Universiteit Leiden Universiteit Leiden

Nederlands English

Een sprinter is een stoptrein zonder wc

Afgelopen februari won dr. Ronny Boogaart, universitair docent bij het LUCL, de LOT Populariseringsprijs voor zijn boek 'Een sprinter is een stoptrein zonder wc' tijdens het Taalgala 2016. Dat is een mooie prestatie, maar wat draagt het boek verder bij aan de taalwetenschap?

Leg het boek eens in twee zinnen uit.

Taal is eigenlijk een constante keuze uit mogelijke formuleringen, en die keuzes sturen de lezer of luisteraar in een bepaalde richting. Spreken is kiezen, en kiezen is sturen. Veel dingen die letterlijk iets betekenen, betekenen in de praktijk iets anders. Dat is in het kort waar het over gaat. Een van de voorbeelden die ik aanhaal is de “meer of minder” speech van Geert Wilders. Als je het letterlijk bekijkt, is  die uiting van Wilders een simpele vraag. Maar is het eigenlijk wel een vraag? Het is een voorbeeld van hoe de spreker verantwoordelijk is voor de richting waarin hij of zij een gesprek stuurt.

Wat voegt het boek precies toe aan de taalwetenschap? Wat zijn de belangrijkste implicaties?

Taalwetenschap gaat vaak over de vorm van taal, hoe dingen in taal gecodeerd zijn. Mijn boek gaat over hetgeen juist niet in taal gecodeerd is, wat in de taalwetenschap ‘pragmatiek’ wordt genoemd. Het staat stil bij wat je allemaal nodig hebt om begrepen te worden, en dat zit vaak niet in de letterlijke betekenis van taal. Je zou kunnen zeggen dat het gaat over het verschil tussen taal en communicatie, en de tegenstelling tussen vorm en structuur tegenover context en situatie. De dingen die ik bespreek zijn misschien minder tastbaar, maar ze zijn cruciaal om te begrijpen hoe communicatie werkt.

Een van de dingen die naar voren komt is de Matthijs van Nieuwkerk-conditioneel. Wat is dat?

Het is een conditionele constructie waaraan je eigenlijk niet ziet dat het een conditioneel is. In plaats van “Stel je voor, ik hou van kinderporno” zegt Van Nieuwkerk “Ik hou van kinderporno.” Je hebt dan geen aanwijzing dat de vraag over een hypothetische situatie gaat. Het is hier en nu. Zo krijg je tijdens een interview soms hele interessante reacties van mensen, omdat ze het zien als werkelijkheid, maar dat is het niet.

Komt dit terug in de colleges?

Zeker. Het zijn eigenlijk ook al colleges, of beter gezegd, ik heb de dingen uit het boek al in colleges behandeld. Het is juist het resultaat van colleges, eigenlijk. Misschien is het een soort afsluiting, het is het resultaat van jaren onderwijs . Nu kan ik weer op zoek naar andere constructies. Daarnaast houd ik me samen met andere taalkundigen uit België en Nederland bezig met het actualiseren van de Algemene Nederlandse Spraakkunst, dat is voor het laatst gedaan in 1997. En ik ben altijd op zoek naar  grammatica ‘in het wild’: foto’s maken van interessante grammaticale constructies die ik tegenkom en dan uitleggen wat er precies aan de hand is.

---

Een sprinter is een stoptrein zonder wc, De sturende kracht van taal is verkrijgbaar via Amsterdam University Press