Nieuws
17-07-2026 – Nieuwe website en cursusportaal LUMC Boerhaave Nascholing
17-7-2026 – Nieuwe website en cursusportaal LUMC Boerhaave Nascholing
Zoals eerder aangekondigd zijn wij overgestapt naar een nieuwe website, namelijk de website van Universiteit Leiden – onderwijs voor professionals
De huidige website www.boerhaavenascholing.nl blijft nog in de lucht tot 1 december 2026. Lees meer wat dit betekent voor jou verderop in dit nieuwsbericht.
Voor nascholingen die plaats vinden na 1 oktober 2026 word je automatisch wordt doorverwezen naar de nieuwe website.
Samenwerking met Universiteit Leiden
LUMC Boerhaave Nascholing is onderdeel van het Leids Universitair Medisch Centrum (LUMC), maar werkt ook nauw samen met de Universiteit Leiden. Door nascholingen aan te bieden via Universiteit Leiden Academy (onderwijs voor professionals) worden deze onderdeel van een groter en breder geheel van interdisciplinair post-academisch onderwijs.
Nieuw cursusportaal
Naast een nieuwe website zijn we ook overgestapt naar een nieuw cursusportaal. Op donderdag 16 juli 2026 zijn de nascholingen van LUMC Boerhaave Nascholing die plaats vinden na 1 oktober 2026 overgezet naar het nieuwe cursusportaal. Je kunt vanaf vrijdag 17 juli 2026 jouw inschrijving(en) daarom bekijken via het nieuwe cursusportaal.
Nascholingen die voor 1 oktober plaats vinden staan nog in de oude omgeving ‘Mijn Boerhaave nascholing’.
Aanmaken eduID
Om toegang te krijgen tot het nieuwe cursusportaal heb je een eduID nodig. Dit is een persoonlijk account waarmee je kunt inloggen bij onderwijsdiensten, ook als je geen student of medewerker bent van de Universiteit Leiden.
Wat moet u doen?
Stap 1: Ga naar cursusportaal.universiteitleiden.nl en kies voor Inloggen met eduID.
Stap 2: Kies hieronder de situatie die voor jou geldt:
• Heb je nog geen eduID? Maak een nieuw eduID aan. Gebruik hiervoor het e-mailadres waarop je al ingeschreven staat.
• Heb je al een eduID met het e-mailadres waarmee je ingeschreven staat? Log direct in met je bestaande eduID.
• Heb je al een eduID, maar met een ánder e-mailadres? Log dan eerst in op jouw eduID via eduid.nl. Wijzig daar jouw e-mailadres naar het e-mail adres waarop je ingeschreven staat. Ga daarna pas naar het cursusportaal en log in.
Let op: Gebruik je een ander e-mailadres dan waarmee je staat ingeschreven voor de nascholing? Dan is het portaal leeg en kun je jouw inschrijving niet zien. Het systeem herkent jou alleen via het mailadres waarmee je al ingeschreven staat.
Je hoeft je dus niet opnieuw in te schrijven, de bestaande inschrijving is al overgezet naar het nieuwe systeem.
Inlogproblemen?
Heb je vragen of lukt het inloggen niet? Wij verwijzen je dan graag naar de Helpdesk ISSC (ICT Shared Service Centre) van de Universiteit Leiden. De Helpdesk ISSC is bereikbaar op werkdagen van 08:30 - 17:30 via e-mail: helpdesk@issc.leidenuniv.nl of telefoon +31 (0)71 527 8888.
Wat verandert er nog meer en wat moet je doen?
- Het oude cursusportaal ‘Mijn Boerhaave Nascholing’ zal uiteindelijk verdwijnen, maar blijft nog beschikbaar tot 1 december 2026. Download vóór deze datum certificaten en lesmateriaal die in deze omgeving staan. Na 1 december 2026 zijn deze bestanden niet meer beschikbaar.
- De leeromgeving Moodle verandert naar de leeromgeving Brightspace – Moodle blijft nog beschikbaar tot uiterlijk 1 december 2026. Wil je lesmateriaal dat nu nog in Moodle staat bewaren, download dan jouw lesmateriaal voor 1 december 2026. Alle informatie die nu in Moodle staat, is vanaf de overgang op 1 december 2026 niet meer beschikbaar.
Contact cursussen en nascholingen:
Heb je nog vragen hierover? Neem dan gerust contact met ons op via e-mail: boerhaavenascholing@lumc.nl of per telefoon: +31 (0)71 526 8500.
Lees hieronder ook een eerder nieuwsbericht hierover.
09-07-2026 - Aanbod LUMC Boerhaave Nascholing verhuist
Aanbod LUMC Boerhaave Nascholing verhuist
09-07-2026
Nascholingsaanbod LUMC Boerhaave Nascholing gaat verhuizen: download jouw certificaten en lesmateriaal
LUMC Boerhaave Nascholing is al jaren dé plek voor zorgprofessionals om te leren over de nieuwste innovaties, vaardigheden en richtlijnen. Op 15 en 16 juli 2026 verhuist het nascholingsaanbod van de huidige website naar Universiteit Leiden Academy. Lees hier enkele belangrijke acties.
Samenwerking met Universiteit Leiden
LUMC Boerhaave Nascholing is onderdeel van het LUMC, maar werkt ook nauw samen met de Universiteit Leiden. Door nascholingen aan te bieden via Universiteit Leiden Academy (onderwijs voor professionals) worden deze onderdeel van een groter en breder geheel van interdisciplinair post-academisch onderwijs.
Wat verandert er en wat moet je doen?
- De website www.boerhaavenascholing.nl zal gaan verwijzen naar de website van de Universiteit Leiden Academy: https://www.universiteitleiden.nl/onderwijs/onderwijs-voor-professionals vanaf 17 juli 2026.
- Om de overgang te vergemakkelijken blijft de huidige website www.boerhaavenascholing.nl nog een paar maanden in de lucht, dus het cursusaanbod zal tijdelijk op twee plekken te vinden zijn. Deze website zal verdwijnen per 1 december 2026.
- De omzetting naar de nieuwe website vindt plaats op 15 en 16 juli 2026. Daarom is het op 15 en 16 juli tijdelijk niet mogelijk om in te schrijven voor nascholingen die plaatsvinden na 1 oktober. Vanaf 17 juli zijn deze nascholingen weer bereikbaar en kun je je weer inschrijven. Inschrijvingen vinden dan plaats in het nieuwe cursusportaal van de Universiteit Leiden. Voor nascholingen die plaatsvinden vóór 1 oktober 2026 blijft inschrijven via de website gewoon mogelijk.
- Mijn Boerhaave Nascholing is beschikbaar tot 1 december 2026. Download vóór deze datum uw certificaten en lesmateriaal. Na 1 december 2026 zijn deze bestanden niet meer beschikbaar
- Er komt een nieuw cursusportaal van de Universiteit Leiden met per cursist een eigen omgeving met daarin details over de inschrijving etc.
- Leeromgeving Moodle verandert naar de leeromgeving Brightspace – Moodle blijft nog beschikbaar tot uiterlijk 1 december 2026. Wil je lesmateriaal uit Moodle bewaren, download jouw lesmateriaal voor 1 december 2026. Alle informatie die nu in Moodle staat, is vanaf de overgang op 1 december 2026 niet meer beschikbaar.
Wat je straks kunt verwachten
De overgang heeft volop voordelen voor cursisten:
- Jouw ervaring als cursist wordt soepeler, persoonlijker en consistenter — van eerste oriëntatie tot diplomering.
- Van interesse tot inschrijving in één vloeiend proces.
- Snellere bevestiging en minder administratieve vragen.
- Gepersonaliseerde aanbiedingen op basis van jouw interesses
- Altijd actuele informatie over jouw cursus en voortgang.
- Inschrijving, betaling en communicatie zijn minder foutgevoelig.
Kortom: alle reden om snel een kijkje te nemen in de nieuwe omgeving vanaf 17 juli!
Contact en vragen
We hebben de nieuwe omgeving uitgebreid getest. Toch kan het in de eerste periode voorkomen dat niet alles direct perfect werkt. Loop je ergens tegenaan? Laat het ons weten, dan helpen we je graag verder.
13-03-2026 - Je hoeft geen sporter te zijn om gezond te zijn
Je hoeft geen sporter te zijn om gezond te zijn
13-03-2026, Tekst: Maian Boomsma, Universiteit Leiden
Sportgeneeskunde gaat allang niet meer alleen over sport. Volgens sportarts Michael van der Werve ligt de grootste uitdaging tegenwoordig bij inactiviteit, waardoor de sportgeneeskunde steeds belangrijker wordt. ‘Mensen bewegen minder, worden minder fit en lopen sneller tegen fysieke klachten aan.’ Via Boerhaave Nascholing is een cursus beschikbaar die zorgprofessionals onderdompelt in de sportgeneeskunde.
Bewegen als krachtig medicijn
Beweging is essentieel in het dagelijks leven, niet alleen voor gewichtsbeheersing, maar ook ter preventie van oncologische problemen zoals hart- en vaatziekten. Van der Werve daagt collega’s wel eens uit om een ziekte of probleem te noemen waar bewegen niet goed voor is, ‘tot nu toe heeft niemand mij dat kunnen vertellen’. Sportgeneeskunde speelt een belangrijke rol in zowel revalidatie als preventie, Van der Werve ziet de sportarts daarom ook als een belangrijke promotor van bewegen.
Van sportarts naar beweegarts
Een veel voorkomend misverstand is dat sportartsen enkel topsporters behandelen. Van der Werve vindt het belangrijk om te benadrukken dat dit zeker niet klopt. ‘Het aantal topsporters in Nederland is heel klein, we zien vooral heel veel mensen die op hun eigen niveau sporten en actief zijn, of juist meer zouden moeten bewegen vanwege hun gezondheid.’ De rol van een sportarts gaat veel meer om een actieve leefstijl en preventief bewegen dan enkel sport. ‘Er zijn collega’s die zich daarom liever beweegarts noemen dan sportarts, elke arts zou zich bezig moeten houden met de strijd tegen inactiviteit.’
‘Je hoeft geen sporter te zijn om gezond te zijn’. Van der Werve stelt dat iedereen moet bewegen, en in die zin kan iedereen op enig moment in hun leven een sportarts tegen komen.
Puzzelen en een brede blik op klachten
Sportgeneeskunde is een breed specialisme, en volgens Van der Werve is het belangrijk om puzzelen leuk te vinden. ‘Je kijkt niet naar één los onderdeel maar naar het totaal plaatje: wat speelt er en wat is de context?’, je moet de puzzelstukjes samenvoegen en het gehele plaatje samenstellen en bekijken. Daarnaast is communicatie ook essentieel, je komt met een breed publiek in aanraking. Zo kan een kind langskomen met zijn ouders, sporters met coaches, trainers, fysiotherapeuten en vaak werk je samen met andere zorgprofessionals om een beslissing en een plan maken. Als je houdt van analyseren, samenwerken en mensen begeleiden naar een actievere leefstijl, dan is sportgeneeskunde een mooie keuze.
Verdieping in sportgeneeskunde
Voor artsen, verpleegkundige specialisten en physician assistants die zich verder willen verdiepen in dit vakgebied biedt Boerhaave Nascholing van het LUMC in de zomer van 2026 de nascholing sportgeneeskunde aan. De nascholing richt zich op actuele thema’s binnen de sport- en beweegzorg, zoals diagnostiek van sportgerelateerde klachten, belasting en belastbaarheid, en de inzet van bewegen als behandeling. Daarnaast sluit deze aan bij de groeiende behoefte aan medische professionals die sport en beweging kunnen inzetten als integraal onderdeel van zorg.
08-11-2024 - Veilig werken met straling schijnwerpers op ons stralingsonderwijs
Veilig werken met straling schijnwerpers op ons stralingsonderwijs
08-11-2024
Röntgenfoto’s, bestralingen en ingrepen: in ziekenhuizen wordt op verschillende manieren gewerkt met ioniserende straling, ook wel radioactieve straling genoemd. Al ruim een halve eeuw speelt Leiden een belangrijke rol in het opleiden van specialisten om veilig te werken met straling.
Veiligheid voor de patiënt en de zorgprofessional zelf staat hierbij op één. Het brede aanbod is uniek in Nederland.
Wie werken er in het ziekenhuis met straling?
Wouter Veldkamp, klinisch fysicus en opleidingsverantwoordelijke van de opleidingen Stralingsbescherming: “Er zijn veel verschillende zorgverleners die gebruikmaken van straling in hun werk in het ziekenhuis. Denk bijvoorbeeld aan radiologen die röntgenfoto’s bekijken of patiëntverrichtingen doen onder röntgengeleiding (doorlichting). Ook cardiologen, orthopeden en maag-, darm-, leverartsen kunnen gebruikmaken van röntgengeleiding. Aan de andere kant heb je nucleair geneeskundigen die werken met radioactieve stoffen. Deze worden bijvoorbeeld ingezet om te kijken of er uitzaaiingen zijn bij kanker, maar ook om de werking van een orgaan beter te bekijken. De afdeling radiotherapie werkt met patiënten die bestralingen ondergaan. Voor verschillende specialismen, bieden we verschillende cursussen aan.”
Wat is het belangrijkste doel van de opleidingen stralingsbescherming?
“Het belangrijkste doel is dat er veilig gewerkt wordt met straling, voor de patiënt én voor de zorgverlener zelf. Daarnaast is er aandacht voor wet- en regelgeving en natuurkundige en biologische kennis rond straling.”
De specialisten die met straling werken, zijn verplicht om een opleiding te volgen en hiervoor een diploma te halen. Het LUMC heeft de erkenning om de opleidingen Stralingsbescherming aan te bieden. Van meerdere opleidingen zijn we zelfs de enige aanbieder. In Leiden hebben we over een halve eeuw kennis en ervaring opgebouwd over straling. Het onderwijs begon bij het Interuniversitaire J.A. Cohen Instituut voor Radiopathologie en Stralenbescherming (IRS) en is eind vorige eeuw door verschillende afdelingen vanuit het LUMC verzorgd. Vandaar dat we een unieke positie op dit gebied hebben. De opleidingen bieden we aan via LUMC Boerhaave Nascholing, die postacademische nascholingen aanbiedt voor zorgprofessionals. Jaarlijks slagen ongeveer vierhonderd medisch specialisten voor de verschillende opleidingen.”
Wat zijn voorbeelden van beschermingsmaatregelen?
“Er zijn verschillende stralingsbeschermingsmaatregelen voor zorgverleners die werken met straling. Iets wat veel mensen misschien kennen, is dat wanneer er een röntgenfoto gemaakt wordt, de zorgverlener vaak achter glas in een bedieningsruimte gaat staan. Dit is loodglas dat bescherming biedt tegen de röntgenstraling. Ook zijn er loodschorten die professionals dragen en brillen met loodglas. Daarnaast hebben we schildklierbeschermers. De schildklier is namelijk relatief gevoelig voor straling. In de röntgenruimte zelf zitten loodflappen aan de behandelingstafel, is er een verplaatsbaar loodglas aanwezig dat met een arm aan het plafond bevestigd is en kan iemand achter een verrijdbaar loodglas staan. Bij radioactieve stoffen, kunnen professionals ook beschermende kleding en brillen dragen. Bijvoorbeeld om te voorkomen dat een radioactieve stof in de ogen komt.”
“Daarnaast kun je, waar het kan, afstand nemen van de patiënt. Hoe meer afstand, des te minder intens de straling wordt. Bij beeldvorming met röntgenstraling is het daarnaast belangrijk om goed te kijken hoe groot het gebied is dat je in beeld wilt krijgen. Een groter gebied, betekent ook meer straling waar je de patiënt aan blootstelt. Zo zal ook de gekozen richting van de röntgenbundel door de patiënt effect hebben op de patiëntdosis en zijn er allerlei instellingen op de apparatuur die we kunnen kiezen om de dosis verder te beperken. Een lagere dosis voor de patiënt betekent ook een lagere dosis voor de zorgprofessional. Tijdens de cursussen delen we zakkaarten met veiligheidsmaatregelen uit die deelnemers mee kunnen nemen. Zo hebben ze deze altijd bij de hand.”
Dat klinkt als veel stof dat cursisten moeten leren. Hoe maken jullie het een beetje leuk?
“Het is best droge stof inderdaad, maar gelukkig werken we samen met LUMC Boerhaave Nascholing die onderwijskundigen hebben die ons helpen om het onderwijs interactiever te maken. We geven meer werkcolleges, laten cursisten direct meedenken in de lessen en creëren animatievideo’s, bijvoorbeeld over hoe röntgenstraling werkt en hoe de straling wordt opgewekt. Daarnaast zijn we bezig met de ontwikkeling van een simulatieprogramma, in samenwerking met het ICTO team (ICT & Onderwijs). In het LUMC kunnen we namelijk practica geven waarbij met een röntgenapparaat gewerkt wordt, maar de opleidingen voor medisch specialisten bieden we door het hele land aan, ook op locaties buiten een ziekenhuis. Met een online simulatieprogramma kunnen deelnemers zo alsnog het praktische gedeelte oefenen. Het programma is nog in ontwikkeling, maar we hopen deze op korte termijn voor het eerst uit te proberen. Het mooie is dat we mensen in het LUMC-onderwijs hebben die dit kunnen maken. Dat maakt afstemming makkelijker en je hebt volledig in eigen hand wat je wilt ontwikkelen. We willen in de toekomst ook meer innovaties ontwikkelen en toepassen, bijvoorbeeld door de inzet van extra e-learnings, maar daar staan we nu nog aan het begin.”
Hoe wordt de kwaliteit van de opleidingen gewaarborgd?
“De overkoepelende coördinatie van de opleidingen valt nu onder de verantwoordelijkheid van klinisch fysici. Zij hebben verstand van veiligheid en kwaliteit van onderzoek en behandeling met straling en radioactieve bronnen die je aan patiënten kan toedienen. Zij weten ook veel van apparatuur, bijvoorbeeld röntgenapparatuur of bestralingsapparaten. Klinisch fysici zijn helemaal op de hoogte van de laatste ontwikkelingen op deze gebieden.
“Daarnaast is er de Boerhaave Commissie (kwaliteitscommissie) die ons adviseert en rapporteert aan de raad van bestuur van het LUMC. Iedere opleiding heeft apart een opleidingscommissie, en ook is er opleidingsoverstijgend de Begeleidingscommissie Opleidingen Medische Stralingsbescherming. Deze laatste commissie bestaat uit een vertegenwoordiging van artsen, klinisch fysici radiotherapie, radiologie en nucleaire geneeskunde, en een ambtenaar van het Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport. De Begeleidingscommissie begeleidt de opleidingen zowel wat betreft inhoud als organisatie en onderwijskwaliteit. Bovendien wordt de erkenning van de opleidingen iedere vijf jaar opnieuw aangevraagd bij de Autoriteit Nucleaire Veiligheid en Stralingshygiëne (ANVS). Daarvoor moeten we bij visitaties aantonen dat ons onderwijs van hoge kwaliteit is en innoveert.”
“Natuurlijk kijken we ook naar examenvragen. Er worden allerlei analyses gedaan op de diverse type vragen die worden ingezet bij de examens van de opleidingen. Bij opvallendheden, buigt de examencommissie zich hierover. En laten we de cursisten zelf niet vergeten. De feedback die zij geven, wordt geëvalueerd om de opleidingen nóg beter te maken. Dit zijn allemaal bouwstenen om de kwaliteit goed te borgen.”
8 november, de dag van de stralende beroepen
8 november 1895 is de dag dat Wilhelm Röntgen de röntgenstraling ontdekte. Daarom schuiven we vandaag alle stralende beroepen naar voren. In ons ziekenhuis zijn dit de afdelingen Radiologie, Radiotherapie en Nucleaire Geneeskunde. Op deze dag zetten we de collega’s van deze afdelingen in het zonnetje. Wereldwijd gebruiken de stralende beroepen deze dag om het werk binnen de stralende werkvelden te promoten, als een vitale bijdrage binnen de moderne gezondheidszorg. En als een mogelijkheid om het publieke bewustzijn van de medische beeldvorming en radiotherapie te vergroten.
24-08-2022 - Hoe om te gaan met antibioticaresistentie: ‘We kunnen antibiotica veel gerichter gebruiken’
Hoe om te gaan met antibioticaresistentie: ‘We kunnen antibiotica veel gerichter gebruiken’
24-08-2022
De toenemende antibioticaresistentie is een wereldwijd probleem. Om deze trend tegen te gaan, is het belangrijk dat we in ziekenhuizen verantwoord omgaan met het voorschrijven van antibiotica.
Om zorgprofessionals hierbij te helpen heeft LUMC-infectioloog Merel Lambregts in samenwerking met ABR (Antibioticaresistentie) Zorgnetwerk Holland West en Boerhaave Nascholing twee gratis e-learnings opgezet. “Vooral op het gebied van praktijkgerichte scholing is er nog een wereld te winnen”, vertelt ze.
Als een antibioticum (te) veel wordt voorgeschreven, kunnen bacteriën er ongevoelig voor worden. In West-Europa komt het steeds vaker voor dat antibiotica daardoor minder goed of zelfs helemaal niet meer werken. “Ziekteverwekkers vinden altijd wel weer een manier om de werking van een medicijn te ontwijken”, weet Lambregts. Veelvuldig gebruik van antibiotica kan volgens haar dan ook problemen veroorzaken. “Als bacteriën steeds resistenter worden tegen de antibiotica die we tot onze beschikking hebben, kunnen we straks op bevolkingsniveau de meest simpele infectieziekten niet meer behandelen.”
Gerichter voorschrijven
Vergeleken met landen in Zuid-Europa, valt het nog mee wat er in Nederland aan antibiotica wordt voorgeschreven. “We zijn hier traditioneel behoudender, maar ook in Nederland moeten we ieder antibioticum zo gericht mogelijk gebruiken. Daar is zeker nog winst te behalen”, vindt Lambregts. Volgens de infectioloog heeft dit vooral te maken met de vele factoren van het voorschrijfproces. “Je moet onder andere rekening houden met de ernst van de infectie, eventuele allergieën en de lokale epidemiologie. Heeft iemand bijvoorbeeld een lange tijd doorgebracht in India, dan is er kans dat bepaalde antibiotica niet goed werken”, legt ze uit.
Het beste voor de patiënt
In Nederland gaat het voorschrijven best goed. Al zijn er volgens Lambregts wel verbeteringen mogelijk. Bij het voorschrijven van antibiotica kiezen zorgprofessionals uit gevoel van veiligheid nu nog redelijk vaak voor middelen met een bredere werking dan nodig. “Zorgprofessionals willen altijd het beste voor de patiënt. Het voorschrijven van een bredere kuur lijkt op het eerste gezicht veiliger. Op zowel korte- als lange termijn zijn er echter nadelen. Een breder antibioticum heeft meestal meer bijwerkingen voor de patiënt. Daarnaast worden resistente bacteriën uitgeselecteerd, met als gevolg dat toekomstige infecties minder goed behandeld kunnen worden.”
Nog een groot winstpunt is het optimaliseren van antibiotica-allergie registraties. Uit onderzoek blijkt namelijk dat de meeste antibiotica-allergie registraties in Nederland onterecht zijn. “Ook hierbij kiezen we vaak voor zekerheid”, vertelt Lambregts. “Bij een vermoeden op een allergie doen we vaak al een registratie en schakelen we door naar een ander antibioticum. Dat lijkt een veilige keuze, maar hierdoor wordt onnodig voor een minder geschikt antibioticum gekozen. Het blijkt dan ook uit onderzoek dat antibiotica-allergie registraties vaak samengaan met meer artsenbezoeken, meer post-operatieve infecties, langere opnames en hogere gezondheidskosten.”
Op zoek naar het passende antibioticum
Hoe kun je als zorgprofessional dan zo optimaal mogelijk antibiotica voorschrijven? In het LUMC is er een antibioticacommissie die medewerkers ondersteunt bij het voorschrijven, onder andere met het antibioticaboekje. Toch blijft het een uitdaging om per patiënt een middel te vinden dat zowel de ziekte tegengaat, minimale bijwerkingen heeft en zo weinig mogelijk bijdraagt aan antibioticaresistentie.
Om haar zorgcollega’s uit te rusten met de juiste kennis heeft Lambregts samen met het ABR Zorgnetwerk Holland West en Boerhaave Nascholing de e-learnings Antibiotica voorschrijven in de tweede lijn en Antibiotica allergie opgezet. “Daarin hebben we een stappenplan opgenomen dat direct toepasbaar is in de praktijk”, vertelt ze. “Zorgprofessionals leren op die manier waar ze allemaal op moeten letten en welke keuzes ze kunnen maken op basis van de beschikbare informatie. Daardoor kunnen ze straks veel beter bepalen welk antibioticum het beste past bij de patiënt.”
Als een antibioticum (te) veel wordt voorgeschreven, kunnen bacteriën er ongevoelig voor worden. In West-Europa komt het steeds vaker voor dat antibiotica daardoor minder goed of zelfs helemaal niet meer werken. “Ziekteverwekkers vinden altijd wel weer een manier om de werking van een medicijn te ontwijken”, weet Lambregts. Veelvuldig gebruik van antibiotica kan volgens haar dan ook problemen veroorzaken. “Als bacteriën steeds resistenter worden tegen de antibiotica die we tot onze beschikking hebben, kunnen we straks op bevolkingsniveau de meest simpele infectieziekten niet meer behandelen.”
Werk je in de zorg en wil jij ook bijdragen aan het optimaliseren van het antibioticagebruik in Nederland? Volg dan de gratis geaccrediteerde e-learnings Antibiotica voorschrijven in de eerste lijn, Antibiotica voorschrijven in de tweede lijn en Antibiotica allergie.
16-02-2022 - LUMC Boerhaave Nascholing 70 jaar: uw partner voor medische nascholingen
LUMC Boerhaave Nascholing 70 jaar: uw partner voor medische nascholingen
16-02-2022
LUMC Boerhaave Nascholing bestaat in 2022 zeventig jaar en is daarmee de oudste postacademische onderwijs geneeskunde (PAOG)-instelling van Nederland. In die tijd hebben ze zich - als onderdeel van het LUMC - gespecialiseerd in het organiseren van kwalitatief hoogstaand en geaccrediteerd medisch onderwijs.
Het epicentrum van Boerhaave Nascholing ligt in het Poortgebouw-Noord. Wie daar nu langs de kantoorruimtes loopt, kan echter een speld horen vallen. Vanwege de coronamaatregelen werkt het personeel voornamelijk vanuit huis. “We hebben ‘onze verjaardag’ dus nog niet echt kunnen vieren”, vertelt managementassistent Lilian Zitter lachend via Microsoft Teams.
Dankzij jarenlange ervaring met het organiseren van nascholingen, cursussen en symposia weten de medewerkers van Boerhaave Nascholing precies wat ze moeten doen bij een nieuwe opdracht. “Het regelen of creëren van een (digitale) ruimte, het aanvragen van accreditatie, monitoring, werving, toetsing én evaluatie. Wij doen het allemaal”, vertelt Diana Hage, organisator nascholing. “Daarnaast adviseren we onze opdrachtgevers over accreditatie-eisen en onderwijsvormen. De opdrachtgever die de nascholing geeft, hoeft zich echt alleen maar op de inhoud te richten. Wij regelen de rest.”
Veranderingen in het onderwijslandschap
Diana (werkzaam sinds 1986) en Lilian (sinds 1992) lopen al een tijd mee in de wereld van medische nascholingen. “Vroeger organiseerden we echt grootschalige cursussen en congressen”, vertelt Diana. “Begin 2000 hadden we wel meer dan duizend aanmeldingen voor onze cursus Vorderingen en praktijk. Ongeveer een zesde van de Nederlandse huisartsenpopulatie kwam dan naar Leiden.”
De tijden zijn inmiddels veranderd. Door het toenemend aantal specialisaties op de arbeidsmarkt is de behoefte van deelnemers gewijzigd. Nascholingen zijn daardoor kleinschaliger, specialistischer en praktijkgerichter geworden. Ook is er meer vraag naar online- en ‘blended’ nascholingen. Ondanks deze verandering is de doelstelling bij het organiseren van een scholing altijd hetzelfde gebleven. “Naast het leveren van hoge kwaliteit, is onze kracht dat we opdrachtgevers altijd blijven ontzorgen. Wat de situatie ook is”, weet Diana.
Goed gevoel van de markt
Dr. Tony Poot is het daar mee eens. De afgelopen decennia heeft hij veel te maken gehad met Boerhaave Nascholing. Eerst als deelnemer, tegenwoordig ook als lid van de Boerhaave Commissie, voorzitter van de Stuurgroep Eerstelijnsgeneeskunde én coördinator van de kaderopleiding geïntegreerde eerstelijns Ouderengeneeskunde. “Van aanmelding tot nazorg, Boerhaave Nascholing regelt inderdaad alles. Door de combinatie van ervaring en hoge kwaliteit, heb ik echt het gevoel dat ik het organiserende deel uit handen kan geven. Dat is een erg prettige ervaring”, vertelt hij.
Boerhaave Nascholing heeft volgens Tony vooral een goed gevoel voor de markt. “Ze zijn goed op de hoogte van de behoeftes van de doelgroep(en), weten wat er speelt in de onderwijswereld en ze hebben nieuwe innovaties in het vizier. Door die combinatie weten ze welke nieuwe ideeën en innovaties succesvol toegepast kunnen worden in een scholing. Die adviezen zijn -vooral in deze digitale tijd- veel waard.”
De toekomst van medische nascholing
Het landschap van de medische nascholing staat volgens het lid van de Boerhaave Commissie nooit stil. “De afgelopen jaren is al het onderwijs in het LUMC vanwege corona noodgedwongen omgezet naar online. Ik verwacht dat we niet meer volledig terug gaan naar het oude. Dat heeft gevolgen voor de toekomst. Bij het aanbieden van een cursus mag het voor de deelnemer straks eigenlijk geen verschil maken of een cursus online, blended of fysiek wordt aangeboden. Daar ligt de komende jaren -ook voor Boerhaave Nascholing- vooral op het gebied van interactie een mooie uitdaging.”
“We hebben de afgelopen twee jaren een enorme transitie doorgemaakt. Twee derde van ons cursusaanbod hebben we weten te digitaliseren”, vertelt Lilian. Volgens haar heeft de digitalisering een direct effect op de werkzaamheden van Boerhaave Nascholing. “Voor een online cursus of nascholing gelden er strengere accreditatie-eisen dan voor een fysieke nascholingsactiviteit. Zo moeten wij kunnen aantonen dat deelnemers de gehele nascholing daadwerkelijk achter hun scherm zitten. Verder controleren wij of er voldoende interactie is -denk aan een chatfunctie en polling- en moet de kennisoverdracht getoetst worden. Om ervoor te zorgen dat onze opdrachtgevers en docenten optimaal voorbereid zijn, organiseren we desgewenst doorloopsessies. Eigenlijk zijn we drukker dan ooit met het ontzorgen van onze opdrachtgevers.”