eerder geneigd om een onderwerp ook leuk en interessant te vinden als er enthousiast en positief over wordt verteld.’ Dit blijkt ook uit grote overzichtsstudies, voegt Mainhard toe.
Structuur en routine net zo belangrijk als aardig zijn
Naast aardig en enthousiast zijn, is het ook belangrijk dat leerkrachten hun leerlingen structuur en routine bieden.
'Een goede leraar-leerlingrelatie gaat niet alleen over warmte en nabijheid. Juist voorspelbaarheid, duidelijke verwachtingen en consequente ondersteuning geven leerlingen het gevoel dat ze veilig zijn en op hun leerkracht kunnen vertrouwen.'
Belang voor de leerkracht
Een leerkracht die positieve interacties en relaties in de klas heeft, krijgt meer zelfvertrouwen op professioneel vlak en ervaart meer werkplezier
Een positief klasklimaat is ook goed nieuws voor de leraar zelf. ‘Niet alleen leerlingen, maar ook leerkrachten nemen hun emoties mee de klas in of worden geraakt door wat er gebeurt’, zegt Hinke Endedijk.
Endedijk is als universitair docent verbonden aan het Instituut Pedagogische Wetenschappen. ‘Een leerkracht die positieve interacties en relaties in de klas heeft, krijgt meer zelfvertrouwen op professioneel vlak en ervaart meer werkplezier. Uiteindelijk draagt dat ook bij aan het behoud van leerkrachten en minder uitstroom.’
Wie het gevoel heeft een klas goed aan te kunnen, kan ook makkelijker een lastige situatie voorzijn en afwenden, weet Endedijk. Haar onderzoek richt zich op uitdagend gedrag in de klas en hoe leraren daarmee omgaan.
Wat er wordt bedoeld met uitdagend gedrag? ‘We denken dan vaak meteen aan druk of opstandig gedrag, zoals door de uitleg heen praten, maar ook een angstige houding valt hieronder. Bijvoorbeeld als kinderen bewust lastige opdrachten uit de weg gaan of niets durven te zeggen.’
Werkplezier in cijfers
Werkplezier is natuurlijk altijd en voor iedereen belangrijk, maar in de onderwijssector misschien nog wel extra. De werkdruk is hoog, de klassen groot en zeker in het primair onderwijs zijn de personeelstekorten nog altijd een feit.
Ook laten de cijfers (2021) van het Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap (OCW) al meerdere jaren zien dat 9 procent van de net afgestudeerde leerkrachten die beginnen in het basisonderwijs, na een jaar de sector weer verlaat. In het voortgezet onderwijs ligt dat percentage op 18 procent.
De uitstroompercentages waren in 2015 overigens een stuk hoger: 18 procent (basisonderwijs) en 21 procent (voortgezet onderwijs). Het is overigens niet zo dat de uitvalpercentages alleen te koppelen zijn aan de leerkracht-leerlingrelaties, al valt in een artikel van het Nationaal Kennisinstituut Onderwijs (NKO) uit 2019 wel te zien dat werkdruk en stress vaak werden genoemd door jonge, uitstromende leerkrachten in het voortgezet onderwijs.
Hoe bereik je een goed klasklimaat?
Een goed klasklimaat werkt dus beide kanten op. Maar hoe creëer je dit als leerkracht? Door in goede relaties met leerlingen te investeren. Daarover schreef Mainhard voor het NKO samen met collega’s uit de praktijk de leidraad Leraar-leerlingrelaties. Een voor het basisonderwijs en een voor het voortgezet onderwijs. Onderzoeken van Endedijk worden als bron aangehaald in deze documenten.
In elke leidraad staan zes aanbevelingen die leerkrachten kunnen toepassen in de klas.
Een van de aanbevelingen is ‘ondersteun autonomie en bied structuur’. Mainhard geeft een voorbeeld van een situatie: ‘Stel dat een leerling niet meteen begint aan een opdracht en de hele tijd van de eigen plek opstaat. Dan kun je je als leraar uitgedaagd voelen. Je kunt dan boos zeggen dat het kind moet gaan zitten en aan de slag moet gaan. Misschien heeft dat even effect omdat het kind schrikt, maar uiteindelijk is dit niet wat je wil.’ Want: ‘Als dat stelselmatig gebeurt, kentert de relatie en uiteindelijk het klimaat in de klas.
Kinderen gaan denken: ‘o, die is niet leuk’, of worden bang. Dat heeft invloed op hun houding tegenover school en leren en drukt de sfeer in de klas.’
Positieve benadering van kinderen
'Lief zijn betekent niet alles goed vinden'
Wat dan wel werkt? ‘Zoiets zeggen als: ‘ik zie dat je wil opstaan, maar dat kan nu even niet. Zal ik je even helpen?’ Dat is heel anders, maar de boodschap is wel heel duidelijk en eigenlijk hetzelfde: het is niet de bedoeling dat je opstaat. Zo ben je als leerkracht heel duidelijk, wat kinderen structuur biedt, maar ook lief.’
'Lief zijn betekent niet alles goed vinden. Het gaat juist om co-regulatie: leerlingen helpen gedrag te laten zien dat zij nog niet zelfstandig kunnen laten zien', vult Endedijk aan.
De rol van de school
Scholen spelen overigens ook een rol in het bevorderen van de leerling-leerkrachtrelatie. ‘Als er op een school geen duidelijke afspraken zijn over wat er wel en niet mag en hoe er gezamenlijk aan gedrag wordt gewerkt, is dat voor leerkrachten lastig’, geeft Mainhard aan.
‘Dan krijg je situaties waarbij kinderen bij de ene leerkracht met veel meer wegkomen dan bij de andere of dat de ene leerkracht vooral straft en de ander helpt om je anders te gedragen.’
Het zou dus al helpen als lerarenteams samen afspraken maken en een visie op gedrag en relaties ontwikkelen. Dit gebeurt nog niet overal, zien de onderwijswetenschappers, terwijl het eigenlijk net zo belangrijk is als een goed lesplan of curriculum.
'Hints' werken beter
‘Soms zijn de regels nog puur gericht op orde houden, dus drie waarschuwingen en je stuurt een kind de klas uit’, aldus Mainhard. ‘Beter zou zijn om in te zetten op co-regulatie, en dus om afspraken te maken over microcorrecties in de klas’, zegt Endedijk.
Denk bijvoorbeeld aan een leerling net iets langer aankijken, een dergelijke ‘hint’ kan al hulp bieden en voldoende zijn voor een leerling. Door eerst klein bij te sturen, krijgt een leerling ook de kans ‘zichzelf’ te corrigeren. Dat is ook belangrijk, omdat kinderen niet alleen leren van wat de leerkracht tegen henzelf zegt, maar ook van hoe de leerkracht op anderen reageert.
Een grote overzichtsstudie van Endedijk laat zien dat leerlingen die vaak negatief worden gecorrigeerd, op termijn ook minder goed in de groep liggen. De manier waarop een leerkracht corrigeert, beïnvloedt dus ook de positie van een leerling in de groep.
'Klas is geen eigendom van een leerkracht'
'Een klas is geen eigendom van een leerkracht. Het werkt veel beter als het hele onderwijsteam van een school samen de verantwoordelijkheid draagt voor alle leerlingen'
Wat ook zou helpen: niet alle verantwoordelijkheid over een klas bij een leerkracht leggen.
Endedijk: ‘een klas is geen eigendom van een leerkracht. Het werkt veel beter als het hele onderwijsteam van een school samen de verantwoordelijkheid draagt voor alle leerlingen. Dan hoeven individuele leerkrachten veel minder te zoeken naar houvast en kunnen zij op elkaar terugvallen en ervaringen uitwisselen.’
Een goed klasklimaat is er dus niet zomaar. Er is tijd en goede communicatie voor nodig om het te laten ontstaan, maar als het er eenmaal is? Dan heeft iedereen binnen de muren van de school er wat aan.