Universiteit Leiden

nl en

Een herinnering aan ons slavernijverleden

Karwan Fatah-Black, expert Nederlandse koloniale geschiedenis, schreef de tekst op een monument ter herinnering aan het slavernijverleden dat op 1 juli werd onthuld in Hoofddorp. De officiële afschaffing van de slavernij was 155 jaar geleden op 1 juli 1863. De jaarlijkse nationale herdenking van het Slavernijverleden op 1 juli is nog steeds geen officiële nationale herdenkingsdag.

Geen officiële spijtbetuiging

Kajsa Ollongren, minister van Binnenlandse Zaken, deed namens de regering een spijtbetuiging voor het slavernijverleden. Zij had het over diepe spijt, schaamte en berouw. De Rotterdamse burgemeester Aboutaleb en Jan Hamming, de burgemeester van Zaanstad pleitten eerder voor officiële excuses vanuit de Nederlandse regering. Die officiële excuses kwamen niet. Fatah-Black: ‘Veel mensen hopen ieder jaar dat de regering excuses zal maken. Volgens mij is het maken van excuses zo gewichtig dat het niet door een minister maar door het staatshoofd zou moeten gebeuren. Het is iets waar mensen op wachten en het zal er vast een keer van komen.

Slavernijmonumenten

Karwan: ‘1 Juli begint deel uit te maken van ons collectieve geheugen en wordt veel meer onderdeel van ons onderwijs. Het begint onderdeel te worden van de nationale identiteit en ons zelfbeeld. Er komen ook meer monumenten, voor gemeenschappen die slavernij met elkaar willen herdenken.’

‘Ik was bij de onthulling van een monument ter herinnering aan ons slavernijverleden in Hoofddorp. Het is daarmee de vierde stad met een monument. Ook daar wonen mensen die nazaten zijn van slaafgemaakten. De Gemeente Haarlemmermeer heeft geen direct verband met het slavernijverleden, maar de wethouder noemde wel dat op het moment dat er veel geld werd gestoken in de inpoldering van de Haarlemmermeer er om financiële redenen behoorlijk werd getreuzeld met het afschaffen van de slavernij. Dat zegt iets over de mentaliteit destijds.’

Structureel onderwijs over slavernij

‘We beseffen nog onvoldoende over hoe het koloniale verleden doorwerkt in het heden. Het zou goed zijn om daar meer over te praten in het Nederlandse onderwijs. Dat zou op een structurele manier moeten gebeuren, dan kun je ook de verschillende kanten van de geschiedenis belichten. Het is belangrijk om te begrijpen waarom er nog altijd Caraïbische delen van het Koninkrijk zijn en dat mensen uit Suriname geen nieuwkomers zijn, maar al heel erg lang deel zijn van de Nederlandse geschiedenis. Dit kan duidelijker maken waarom Nederland er vandaag de dag uit ziet zoals het er uitziet en hoe het verleden in het heden doorwerkt.’

Monument in Hoofddorp

‘De monumenten en herdenkingen die nu in tal van steden worden georganiseerd zijn een belangrijk deel van het groeiende bewustzijn over de koloniale wortels van de huidige tijd. Ik vond het daarom een grote eer dat de Gemeente Haarlemmermeer mij inschakelde bij het ontwikkelen van hun monument. Het ging zowel om de tekst op het monument als om de begeleidende tekst op een steen naast het monument. Op het monument zelf staat een spreuk van de initiatiefneemster van het monument, Elain Veldema: “Wat gebeurd is, is nog niet voorbij”.’

‘De gemeente wilde niet dat het een exclusief Surinaams-Nederlands monument werd, dus ik heb voor op het monument zelf gekozen voor het benoemen van meerdere momenten van afschaffing, eerst de slavenhandel, daarna op Sint-Maarten in 1848 gelijktijdig met de Franse afschaffing, vervolgens in Nederlands Indië en ten slotte in 1863 in Suriname en op de Caraïbische eilanden.

Voor de begeleidende tekst was het spannend om in weinig woorden een genuanceerde uitleg te geven die recht doet aan het extreme geweld, de historische context en de hedendaagse relevantie. Daar staat nu:

“Overal in Nederland zijn er nazaten van slaafgemaakte mensen te vinden. Tijdens de koloniale tijd, toen volkerenrecht en mensenrechten niet bestonden werden mensen met geweld de Nederlandse geschiedenis binnen gesleurd. Op plantages, in huishoudens en op schepen volgde vaak een kort en traumatisch leven.

Sinds de afschaffing van de slavernij in de hele wereld is afgekondigd wordt iedereen ter wereld vrij geboren. Niemand mag een ander nog in eigendom hebben. De afschaffing van de slavernij vormt een van de fundamenten van de mensenrechten. Toch is deze geschiedenis niet afgesloten. Ook nu leven er nog altijd mensen in moderne slavernij.”

Wederopstand door bevrijde slaven

‘In mijn eigen onderzoek zie je dat mensen die destijds uit de slavernij kwamen, heel veel belang hechtten aan het krijgen van een stuk grond. Waar dan ook, een deel van een oude plantage of in de stad. Omdat de slavernij echt een ontworteling was betekende het hebben van een stuk grond dat ze als vrije mensen zich konden gaan hechten aan een nieuwe plek. Het hebben van grondbezit en het kunnen doorgeven daarvan aan volgende generaties is erg belangrijk geweest voor deze mensen. Dat heeft allemaal problemen opgeleverd, grondbezit in Suriname is hopeloos versnipperd. Mensen uit Suriname klagen vaak over de boedelproblematiek en de bijbehorende familieruzies. In feite zijn al die restjes grondeigendom de verbinding tussen henzelf en het begin van de emancipatie van hun voorouders. In september verschijn hierover mijn boek Eigendomsstrijd.

Deze website maakt gebruik van cookies. Meer informatie