Universiteit Leiden Universiteit Leiden

Nederlands English

Vrouwtjesvogels zingen veel vaker dan gedacht

Bij 71% van alle onderzochte vogelsoorten zingen ook de vrouwtjes. Dit is opmerkelijk omdat dankzij Darwins evolutietheorie vogelzang wordt beschouwd als eigenschap van de mannetjes om vrouwtjes te lokken in competitie met andere mannetjes. Dit publiceerde de Leidse biologe Katharina Riebel samen met een internationaal team op 4 maart in Nature Communications.

Bericht aan Darwin: Vogelzang draait niet alleen om seksuele selectie

Het team onderzocht alle beschikbare literatuur over zang bij vrouwtjeszangvogels. Dat resulteert in de eerste wereldwijde survey en het eerste onderzoek naar zang bij vrouwtjes van primitieve zangvogelsoorten.  Met een genetische databank bracht het team de eigenschappen en evolutie van deze vrouwtjeszangvogels in kaart. Uit de analyse blijkt dat de voorouders van moderne zangvogels in allebei de sekse zang gehad moet hebben. De Leidse biologe Riebel stelt: ‘De redenen voor het ontstaan van vogelzang is daarom misschien niet alleen voor seksuele selectie en competitie tussen mannetjes, zoals Darwin suggereerde. Maar wellicht speelt seksuele en sociale selectie bij vrouwtjes ook een rol: door zang konden zowel mannetjes als vrouwtjes meedingen naar middelen die nodig zijn voor overleving en voortplanting.’

Veel vrouwtjesvogels zingen óók zoals ze gebekt zijn

De huidige opvatting is dat de concurrentie om partners heeft geleid tot de evolutie van felle kleuren en luide zang van de mannetjes en de grote sekseverschillen in het brein. De selectie voor het vermijden van roofdieren leidde tot relatief rustige vrouwtjesvogels met camouflagekleuren. Riebel: ‘Ons onderzoek bestrijdt dat deze visie algemeen geldig is door te laten zien dat a) zingende vrouwtjes zangvogels heel wijdverspreid zijn en b) vrouwtjes en mannetjes van de voorouders van alle moderne zangvogels allebei gezongen moeten hebben. Dat betekent, dat voorkeuren van vrouwtjes voor zingende mannetjes niet de eerste en of enige reden geweest kan zijn dat zang geëvolueerd is. Dit is een vertrekpunt voor alternatieve scenario’s, die tot nu in het onderzoek naar vogelzang buiten beschouwing gebleven zijn.’

Nieuwe onderzoeksvragen

Singing female Superb Fairywren (Malurus cyaneus)

De spannende vraag is nu hoe vrouwtjes in de loop van de evolutie blijkbaar herhaaldelijk hun zang kwijt geraakt zijn. Waarom stopten ze met zingen als ze het eerst wel deden? Zijn dan ook de verschillen in het brein tussen de sekse waarvoor zangvogels bekend staan, telkens weer ontstaan als de vrouwen hun zang kwijt raakten? Betekent dit dat de bijzondere aanpassingen voor zingen en vocaal leren in het vogelbrein en de onderliggende neuronale en moleculaire netwerken makkelijk uitgezet kunnen worden?’

Het team bestaat uit onderzoekers van:

Zie ook

Nature communications - Female song is widespread and ancestral in songbirds