Universiteit Leiden

nl en

Leidse studenten in finale wereldkampioenschap debatteren

De Leidse studenten Floris Holstege en Lisa Schallenberg stonden op 3 januari in de finale van het Wereldkampioenschap debatteren. Dit wereldkampioenschap, dat sinds 1981 wordt georganiseerd, vond dit jaar plaats in Den Haag. In de Haagse Hogeschool streden bijna 400 teams uit 94 landen om de titel ‘wereldkampioen debatteren’. De finale werd gewonnen door een team uit Israël. Lisa en Floris werden wel allebei geroemd in de lijst beste sprekers van het toernooi, respectievelijk op de 11e en 5e plaats.

Het kampioenschap is opgedeeld in drie competities, vertelt Lisa Schallenberg. ‘Niet iedereen spreekt even goed Engels, dus zijn er drie competities waar je in strijdt - afhankelijk van je spreekvaardigheid in het Engels. Floris en ik zitten in de competitie ‘Engels als tweede taal’. Op 2 januari stond het duo in de kwart- en halve finale. ‘De kwartfinale hebben we gewonnen,’ vertelt Lisa, ‘maar de halve finale ging iets minder glansrijk. Gelukkig nog wel goed genoeg om door te mogen naar de finale.’

Hulpmiddelen verboden

De finale duurde anderhalf uur en net zoals bij de voorrondes kregen de teams een kwartier van tevoren de stelling te horen. Deze 15 minuten mochten de deelnemers gebruiken om zich voor te bereiden op het debat. Hulpmiddelen als encyclopedieën en het internet waren verboden.

Floris Holstege en Lisa Schallenberg
Floris Holstege en Lisa Schallenberg

Voorbereiding

‘Om ons voor te bereiden hebben we daarom de afgelopen tijd veel nieuws en achtergrondartikelen gelezen, zodat we kennis paraat hebben’, vertelt Lisa. De stellingen zijn allesbehalve simpel. Zo ging de kwartfinale over het financieel ondersteunen van politici in de Verenigde Staten die veel compromissen sluiten met tegenstanders. ‘Dat is natuurlijk een heel specifiek onderwerp’, zegt Lisa. ‘De organisatie doet dat expres in de kwartfinales, om zo het kaf van het koren te scheiden.’

Argumenten bedenken

Lisa, die politicologie studeert, heeft bij haar studie veel aan de ervaringen die ze opdoet bij het debatteren. ‘Als ik bijvoorbeeld een essay moet schrijven over een onderwerp waar ik ooit over heb gedebatteerd, kan ik makkelijk argumenten bedenken. Ik denk dat debat mij meer helpt met de studie, dan de studie helpt met debatteren.’