Universiteit Leiden Universiteit Leiden

Nederlands English

Boek

Creativiteit krijg je niet voor niks

'De gedachte dat competitie creativiteit bevordert klopt niet, bovendien werkt het omgekeerd. Zonder competitie meer creativiteit!' De Leidse psycholoog Carsten de Dreu schreef met Daniel Sligte het boek Creativiteit krijg je niet voor niks. Publicatie 20 april.

Auteur Carsten de Dreu
Datum

Carsten de Dreu over de psychologie van creativiteit in werk en wetenschap

Wat is creativiteit en wat is een creatief product? Kan je creativiteit meten en hoe zien de neuropsychologische processen eruit? ‘Creativiteit krijg je niet voor niks’ is een boek over de psychologie van creativiteit in werk en wetenschap. De Dreu is hoogleraar Sociale Psychologie van de Organisatie aan de Universiteit Leiden en Sligte was zijn promovendus aan de Universiteit van Amsterdam in 2013. Ze beschrijven onder meer sociale situaties die creativiteit bevorderen of juist belemmeren. Daarbij sneuvelen er mythes. De Dreu: ‘Dat je de beste ideeën onder de douche krijgt, is bijvoorbeeld flauwekul.'

Hoe is Creativiteit krijg je niet voor niks tot stand gekomen?

'Creativiteit en innovatie is een onderwerp waar ik al zo’n beetje mijn gehele wetenschappelijke loopbaan mee bezig ben. Soms heel intensief en vaak ook wat meer op afstand. Een paar jaar geleden ontstond de behoefte om al die kennis, opgeslagen in technische en nog erg gecondenseerde wetenschappelijke artikelen, samen te brengen in een toegankelijk overzicht. We kozen ervoor dit in een Nederlandstalig boek te doen, omdat er in Nederland eigenlijk geen goed overzicht is van de psychologische grondslagen van creativiteit. En in samenspraak met de Nederlandse Stichting voor Psychotechniek (NSvP), de opdrachtgever, besloten we ons vooral te richten op de dagelijkse creativiteit in werk en wetenschap, twee gebieden waar creativiteit en innovatie echt heel vaak het verschil maken.' 

Wat maakt creativiteit zo fascinerend en ongrijpbaar?

'Ik denk dat een creatief inzicht of een origineel idee voor iedereen fascinerend is. Het roept toch vaak bewondering op, het zet aan om er over na te denken, het ook zo te willen doen, om het toe te passen. En tegelijkertijd is het ongrijpbaar, omdat we het eindproduct zien maar het ontstaansproces niet. Vaak kunnen we dat ook zelf niet eens terughalen - het idee was er ineens!  Als wetenschapper is dat natuurlijk erg onbevredigend. Het was een intellectuele uitdaging om dat ongrijpbare proces te ontcijferen en stukje bij beetje te kunnen voorspellen wie wanneer creatief wordt. Of juist niet…'

Is creativiteit aangeboren of is het ook leren? Hoe kun je er beter in worden?

'Het is niet aangeboren. Wel heb je cruciale ingrediënten nodig, en sommige daarvan zijn aangeboren. Door ons boek heen beschrijven we allerhande onderzoek waaruit blijkt dat intelligentie belangrijk – maar zeker niet voldoende – is voor creatief denken en presteren. En intelligentie is deels erfelijk bepaald. Maar ook beschrijven we talloze studies waaruit blijkt hoe belangrijk het is om veel te weten, te leren, te oefenen, te proberen, enzovoorts. Dat is iets wat mensen gaandeweg hun leven doen. En daar kun je ook zelf bewust op sturen. Tenslotte beschrijven we in het boek allerhande situaties die er voor zorgen dat creativiteit vergroot wordt, of juist in de kiem gesmoord. Tijdsdruk is een voorbeeld, of een divers samengestelde groep medewerkers. Dit soort situaties kun je vaak zelf beïnvloeden, of opzoeken. Zo kun je beter worden in creatief denken en handelen.'

Welke uitkomsten hebben je zelf het meest verbaasd?

'De gedachte is dat competitie creativiteit bevordert – zonder wrijving geen glans! Dit zit zo verankerd in ons denken; het bepaalt beleid, de koers die leidinggevenden vaak varen, de wijze waarop in de wetenschap bijvoorbeeld subsidiegelden worden uitgedeeld. En het klopt niet, bovendien werkt het omgekeerd! Zonder competitie meer creativiteit!'