Universiteit Leiden

nl en

Instituut Biologie Leiden beoordeeld als excellent

Een externe visitatiecommissie heeft het Instituut Biologie Leiden (IBL) een voortreffelijke beoordeling gegeven. Op het gebied van onderzoekskwaliteit en relevantie voor de samenleving krijgt het IBL de hoogste score: excellent. Ook de stijging met vijf nieuwe vrouwelijke hoogleraren oogst lof bij de commissie.

World-class

De onderzoeksvisitatie van het IBL gaat over de periode 2011-2016. De commissie beoordeelde het IBL als geheel op de kwaliteit van het onderzoek, op de relevantie voor de samenleving en op levensvatbaarheid. De commissie schrijft in haar rapport onder de indruk te zijn van de algemene onderzoekskwaliteit, die ze ‘world-class’ noemt. Daarnaast is ze verrast door de vertaalbaarheid van het onderzoek, waarbij ze het IBL omschrijft als zeer relevant voor de samenleving. Tot slot scoort de levensvatbaarheid van het IBL zeer goed. De commissie is te spreken over de herstructurering van het instituut in de drie clusters Animal Sciences & Health, Plant Sciences & Natural Products en Microbial Biotechnology & Health, die interdisciplinariteit in de hand werkt.

PhD-programma

Ook het PhD-programma van het biologie-instituut ontvangt het label excellent. ‘Het PhD-programma blijkt goed georganiseerd en de geïnterviewde promovendi lieten uniform blijken uiterst tevreden te zijn over het programma’, aldus de commissie in het visitatierapport. Verder onderzocht ze de integriteit door stafleden en promovendi te interviewen. De commissie komt tot de conclusie dat de juiste maatregelen aanwezig zijn om integriteit in onderzoek te waarborgen. Als laatst kijkt het comité naar diversiteit en inclusiviteit en is blij verrast dat het aantal vrouwelijke hoogleraren van nul naar vijf is gestegen.      

‘Blij met de conclusies’

Herman Spaink, de wetenschappelijk directeur van het IBL, is erg blij met de conclusies van het rapport. ‘Op grond van de eerdere CWTS-citatieanalyse wisten we al dat we er wetenschappelijk zeer goed voorstonden, want die gaf aan dat we tot de top van de biologie-instituten van Europa behoren. Dit rapport bevestigt dat nu, net als dat het ons eigen beeld bevestigt dat ons onderzoek buitengewoon maatschappelijk relevant is. Voor een aantal aandachtspunten van het rapport hebben we inmiddels al grote vooruitgang geboekt. Bijvoorbeeld door de uitbreiding van de aanstelling van moleculair ecoloog Martijn Bezemer versterken we de samenwerking met het CML en Naturalis. En door de gedeelde aanstelling van theoretisch bioloog Roeland Merks samen met het MI wordt de capaciteit voor modelvorming binnen ons instituut nu zeer versterkt. Deze aanstelling geeft ook extra mogelijkheden voor samenwerkingen met het LIACS. Tot slot geeft de aanstelling van biologisch chemicus Nathaniel Martin grote mogelijkheden om ons werk aan antibiotica uit te breiden en in samenwerking met LIC en LUMC nog grotere kritische massa te geven.’

Het Standaard Evaluatie Protocol (SEP) beschrijft de doelstellingen en methodiek van de zesjaarlijkse evaluaties van het wetenschappelijk onderzoek dat aan de universiteiten en in de NWO- en KNAW-instituten wordt verricht. Het SEP vormt sinds de jaren 90 de kern van het stelsel voor kwaliteitszorg van onderzoek en heeft zijn grote waarde inmiddels bewezen. In 2013 is het SEP 2009-2015 geëvalueerd en door de VSNU, NWO en KNAW geheel herzien om het stelsel beter te laten aansluiten op de eisen die wetenschap en maatschappij nu stellen.

Deze website maakt gebruik van cookies. Meer informatie