Hoe beslis je over de toekomst van een uithuisgeplaatst kind?
Onderzoeksproject beeld: Unsplash+
Wanneer een kind uit huis geplaatst wordt, is het uitgangspunt altijd dat het kind weer terug naar huis kan. Er zijn echter nog veel vragen over hoe dit proces – 'perspectiefbepaling' – eruit zou moeten zien. Een nieuw onderzoek moet inzichten bieden.
Hoogleraren Anouk Goemans, Mariëlle Bruning en Lenneke Alink hebben een subsidie van circa €250.000 ontvangen voor het nieuwe onderzoeksproject naar perspectiefbepaling bij uithuisgeplaatste kinderen. De subsidie is toegekend door BovenRegionaal Expertise Netwerk Zuid-Holland (BREN ZH), een netwerk van jeugdzorgprofessionals.
Extra subsidie voor meer onderzoek
Het Minsterie van Justitie en Veiligheid heeft een extra subsidie van bijna 6 ton gegeven voor aanvullend onderzoek binnen dit onderzoeksproject. Naar aanleiding van dit extra geld, is dit nieuwsbericht in januari 2026 aangepast.
Gedwongen uithuisplaatsingen
Jaarlijks worden in Nederland bijna tienduizend kinderen gedwongen uit huis geplaatst door instanties. In zulke situaties is het doel altijd om kinderen terug naar huis te laten keren, mits dat veilig en haalbaar is. De vraag waar een kind het beste kan opgroeien – thuis of ergens anders – staat centraal in het proces van 'perspectiefbepaling'. Dit proces is vaak emotioneel zwaar en onzeker voor kinderen, ouders én professionals.
Ouders en kinderen hebben gedurende lange tijd geen duidelijkheid en weinig autonomie over de vraag of het haalbaar is voor kinderen om (op termijn) weer terug naar huis te keren. Ondanks de grote impact van een uithuisplaatsing en de onzekerheid die daarop volgt, is er nog weinig wetenschappelijk onderzoek gedaan naar hoe dit proces eruit zou moeten zien. Met dit onderzoek komt daar verandering in.
Het onderzoek
Het project bestaat uit zes deelstudies:
- Ervaringsdeskundigen – ouders en jongeren – delen hun inzichten over perspectiefbepaling.
- Een literatuuronderzoek brengt bestaande kennis en methoden in kaart.
- Interviews met professionals van gecertificeerde instellingen, de Raad voor de Kinderbescherming en jeugdzorgaanbieders om inzicht te krijgen in de huidige praktijk.
- Analyse van dossiers van uithuisgeplaatste kinderen om te onderzoeken hoe in de praktijk wordt bepaald waar een kind het beste kan opgroeien en tot welke beslissing die afweging uiteindelijk heeft geleid.
- Maken van een nieuwe, standaardaanpak voor perspectiefbepaling samen met ouders, jongeren en professionals.
- Testen van de nieuwe aanpak: helpt deze manier om beter te bepalen wat ervoor nodig is om een kind naar huis te laten keren?
Deelstudies 1 tot en met 3 worden grotendeels gefinancieerd door het BREN ZH. Het Minsterie van Justitie en Veiligheid financieert deelstudies 4 tot en met 6.