Universiteit Leiden Universiteit Leiden

Nederlands English

Ritsart Plantenga

Duale promovendus/gast


Naam Mr. R.A. Plantenga
Telefoon +31 70 800 9589
E-mail r.a.plantenga@fgga.leidenuniv.nl

Werktitel proefschrift: 'Regelnaleving en de beleving van regeldruk'. Participeert als duale promovendus in het programma van Leiden University Dual PhD Centre The Hague.

Meer informatie Ritsart Plantenga

Ritsart Plantenga, voormalig hoofd HBO-Rechten opleidingen bij de Academie voor Bestuur, Recht en Veiligheid van De Haagse Hogeschool doet onderzoek naar het fenomeen “Regeldruk”. Hij maakt een analyse van het verband tussen regelnaleving en de beleving van regeldruk. Hij onderzoekt hierbij het effect van procedurele rechtvaardigheid, vertrouwen en sancties op zowel de nalevingsbereidheid als op de beleving van regeldruk.

Autoriteiten trachten met regels wenselijk gedrag te bevorderen. Zij gaan er hierbij veelal vanuit dat mensen zich in hun nalevinggedrag laten sturen door straffen en beloningen en stellen een sanctie op niet-naleving. Vervolgens wordt de gestelde norm uitgevoerd en gehandhaafd. Regels van autoriteiten dienen nageleefd te worden maar mensen blijken hier, ondanks sancties en handhaving, niet altijd toe bereid. Regels die niet nageleefd worden hebben niet het gewenste effect en het is voor de autoriteit van groot belang om te weten welke factoren de regelnaleving beïnvloeden. Regulerend optreden kan, naast gewenste, ook ongewenste effecten hebben. Mensen kunnen regulering ervaren als overbodig, tegenstrijdig, onduidelijk, omslachtig of betuttelend. Soms deelt men de norm niet die in een regel gesteld wordt of ziet men, in een woud van regels, door de bomen het bos niet meer. Bovendien kan naleving veel tijd en geld kosten doordat men de autoriteit steeds weer informatie moet verschaffen. Dit neemt de (on)nodige administratieve rompslomp met zich mee. Mensen kunnen de regulering dan als onredelijk belastend ervaren, als een ongewenste druk, als regeldruk. Regeldruk is geen vastomlijnd begrip en is vaak verweven met andere onderwerpen zoals bureaucratie, administratieve lasten, nakomingkosten, regelzucht, bestuurlijke drukte of irritatie. Er is dan ook geen overeenstemming over de juiste definitie en invulling van dit begrip. De term regeldruk heeft wel steeds een negatieve lading. Het wordt opgevat als een ongewenst gevolg van regulering, dat zo veel mogelijk beperkt dient te worden.

De overheid gaat er van uit dat de samenleving veel tijd en geld kwijt is aan de ongewenste gevolgen van regulering (normstelling, uitvoering en handhaving). Regeldruk remt de economische groei en is verantwoordelijk voor minder effectieve regulering. Al meer dan dertig jaar heeft het terugdringen van regeldruk voor haar dan ook een hoge prioriteit en streeft zij naar minder overheidsbemoeienis, minder beleidsvorming, minder regels, minder ambtenaren, minder overheidsorganisaties, efficiëntere regelgeving met minder lastendruk en meer aanspraak op zelfregulerend vermogen van krachten uit de samenleving. Zij heeft haar vizier hierbij voornamelijk gericht op de kwaliteit van regelgeving en het terugdringen van, in financieel-economische opzicht meetbare, onwenselijke gevolgen van naleving.

Het ervaren van regeldruk blijkt echter een hardnekkig probleem. De overheid claimt regeldruk daadwerkelijk te verminderen maar na alle concrete acties van de opeenvolgende kabinetten, de politiek, ambtelijke commissies, werkgroepen, onderzoekers, adviesorganen en belangenorganisaties neemt regeldruk, in de beleving van de samenleving, niet merkbaar af. Kennelijk is er nog te weinig beeld op factoren die de beleving van regeldruk beïnvloeden. In de literatuur wordt een verband gelegd tussen de bereidheid om een regel na te leven en de beleving van regeldruk. Welk verband dit is wordt echter niet duidelijk.

Dit onderzoek richt zich op de analyse van deze relatie. Sinds onderzoek in de jaren 80 van de vorige eeuw aantoonde dat naleving van wetten eerder door de procedurele rechtvaardigheid dan door sancties bepaald wordt (Tom Tyler, 2006) is er veel onderzoek gedaan naar de invloed van de procedurele rechtvaardigheid op het nalevinggedrag van de mens. Als autoriteiten mensen eerlijk, onbevooroordeeld en met vertrouwen en respect behandelen zijn mensen eerder bereid om met deze autoriteiten samen te werken, hun beslissingen te aanvaarden en hun regels na te leven (Murphy & Tyler, 2008). Naast de procedurele rechtvaardigheid blijkt het vertrouwen in de motieven van de autoriteit hierbij een bepalende factor te zijn (De Cremer & Tyler, 2007).

Met experimenteel onderzoek wordt er een antwoord gezocht op de vraag welk effect procedurele rechtvaardigheid, vertrouwen en sanctie hebben op de beleving van regeldruk en welke samenhang er hierbij is tussen de beleving van regeldruk en de nalevingbereidheid.

Geen relevante nevenwerkzaamheden