Universiteit Leiden

nl en

Hoe we kindergezichten lezen

Hoe mensen gezichten verwerken en erop reageren, verschilt per persoon. Temperament, context en jeugdervaringen kunnen dit bijvoorbeeld sturen. Het onderzoek van Esther Heckendorf laat zien hoe vroege negatieve ervaringen met een opvoeder reacties op kindergezichten kunnen beïnvloeden. Promotie 17 april.

Mensen zijn sociale dieren: onze sociale interacties hebben grote invloed op ons geluk en welbevinden. Verschillende factoren beïnvloeden de effectiviteit van deze interacties, zoals verbale en non-verbale communicatievaardigheden. Je kunt bijvoorbeeld aan gezichten aflezen wat de emotionele toestand is van een ander aan de hand van (non-)verbale communicatie. Het helpt je hiernaast bij het herkennen van bekenden én verwanten. Als een gezicht erg op dat van jou lijkt, dan impliceert dat genetische verwantschap. De mate van gelijkenis beïnvloedt hoe je op de ander reageert.

Love withdrawal is een opvoedstrategie waarbij de liefde van de ouder afhangt van het gedrag en succes van het kind. Iemand keert z’n kind de rug toe als dit ongewenst gedrag vertoont, door niet tegen hem te praten, niet naar hem te luisteren of dreigen het kind te in de steek te laten. Als gevolg hiervan voldoet het kind aan de verwachting, omdat hij bang is voor verlating of het verlies van liefde van z’n opvoeder. Het regelmatige gebruik van love withdrawal hangt samen met symptomen van faalangst en een laag zelfvertrouwen.

Voor dit onderzoek zijn foto’s van kinderen zo bewerkt dat deze gingen lijken op de gezichten van de proefpersonen. Met fMRI is de hersenactiviteit gemeten. 'Ik heb onder meer ontdekt dat gezichten die op ons lijken, intensiever door het brein verwerkt worden dan gezichten die niet op ons lijken. Het gevonden verschil in hersenactiviteit tussen gezichten die wél en niet op ons lijken, was groter naarmate proefpersonen meer love withdrawal in hun kindertijd hadden ervaren.'

'Met dit onderzoek wilden we het inzicht in het samenspel tussen hersenen en gedrag vergroten. We wilden weten hoe gelijkenis van de proefpersonen met kindergezichten neurale reacties en negatieve en positieve reacties op kindergezichten kan beïnvloeden. Daarnaast wilde ik weten of verschillen in vroege negatieve ervaringen met opvoeders reacties op (de mate van) gelijkenis van kindergezichten beïnvloeden. Ik wilde dit weten omdat vroege ervaringen met opvoeders, onze ideeën vormen over relaties met anderen en onze reacties op belangrijke anderen, zoals familieleden, beïnvloeden.'  

Met behulp van breinonderzoek kunnen effecten van vroege negatieve ervaringen met opvoeders in kaart worden gebracht. Dit proefschrift draagt bij aan een beter begrip van hoe activiteit in de hersenen gerelateerd is aan gedrag, gedachten en gevoelens.

Lees de Nederlandstalige samenvatting “What’s in a child’s face?

Cover proefschrift What's in a child's face