Universiteit Leiden

nl en

‘Nee, ik vind mijn werk niet luguber’

Archeologe Hayley Mickleburgh heeft in Nederland al een paar keer de pers gehaald vanwege haar ongewone werk: lichamen in ontbinding bestuderen. Ze is zowel alumna als onderzoeker van de Leidse universiteit.

NEXUS 1492

Mickleburgh, een Britse die sinds ze 6,5 is in Nederland woont, doet mee in het Leidse mega archeologie-project NEXUS 1492 van archeologe Corinne Hofman: het ‘herschrijven’ van de Caribische geschiedenis vanuit het perspectief van de Amerindianen (de indianen van Noord- en Zuid-Amerika). Hofman kreeg er 15 miljoen EU-subsidie voor. Mickleburgh onderzoekt aan lichamen die ontbinden in de open lucht en in begraven toestand wanneer het zachte weefsel verdwijnt en hoe het skelet uit elkaar valt. Is dat anders als een lichaam liggend op de rug ontbindt dan wanneer het proces van decompositie (de wetenschappelijke term) plaatsvindt bij een zittend of op de zij liggend lichaam? En in welke volgorde valt het skelet uiteen?

Dr. Haley Micklenburgh

Ligging kan veel leren

‘Dit is een voor het NEXUS-project relevante vraag’, vertelt ze. ‘We moeten meer te weten komen over de ligging van de skeletten die we bij opgravingen vinden. Liggen die zoals ze begraven zijn of is er later nog mee gemanipuleerd. Het kan ons veel leren over bijvoorbeeld begrafenisrituelen.’ Tegelijkertijd onderzoekt ze hoe het decompositieproces verloopt onder verschillende omstandigheden. Gaat het anders bij een begraven dan bij een niet-begraven lichaam?

Body Farm

Mickleburgh doet haar onderzoek op een speciaal voor dit doel ingerichte openluchtlaboratorium, een zogenoemde Body Farm, in Texas. Daarvan zijn er maar zeven in de wereld, zes in de VS en een nieuwe in  Australië. ‘In de funeraire archeologie (die dood, rouw en de begrafenis betreft-red.) was er al langer vraag naar experimenteel  onderzoek’, zegt Mickleburgh. ‘Het zou zoveel vragen kunnen beantwoorden.’

Jong en vrouw

Afgezien van het feit dat het onderzoek op zich al tot de verbeelding spreekt, springt Mickleburgh extra in het oog omdat ze vrouw is, en jong. Miljoenen mensen zijn gek op thrillers en detectives maar slechts weinigen zouden daadwerkelijk met hun neus bovenop de lijken willen staan die in die boeken overal opduiken. ‘Nee, ik vind het niet luguber of griezelig wat ik doe. Ik heb geen moeite met de aanblik en de geur. Dat komt voor een groot deel omdat het altijd om mensen gaat die hun lichaam ter beschikking hebben gesteld van de wetenschap, en ook hebben ingestemd met dit specifieke onderzoek. Als dat anders was, zou het ook voor mij anders zijn.’ Het onderzoek raakt inderdaad aan dat van patholoog-anatomen. ‘Ze zijn zeker geïnteresseerd in wat wij doen. Maar zij zijn meer gewend aan het werken met lichamen in de eerste periode na overlijden, en niet zozeer met geskeletteerde lichamen.’

Naam: Hayley Mickleburgh (1984)
Studie: Archeologie van Indiaans Amerika
Studievereniging: Catena (plm. 1,5 jaar)
Favoriete plek in Leiden: ‘De binnenplaats van het Reuvensgebouw. Studenten en medewerkers lunchten er samen en we barbecueden er ook. Er was veel gezelligheid.’

Haley Mickleburgh doet veldwerk op St. Eustatius voor haar promotie-onderzoek (2011)

Belangstelling voor bio-archeologie

Als Mickleburgh over haar studie en het vervolg daarop vertelt, blijkt dat haar pad naar dit type onderzoek voerde. Ze studeerde af in de archeologie van Indiaans Amerika en had daarbij een bijzondere belangstelling voor de bio-archeologie. Dat was toen nog geen Leids archeologisch specialisme dus volgde ze cursussen bij de Leidse forensisch antropoloog George Maat en aan de Texas State University. Na haar studie in Leiden begon ze aan een tweejarige master Forensic Science in Amsterdam. Die opleiding maakte ze niet af omdat NWO al na een half jaar haar aanvraag voor NWO-Toptalent promotie-onderzoek in de archeologie honoreerde. Later volgde ze onder meer een cursus forensische gezichtsreconstructie in Groot Brittannië. Mickleburgh studeerde af op gebitsslijtage en pathologie in pre-koloniale Amerindianen uit het Caribische gebied, met als doel het dieet en veranderingen daarin door de tijd in kaart te brengen.

Nieuw model voor interpretatie van skeletmateriaal

Aan het einde van haar promotie traject kreeg Mickleburgh een korte aanstelling als onderzoeksassistent bij Corinne Hofman. Nadat die haar grote EU-subsidie kreeg – en in Nederland ook nog een Spinozapremie van 2,5 miljoen -  kreeg Mickleburgh bij haar voor negen maanden een aanstelling als projectmanager gedurende de grant-agreement-fase. Toen het project begon werd Mickleburgh postdoc onderzoeker, en ontwikkelde  ze een voorstel voor experimenteel onderzoek naar  de ontbinding van het lichaam en het uiteenvallen van het skelet. Dat moet uitmonden in een nieuw model voor de interpretatie van archeologisch graven. Dit onderzoek bracht haar naar de Body Farm in centraal Texas. ‘De facilteiten daar zijn heel goed, en ook het ethisch traject is in orde. Het duurde ongeveer anderhalf jaar voor ik toestemming kreeg.’

Ook onderzoeksgegevens verwerken

Op de Body Farm in Texas

Mickleburghs onderzoek vereist geen continue aanwezigheid in Texas. Daarom speelt ze ook een rol in de verwerking van de vele onderzoeksgegevens die de opgravingen in het NEXUS-project opleveren. Dat doet ze in Leiden. Met haar partner, ook archeoloog, woont ze in Leiderdorp, waar ze in juni haar eerste kind kreeg.

Ook contacten buiten de faculteit

Haar studietijd was voor Mickleburgh precies wat het zijn moest: een bijna perfecte coming of age-periode van ontwikkeling en vriendschappen sluiten. Eigenlijk had ze genoeg aan deFaculteit der Archeologie. Het lidmaatschap van Catena, samen met andere archeologiestudenten, bleek eigenlijk overbodig; bij de faculteit, waar een sterke onderlinge betrokkenheid tussen studenten en staf heerst, vond ze alles. Ze verklaart die onderlinge verbondenheid mede uit de veldwerkperiodes – in haar geval een aantal maanden in het Caribisch gebied – waarin staf en studenten intensief met elkaar optrekken ten dienste van de wetenschap. Daarbij was ze actief in het Precolumbiaans dispuut Johan de Laet en in de algemene archeologische studievereniging Terra. Dit alles wil ook weer niet zeggen dat ze haar neus nooit buiten de faculteit stak: ze volgde ook bijvakken bij literatuurwetenschap, en onderwijs in de Indiaanse talen Maya en Nahuatl en ook daar vond ze medestudenten met wie het klikte. Bovendien ze werkte veel in de horeca, wat ook zorgde voor een sociaal leven buiten de archeologie.

De mens is geïnteresseerd in zichzelf

‘Wat het belangrijkste is dat ik in Leiden heb geleerd? Naast de praktijkervaring is dat een zeer brede, open kijk op het onderzoek van het verleden van de mens. Het vak kent tientallen specialismen, gemêleerd alfa-, bèta- en gamma, en samen vormen ze “de archeologie”. De rode draad daarin is de continuïteit van mensen uit het verleden naar de mensen van nu; onze archeologische interpretaties zijn ook voor het nu van belang, in politiek, sociaal en cultureel opzicht. Zo tonen we het belang van het behoud van cultureel erfgoed aan. Het is niet voor niets dat archeologie zoveel mensen intrigeert. Ze zijn geïnteresseerd in zichzelf als individu maar ook in de mensheid als geheel en in de tijdsdiepte van menselijke samenlevingen. Wij vertellen hun verhaal.’

(CH)