Nieuwe Dreigingsmonitor: minder liquidaties, meer aandacht voor partnergeweld
Bedreigde burgemeesters, buitenlandse inmenging en partnergeweld: bewaken en beveiligen raakt aan uiteenlopende veiligheidsproblemen. De nieuwe Dreigingsmonitor brengt de ontwikkelingen en uitdagingen in kaart.
Het eerste exemplaar werd eind september in de boardroom van Wijnhaven overhandigd aan Ruud van Ginkel, voorzitter van het Kenniscentrum Bewaken en Beveiligen. Naast de auteurs waren professionals van het Openbaar Ministerie, de Koninklijke Marechaussee en de politie aanwezig. De onderzoekers van de Universiteit Leiden lichtten hun hoofdstukken toe en bespraken wat hun bevindingen betekenen voor de praktijk.
De monitor behandelt de dreigingsontwikkelingen in 2024 en 2025. Volgens hoogleraar Terrorisme en Contraterrorisme Edwin Bakker zijn de verschillende dreigingsfenomenen afzonderlijk beschreven, maar laten ze zich in de praktijk moeilijk van elkaar scheiden. Deze editie besteedt ook specifiek aandacht aan bedreigingen rond de opvang van asielzoekers, vanwege de impact op politiek en maatschappij.
Statelijke dreiging
Terrorismeonderzoeker Bart Schuurman schreef samen met Jelle van Buuren het hoofdstuk over statelijke dreiging. ‘Internationale conflicten werken door in Nederland. Zoals we eerder zagen met 9/11, zien we dat nu opnieuw’, zei Schuurman. Hij wees op de oorlog van Rusland tegen Oekraïne en het conflict tussen Iran, Israël en de Verenigde Staten, die hier hun weerklank hebben gehad.
Ook wees hij op de kwetsbaarheid voor drones en de inzet van zogenoemde wegwerpagenten: vaak jonge mensen die via Snapchat of Telegram worden geworven om opdrachten uit te voeren. Die werkwijze vertoont overeenkomsten met de rekrutering door criminelen. Om vast te stellen hoe de dreiging zich ontwikkelt, zijn systematisch verzamelde gegevens nodig. ‘Wat we hier nodig hebben, is zo goed mogelijke data.’
Dreiging in perspectief
Van Buuren benadrukte het belang van betrouwbare gegevens over een langere periode. Onderzoek naar soevereinen laat bijvoorbeeld zien dat slechts een klein aantal geweldsbereid en gevaarlijk is. De hele beweging als grote veiligheidsdreiging presenteren, doet volgens hem geen recht aan dat beeld. Ook bij complotdenkers helpen gegevens om incidenten in verhouding te zien. Hij verwees naar onderzoek waarin tussen 2019 en 2022 minder dan tweehonderd misdrijven werden gekoppeld aan mensen die in complottheorieën geloven. Vaak ging het om belediging en opruiing. ‘Er zijn een paar spraakmakende incidenten geweest, maar je moet het niet als een te groot gevaar zien. En dat zie je toch vaak gebeuren.’
Georganiseerde misdaad
Onderzoeker Stijn van ’t Land keek naar de ontwikkeling bij georganiseerde misdaad en zag een dalende lijn in het aantal liquidaties de afgelopen jaren. ‘Ook bij georganiseerde criminaliteit vraagt de interpretatie van cijfers om zorgvuldigheid. Explosieve aanslagen blijven een groot probleem, terwijl de omstandigheden waarin ernstige geweldsconflicten kunnen ontstaan nog aanwezig zijn. De cocaïnehandel is er nog steeds, net als de conflicten in de drugshandel. Als zo’n conflict oplaait, kan opnieuw zwaar geweld worden ingezet. Kijk naar het recente incident in Overasselt.’
Partnergeweld
Roy Hofkamp besprak partnergeweld, een onderwerp waarvoor de onderzoekers al in de eerste Dreigingsmonitor meer aandacht vroegen. ‘Dit is het meest dodelijke fenomeen met jaarlijks tientallen slachtoffers, vooral vrouwen. Inmiddels zijn er politieke en maatschappelijke initiatieven, maar de vraag is of die het aantal slachtoffers daadwerkelijk verminderen. Hoe kunnen die cijfers meer omlaag? Ik geloof dat het kan, door te letten op signalen, bij professionals, buren en familie.’
Bestuurders onder druk
Onderzoeker Ingrid Zeilstra onderzocht met Jelle van Buuren en Stijn van ’t Land bedreigingen tegen lokale politici en bestuurders vanwege plannen voor asielzoekerscentra. ‘Na een piek rond 2015 en een daling daarna namen die vanaf ongeveer 2024 weer toe. Burgemeesters waren het doelwit in circa driekwart van de onderzochte gevallen. Vaak bleef het bij woorden, maar in sommige gevallen was er een fysieke component, zoals een gps-tracker onder de auto van een burgemeester.’
Hoe sterk zulke bedreigingen beslissingen over asielopvang beïnvloeden, is overigens moeilijk vast te stellen. Van Buuren benadrukte dat bedreigingen tegen lokale politici en bestuurders zelden tot fysiek geweld leiden, maar de democratische rechtsorde wel ernstig kunnen ondermijnen. ‘Het zal niet snel een rustig veld worden.’
Onderzoeker Marieke Zomerdijk wees erop dat studies naar bedreigingen tegen politici uiteenlopende definities hanteren. In enquêtes telt soms alles mee wat iemand zelf als bedreigend ervaart. ‘Hebben we het wel over hetzelfde begrip?’ Haar onderzoek richt zich op een duidelijker afbakening en op de ontwikkeling van bedreigingen en incidenten.
Van onderzoek naar praktijk
Edwin Bakker benadrukt het verschil tussen de dagelijkse beveiligingspraktijk en het ritme van politiek en media. ‘Incidenten krijgen aandacht, van talkshowtafel naar talkshowtafel, en dan is het weer voorbij.’ Intussen blijven professionals werken aan dreigingen die minder zichtbaar zijn. Daarom blijven de onderzoekers oude en nieuwe dreigingsfenomenen volgen. ‘Niet alles wordt altijd erger, maar één ding weten we zeker: alles wordt altijd anders.’
Bij de ontvangst benadrukte Ruud van Ginkel de waarde van de samenwerking tussen wetenschap en praktijk. Het kenniscentrum wil de inzichten uit de monitor delen met professionals en bestuurders die beslissingen nemen over beveiliging en de inzet van capaciteit.
Daarnaast vroeg hij aandacht voor weerbaarheid en risicoacceptatie. ‘Hoe kunnen bestuurders omgaan met bedreigingen? Wat is risicoacceptatie en hoe maak je dat tastbaar?’ Van Ginkel ziet daar mogelijkheden voor verder onderzoek dat bestuurders en beveiligingsprofessionals kan helpen bij hun dagelijkse keuzes.