Universiteit Leiden

nl en

Denkgereedschap voor het moeras

Fred Janssen vraagt zich af hoe je leerlingen en studenten kunt leren om grip te krijgen op complexe ‘moerassituaties’. Hij vertelt erover ter gelegenheid van zijn aanstelling als hoogleraar Didactiek van de Natuurwetenschappen bij het ICLON en de Faculteit Wiskunde en Natuurwetenschappen. Oratie op 19 juni 2017.

Fred Janssen is al 20 jaar betrokken bij het opleiden en professionaliseren van docenten. Hij geeft docenten vaak de volgende opdracht: Maak een top 3 van wat je het belangrijkst vindt om te onderwijzen. Maak daarnaast een top 3 van zaken waar leerlingen of studenten de meeste tijd aan besteden in je onderwijs.

Onderwijsdoelen

Bij de ideale top 3 noemen docenten vaak onderwijsdoelen als: zelf vragen leren stellen en antwoorden leren vinden, kwesties vanuit verschillende invalshoeken kritisch kunnen bekijken, leren wat je echt  belangrijk vindt en zelfstandig keuzes leren maken en daar ook verantwoordelijkheid voor nemen. Maar de top 3 activiteiten waar daadwerkelijk de meeste tijd aan werd besteed, zag er doorgaans heel anders uit. Daarin kwamen zaken terug als: luisteren naar uitleg, kijken naar demonstraties en vooral veel oefenen met het geleerde.

In het onderwijs wordt relatief veel aandacht besteed aan uitleg, demonstratie en oefening. Maar het zou mooi zijn als het onderwijs ook meer zou kunnen bijdragen aan het realiseren van die ‘hogere’ doelen. Janssen zal in zijn oratie proberen te verklaren waarom docenten niet vaker doen wat ze het belangrijkst vinden en waarom onderwijsvernieuwingen die zich richten op die hogere doelen vaak mislukken. En hij zal een oplossingsrichting voorstellen.

Met denkgereedschap door het moeras

Veel bestaand onderwijs bereidt leerlingen en studenten voor op het oplossen van zorgvuldig geconstrueerde puzzels en problemen. Terwijl de ideale onderwijssituatie leerlingen en studenten ook leert om grip te krijgen op ongestructureerde situaties, die Janssen ‘moerassen’ noemt.

Een voorbeeld van zo’n moerassituatie is de ‘plasticsoep’ in de oceanen. Het is een nieuw probleem dat niet opgelost kan worden als een puzzel. Je hebt er informatie voor nodig uit allerlei verschillende invalshoeken, van chemie tot geografie en van rechtsgeleerdheid tot biologie. Het is in dit geval niet alleen belangrijk om kennis van deze losse onderdelen over te brengen, maar om oplossingsgericht denken aan te leren.

Handnekkig verschil

Janssen denkt dat de verklaring voor het hardnekkige verschil tussen de ideale en bestaande situatie niet moet worden gezocht in de kwaliteiten van leerlingen of docenten. Hij wil laten zien dat het primair ontbreekt aan denkgereedschap voor leerlingen, studenten en docenten waarmee zij grip kunnen krijgen op complexe moerassituaties.

Met het juiste denkgereedschap kunnen docenten hun bestaande onderwijs relatief eenvoudig ombouwen tot onderwijs dat leerlingen en studenten zowel voorbereidt op het omgaan met moerassituaties als op het oplossen van puzzels en problemen.

De oratie vindt plaats op maandag 19 juni 2017 om 16.00 uur. U kunt zich aanmelden met het formulier in het agendabericht.

In het onderzoek van Fred Janssen draait het om de vraag hoe bètawetenschappers grip krijgen op complexiteit en hoe docenten vervolgens deze denk- en werkwijzen op een praktische en inspirerende wijze kunnen overbrengen. Janssen werkt sinds 1998 bij het ICLON en is in 1999 aan de Universiteit van Utrecht gepromoveerd op het proefschrift Learning Biology by Designing: Exemplified and Tested for Immunology'. Sinds 2014 is hij Teaching Fellow bij de Leiden University Teachers Academy.

Fred Janssen is ook betrokken bij de professionalisering van bètadocenten in het voortgezet onderwijs. Bij het Regionaal Steunpunt Leiden verzorgt hij professionaliseringsbijeenkomsten en is hij adviseur op het terrein van bètadidactiek.di