Universiteit Leiden

nl en

Nieuwe ruimtewedloop zet oude afspraken onder druk

De ruimte is van iedereen en alleen voor vreedzaam gebruik, maar militaire ambities, commerciële projecten en grondstofwinning zetten die principes onder druk. Tanja Masson-Zwaan, universitair docent internationaal lucht en ruimterecht, zegt in het Parool dat het hoog tijd is het Verdrag uit 1967 verder uit te werken.

Volgens Masson-Zwaan is het uitgangspunt helder: niemand mag de ruimte, de maan of andere hemellichamen claimen. Dat is vastgelegd in het Ruimteverdrag van 1967, dat door 118 landen werd ondertekend en decennialang zorgde voor vreedzaam gebruik van de ruimte. Maar sinds die tijd is de ruimte ingrijpend veranderd. Er cirkelen tienduizenden satellieten rond de aarde met kans op botsingen en ruimtepuin. ‘Staten blijven volgens het Verdrag echter verantwoordelijk en aansprakelijk wanneer er iets misgaat.’

Door grote commerciële spelers als SpaceX, Blue Origin en Boeing is er inmiddels een nieuwe werkelijkheid ontstaan. ‘Die bedrijven zitten achter geld aan en willen steeds meer en groter en beter’, aldus de ruimterechtdeskundige. 

Tegelijk groeit het strategische belang van de ruimte. De NAVO beschouwt de ruimte inmiddels als militair domein en landen investeren in eigen satellieten. Ook China maakt snel tempo met plannen voor maanlandingen en grootschalige ruimte-infrastructuur.  Daarentegen zijn er inmiddels ook landen die anti-sateliettesten doen.

Om al deze redenen is het volgens Masson-Zwaan, noodzakelijk om het internationale ruimterecht te moderniseren, om te voorkomen dat de ruimte verandert van gemeenschappelijk domein in een nieuw strijdtoneel.

Meer weten?

Lees het volledige Parool-artikel (€)

Deze website maakt gebruik van cookies.  Meer informatie.