Universiteit Leiden Universiteit Leiden

Nederlands English

'Werken met studenten heb ik altijd het leukst gevonden'

Op 13 september 2016 wordt er een symposium en borrel georganiseerd ter ere van het afscheid van professor Rikki Holtmaat. Holtmaat was op 1 september jl. precies 31 jaar aan de universiteit verbonden. Wat is Holtmaat het meest bijgebleven van die tijd en wat zijn haar plannen voor de toekomst?

Wat hoopt/verwacht u van dit symposium?

Ik hoop dat de belangstelling voor een rechtstheoretische benadering van mijn vakgebied (het non-discriminatierecht) weer wordt aangewakkerd.

De titel van het symposium is: ‘From formal equality to transformative equality: the road to “other law” according to Holtmaat?’. Wat bedoelt u precies met other law?

Met dat begrip druk ik uit dat het niet genoeg is om mensen gelijke rechten te geven binnen het bestaande maatschappelijke systeem, waarin rechten en plichten op basis van ongelijke machtsverhoudingen zijn verdeeld. In plaats daarvan zullen andere of nieuwe rechten moeten worden ontwikkeld die recht doen aan de bijzondere positie van die groepen die tot nu toe niet op voet van gelijkheid hebben kunnen deelnemen aan de maatschappij.

Wat is u het meest bijgebleven van uw tijd bij de universiteit?

Op 1 september jl. was het precies 31 jaar geleden dat Titia Loenen en ik in een duobaan zijn aangesteld om het vak Vrouw en Recht te gaan doceren. Die begintijd was heel inspirerend en opwindend. We mochten het vakgebied helemaal ‘from scratch’ ontwikkelen. Er was in die beginjaren een levendig (internationaal) debat over feministische rechtstheorie. Na een lange periode waarin veel mensen dachten dat we nu wel klaar waren met de gelijkberechtiging van vrouwen, leeft die belangstelling de laatste jaren weer op. Het werken met studenten heb ik altijd het leukst gevonden, vooral omdat ik hoofdzakelijk aan buitenlandse studenten lesgaf. Daardoor kwam in mijn werkgroepen altijd een veelheid aan verschillende (culturele en juridische) perspectieven op de positie van vrouwen aan bod.

U bent op dit moment bezig met het maken van een alfabet van begrippen die in uw werk belangrijk zijn geweest. Kunt u hier een tipje van de sluier van oplichten?

Ik heb geen traditionele afscheidsrede geschreven, maar in plaats daarvan een aantal citaten verzameld uit boeken / artikelen die voor mijn eigen ontwikkeling heel belangrijk zijn geweest omdat ze mij een dieper inzicht in mijn vakgebied verschaften. Daarnaast heb ik uit mijn college-materiaal een aantal PowerPoint sheets geselecteerd die ik vaak gebruikt heb om kernpunten uit dat vakgebied uit te leggen aan studenten. Dat materiaal heb ik van trefwoorden voorzien en alfabetisch geordend. Lezers kunnen daar doorheen bladeren en zich zodoende een beeld vormen van de belangrijkste discussies binnen de feministische rechtstheorie in de afgelopen 30 jaar.

Op 1 juli jl. heeft de VN een ambassadeur aangesteld voor seksuele oriëntatie en genderidentiteit. Wat vindt u van deze ontwikkeling?

Dat is een heel goede zaak. Onderdrukking en uitsluiting van- en geweld tegen mensen die zich niet voegen in de dominante culturele en religieuze denkbeelden over wat ‘mannelijk’ of ‘vrouwelijk’ zou zijn en die aan andere dan heteroseksuele relaties de voorkeur geven is wijdverspreid in de wereld. Die discriminatie van homo’s, transgenders en interseksuele mensen heeft dezelfde oorzaak als vrouwenonderdrukking: in sommige culturen en godsdiensten wordt nog steeds niet geaccepteerd dat mensen zelf bepalen welke rollen ze willen vervullen in het leven en welke (seksuele) relaties ze willen aangaan. Iedereen die dat patriarchale, hetero-normatieve patroon afwijst, kan rekenen op repressie. Het is goed dat de VN dit – tegen conservatieve machtsblokken, zoals de Katholieke kerk en de Internationale organisatie van Islamitische landen, in – openlijk aan de orde durft te stellen.

U gaat zich in de aankomende periode richten op het schrijven van literair werk in plaats van wetenschappelijke publicaties. Kijkt u uit naar dit nieuwe hoofdstuk?

Jazeker. De laatste jaren voelde ik me als de ezel(in) tussen twee schelven: niet in staat om een keuze te maken tussen mijn juridische en mijn literaire werk. Ik mag me nu eindelijk helemaal overgeven aan het schrijven van mijn volgende boek.

Het is natuurlijk een heel andere insteek van schrijven. Wanneer ontdekte u uw liefde voor literatuur?

Als klein kind was ik al heel erg verslingerd aan lezen. Als tiener schreef ik – wie niet? – gedichten en verhalen (voor de schoolkrant). Daarna heb ik tot 1995 eigenlijk alleen juridische stukken geschreven. Maar al die jaren heb ik wel heel veel literair werk gelezen; tenslotte is dat de beste leerschool voor een schrijver.

In 1995 won u de verhalenwedstrijd van De Gids en sindsdien heeft u 4 boeken gepubliceerd. Wat kunnen we nog van u verwachten de aankomende tijd?

Ik hoop dat het me lukt om weer een roman te schrijven en er dan dit keer niet zo lang over te hoeven doen omdat ik als pensionado alle tijd van de wereld zal hebben.