Universiteit Leiden

nl en

Pleger en slachtoffer? Huiselijk geweld is vaak complexer dan dat, en dat maakt de juiste hulp bieden uitdagend

Binnen het SaFe Home-onderzoek werken verschillende hulporganisaties in Leiden samen in de behandeling van huiselijk geweld, met aandacht voor psychologische ondersteuning. GZ-psycholoog en onderzoeker Marie-Louise Kullberg was projectleider. ‘Zeker rondom huiselijk geweld zouden we meer geïntegreerd moeten behandelen.’

Marie-Louise Kullberg deed als postdoc onderzoek naar de haalbaarheid van een geïntergreerde behandeling bij huiselijk geweld. ‘Bij huiselijk geweld is er vaak een kort tijdsbestek waarin ouders gemotiveerd zijn voor behandeling, je moet het ijzer smeden als het heet is’

Een man die in woede-uitbarstingen zijn vrouw door elkaar schudt of een gefrustreerde moeder die na een paar biertjes haar kinderen een klap verkoopt. Het gebeurt, maar in veel meer gevallen is er bij huiselijk geweld niet zo klip-en-klaar sprake van een ‘dader’ en ‘slachtoffer’, zegt Marie-Louise Kullberg, onderzoeker bij de afdeling Klinische Psychologie en traumatherapeut bij het Leids Universitair Behandel- en Expertise Centrum. ‘Veel vaker is er een dynamiek waarin mensen elkaar triggeren en er over en weer geweld ontstaat,’ vertelt ze. ‘Dat maakt behandeling ook lastig; er is niet altijd direct helder wat er nodig is om het geweld in een gezin te stoppen.’

Systemische blik

Bij die systemische blik, waarin huiselijk geweld wordt gezien als het resultaat van een vastlopende gezinsdynamiek, hoort ook een systemische aanpak. Maar hoe werkt dat precies in de praktijk? En tegen welke obstakels lopen hulpverleners en gezinnen aan? Dat onderzochten Kullberg en haar collega’s in SaFe Home, een onderzoeksproject waarin verschillende Leidse jeugdhulp-, en GGZ-organisaties een gezamenlijk behandelplan opstellen en uitvoeren. Geïnspireerd werden ze door het soortgelijke Amsterdamse initiatief Switch, dat effectief bleek. ‘In Amsterdam speelde Jeugdbescherming een centrale rol, in Leiden werkten we met meer verschillende instanties samen. Dat maakte het praktisch uitdagender.’

'Meestal is er in een gezin een dynamiek waarin mensen elkaar triggeren en er over en weer geweld ontstaat'

SaFe Home

Als er in een gezin sprake blijkt van huiselijk geweld, wordt nu vaak individuele hulp ingezet voor de kinderen. ‘Dat is meestal geen systemische aanpak en geen psychologische behandeling, maar meer gericht op praktische ondersteuning bij bijvoorbeeld de opvoeding, bedoeld om basale zaken weer op orde te krijgen,’ zegt Kullberg. ‘Daar zijn dan vaak veel hulpverleners bij betrokken: ambulante jeugdhulp, een GGZ-instelling voor het kind en ondersteuning vanuit het wijkteam.’ SaFe Home onderscheidt zich met een integrale aanpak voor het hele gezin, waarbij meer wordt gekeken naar de oorzaken en gevolgen van het geweld en, waar nodig, psychologisch wordt behandeld.

Gezinsplan

Vanaf 2023 zijn er twaalf gezinnen bij SaFe Home gestart, vanuit bijvoorbeeld Leidse vrouwenopvang Rosa Manus, de Jeugdbescherming of Veilig Thuis. Zo kort als mogelijk, maar zo lang als nodig, kregen ze hulp van verschillende instanties, op basis van een gezamenlijk samengesteld gezinsplan. Die hulp kon variëren van individuele therapie voor ouders en kinderen, bijvoorbeeld gericht op emotieregulatie, tot relatietherapie . 

Van alle markten thuis

Tijdens het traject onderzochten Kullberg en haar collega’s met vragenlijsten en interviews hoe zowel de gezinnen als de behandelaren het traject ervaarden en wat de obstakels waren die ze tegenkwamen. ‘Van tevoren hadden we verwacht dat mensen met veel traumaklachten kwamen, maar de klachten waren breed. Somberheid, angst, autisme, gedragsproblemen, middelengebruik. Behandelaren moesten echt van alle markten thuis zijn.’ De grote vraag aan het begin van elk traject was dan ook: waar te beginnen? ‘Vaak was het belangrijk dat ouders eerst hulp kregen, zodat zij ruimte in hun hoofd hadden om hun kind te ondersteunen.’

'Als ouders eerst zelf hulp kregen, hadden zij meer ruimte in hun hoofd om hun kind te ondersteunen'

Inspirerend

Verschillende instanties werkten samen in teams en hadden regelmatig overleg, soms met en soms zonder de gezinnen. Het jeugdteam voerde vaak de regie. ‘De behandelaren vonden het inspirerend om van verschillende disciplines te leren. Zelf heb ik van collega’s uit de forensische hoek geleerd om het over ‘plegers’ te hebben in plaats van ‘daders.’ 

Verschillende taal

Toch was het soms nog zoeken naar een gezamenlijke taal, wat af en toe voor misverstanden zorgde. ‘Bijvoorbeeld over wat we verstaan onder ‘gezinsgericht behandelen’. Betekent dat dat je aandacht hebt voor de kinderen in een traject, of dat je actief werkt met alle gezinsleden en bijvoorbeeld systeemtherapie geeft?’ Ook de term ‘regie’ betekende voor verschillende behandelaren iets anders. ‘Het kan betekenen dat je inhoudelijk bepaalt er wat gebeurt in een traject, of dat je de hulpverlening meer van bovenaf coördineert.’ Het spreken van dezelfde taal noemt Kullberg in haar onderzoek als één van de voorwaarden om SaFe Home succesvol voort te zetten. ‘Wat hierbij geholpen heeft, is dat het team vanuit eenzelfde visie getraind werd tijdens het project: de attachment-based family therapy. Dat gaf gezamenlijke visie en taal.’

Obstakels bij het opstarten

Andere uitdagingen zag ze vooral op organisatorisch gebied. ‘Bij GGZ-instellingen zit er vaak veel tijd tussen aanmelding, intake en behandeling. Terwijl bij huiselijk geweld problemen vaak acuut zijn; je wilt het ijzer smeden als het heet is.’ Zo liepen spanningen bij één gezin hoog op rond de kerstvakantie, maar was het LUBEC dicht tussen Kerst en Oud en Nieuw. ‘Daar was het beter geweest als hulp sneller was opgestart en dit gezin sneller een verwijzing had kunnen krijgen.’ Ook waren er veel stappen nodig om een traject van de grond te krijgen: aanmelding, formulieren invullen. ‘Dan kwamen we er soms achter dat ons aanbod toch niet passend was en er bijvoorbeeld eerst verslavingszorg nodig was, terwijl een gezin dan al een tijd heeft gewacht.’

'Ik zou willen dat we de zorg zo inrichten dat ouders niet meer bij verschillende loketten hoeven aan te kloppen'

Positieve ervaringen

Op dit moment worden er nog steeds gezinnen geholpen bij SaFe Home, maar de dataverzameling rondom Kullbergs onderzoek is afgerond. De Waag werkt samen met  Gemeente Leiden aan voortzetting van het initiatief, want zowel gezinnen als behandelaren zijn overwegend positief. ‘Niet in alle gezinnen is het geweld opgelost, maar alle gezinnen hebben wel stappen gezet.’ 

Geweld op gezinsniveau aanpakken

Kullberg pleit er dan ook voor dat een geïntegreerde aanpak, met psychologische behandeling, een standaard aanpak wordt bij huiselijk geweld. ‘Op lokaal niveau hoop ik dat SaFe Home kan worden doorontwikkeld en dat er meer gezinnen in de regio worden geholpen,’ zegt ze. ‘Breder zou ik willen dat we de zorg rondom huiselijk geweld zo inrichten dat we beter in en rondom gezinnen kunnen werken en dat zij niet meer bij verschillende loketten hoeven aan te kloppen. Dat we echt op de inhoud kunnen werken en de gevolgen van geweld op gezinsniveau kunnen aanpakken.’ 

SaFe Home is gefinancierd vanuit het ZONMw-programma ‘Wat werkt voor de jeugd’ en tot stand gebracht in samenwerking met Rosa Manus, De Waag, LUBEC Volwassenenzorg en Kind&Jeugd en de Gemeente Leiden. Hoofdonderzoeker was professor Maartje Schoorl.

Deze website maakt gebruik van cookies.  Meer informatie.