Universiteit Leiden Universiteit Leiden

Nederlands English

Geliefde wierballen bedreigd

Niet iedereen denkt meteen aan algen, als het gaat over bedreigde soorten. Maar ook onder algen zijn er soorten die het moeilijk hebben, zoals Aegagropila linnaei. In het tijdschrift BioScience beschrijft Christian Bödeker de wereldwijde achteruitgang van deze soort. Hij pleit voor bescherming.

Omdat ze decoratief zijn, zijn wierballen geliefde aquariumplanten.

Groene soep

Veel mensen kennen algen alleen als de planten die uitstekend gedijen in verontreinigd water en daar een groene soep van maken. Maar er zijn dus ook algensoorten die het moeilijk hebben. De achteruitgang van veel soorten blijft onopgemerkt omdat slechts weinig mensen die algen kennen en weinig biologen er onderzoek aan doen.

Voetbal

Aegagropila linnaei kent meerdere groeivormen. De alg vormt draden die zich aan stenen en schelpen hechten of ze kunnen aaneenklitten tot matten die boven de bodem hangen. Maar het meest spectaculair is de groeivorm waarbij de alg ballen op de bodem van meren en plassen vormt. De ballen ontstaan op zandige, schuin aflopende bodems door de beweging van het water, in combinatie met specifieke vormkenmerken van de alg. De stugge draden met zijtakjes waaruit de algen bestaan raken makkelijk in elkaar verstrengeld, en als die kluwens over de bodem rollen worden ze rond. ‘De bollen kunnen zo groot als een voetbal worden’, vertelt Bödeker. ‘Maar ze groeien heel langzaam, hooguit één centimeter per jaar.’ 

Vindplaatsen

Het verspreidingsgebied van Aegagropila is groot: er zijn wierballen in Japan, IJsland, Zweden, Noordoost Duitsland, Oekraïne, Engeland, Ierland, enkele andere Noord-Europese landen en Noord Amerika. Vroeger waren ze ook in Nederland te vinden: in het Naardermeer en de Loosdrechtse Plassen (Noord Holland), De Wieden (Overijssel) en Zwarte Broek (Friesland). Maar de laatste 40 jaar zijn er geen meldingen meer. Bödeker is actief op zoek gegaan naar wierballen op de oude vindplaatsen in Nederland. Wierballen vond hij niet, wel de aangehechte vorm, die tot nu toe nooit in Nederland gevonden was. ‘Waarschijnlijk over het hoofd gezien’, zegt hij.

Watervogels

Maar overal in zijn verspreidingsgebied is Aegagropila dun gezaaid. Is hij dan zo kieskeurig? ‘Hij kan het goed doen in ondiep water dat voedselarm of matig voedselrijk is, rijk aan kalk en niet zuur. Al met al stelt hij geen heel speciale eisen. Maar ook op plaatsen die in principe geschikt zijn, is hij zeldzaam.’ Bödeker wijdt dat aan zijn slechte verspreidingsvermogen. Veel andere algensoorten verspreiden zich doordat draden of akineten (een soort sporen) aan de veren van watervogels plakken en meereizen van het ene naar het andere meer. Maar de draden van Aegagropila kunnen niet tegen uitdroging en hij vormt geen akineten. De alg heeft dus nauwelijks mogelijkheden om een nieuwe leefomgeving te bereiken.

Zeldzame verschijning

Aegagropila is bovendien een langzame groeier en daardoor een slechte concurrent voor andere algensoorten. Als hij al op een nieuwe plaats terechtkomt, heeft hij daar geen kans als er al andere soorten leven. De van nature al zeldzame verschijning is de laatste tientallen jaren ook nog eens hard achteruitgegaan. Bödeker inventariseerde herbariummateriaal, verdiepte zich in de literatuur en nam contact op met natuurbeschermers en waterbeheerders. Uit het verleden zijn wereldwijd ongeveer 300 vindplaatsen bekend, maar de laatste dertig jaar is Aegagropila nog maar op 100 plaatsen aangetroffen.

Aquariumhandel

Bödeker denkt die achteruitgang het gevolg kan zijn van het voedselrijker worden van het water. Daardoor zouden snelle groeiers een voordeel hebben, waardoor ze Aegagropila kunnen verdringen. Bovendien is voedselrijk water troebel en dringt er te weinig licht door op de bodem. De aquariumhandel baart hem minder zorgen: ‘Handelaars halen wel wierballen uit de natuur, maar voor zover ik kon achterhalen komen die allemaal uit één meer in Oekraïne. Dat is dus alleen daar een bedreiging.’

Nationaal symbool

Aegagropila linnaei is in Nederland al bijna een uitgestorven soort en op andere plaatsen in zijn verspreidingsgebied, loopt hij sterk terug. Er moeten beschermende maatregelen genomen worden op de plaatsen waar hij nog voorkomt, vindt Bödeker. ‘Algen zijn over het algemeen geen soorten waar mensen warm voor lopen, maar de wierballen mogen wel op aandacht rekenen en ze kunnen een boegbeeld zijn voor minder opvallende soorten. In Japan is de populariteit van de wierballen de redding voor Aegagropila. Hij is er een nationaal symbool en wordt daar goed beschermd.’