Universiteit Leiden Universiteit Leiden

Nederlands English

Kennismaken met het echte China

Met 850 miljoen moedertaalsprekers is het Mandarijn (Standaard Chinees) met voorsprong de grootste taal ter wereld. En met China’s booming economie is het niet verwonderlijk dat steeds meer middelbare scholen Chinees als keuzevak aanbieden. Een nieuwe, Leidse leermethode wordt donderdag 4 december gelanceerd.

Verzoeken

Schrijven op straat. Illustratie uit 'Chinees in tien verdiepingen'.   

Hoogleraar Chinese taal- en letterkunde Van Crevel is de redacteur van de nieuwe methode Chinees in tien verdiepingen die donderdag gepresenteerd wordt. De auteurs hebben de methode getest op drie scholen in de regio: het Visser-’t Hooft Lyceum in Leiden, het Erasmiaans Gymnasium in Rotterdam en het Gymnasium Haganum in Den Haag. ‘De methode is ontwikkeld in antwoord op verzoeken die het Sinologisch instituut kreeg van docenten die noodgedwongen hun eigen materiaal bij elkaar sprokkelden’, vertelt auteur Ans de Rooij.  

Achterstand

Chinees is in Nederland nog geen examenvak. In dat opzicht heeft ons land een achterstand in te lopen. In de Verenigde Staten en Canada, het Verenigd Koninkrijk, Australië en Nieuw-Zeeland, Frankrijk en Duitsland is de ontwikkeling van lesmateriaal en lerarenopleidingen, en de verspreiding, de organisatie en de kwaliteitsbewaking van het vak al vergevorderd. ‘Nederland mag de boot niet missen’, vindt Maghiel van Crevel. ‘Het belang van China in de wereld groeit met de dag.’        

Onderwerpen die ertoe doen

Flatgebouw in Peking. Illustratie uit  'Chinees in tien verdiepingen'.

‘Taalverwerving en kennis van cultuur en samenleving versterken elkaar’, zegt Van Crevel. ‘Veel andere boeken blijven steken in weinig verrassende, clichématige exotische verhaaltjes over pandaberen, pagodes en de Chinese Muur. In onze methode komen onderwerpen aan de orde die ertoe doen: de opkomst van een nieuwe grootsteedse middenklasse, de dramatische trek van het platteland naar de stad, recente geschiedenis zoals de Culturele Revolutie, maar ook traditioneler onderwerpen van blijvend belang, zoals de ontwikkeling van het schrift, Chinese geneeskunde en meer. De nadruk ligt op het leven zoals dat zich nu in China afspeelt, maar wel met enig historisch besef, en zonder exotisme.’ 

Algemene ontwikkeling

Met Chinees in tien verdiepingen hebben de scholieren na de eerste twee delen zo’n 350 woorden en 160 karakters actief leren gebruiken, een aardige basis om op door te borduren. ‘Maar het is een illusie om te denken dat je met een paar contacturen op de middelbare school heel ver komt’, zegt Van Crevel. ‘Dat is ook niet de opzet van het boek.’ Hij vindt dat je ook moet bouwen aan de algemene ontwikkeling van leerlingen, ook als ze later niets meer met die kennis doen. ‘Net zo goed als het voor iemand die bioloog of ondernemer wordt, leuk kan zijn zich een tijdje met geschiedenis te hebben beziggehouden.’ Het Chinees biedt een mooie gelegenheid om die algemene kennis op niet-eurocentrische wijze uit te bouwen.

Boze heks of goede fee

Dat betekent echter niet dat de leerlingen reisgids-Chinees voorgeschoteld krijgen. De auteurs zoeken bewust een middenweg tussen een puur communicatieve benadering en een aanpak met overdreven nadruk op grammatica. ‘Wij geloven niet dat grammatica een boze heks is, of juist een goede fee’, zegt Van Crevel. ‘Ze is domweg onderdeel van onderwijs, en wie leerlingen wil helpen de afstand tussen het Nederlands en het Chinees te overbruggen moet ze het werktuig van de grammatica niet onthouden.’ De schrijvers van de methode schrikken er inderdaad niet voor terug om al meteen in het eerste hoofdstuk een lastig grammaticaal probleem bij de naam te noemen. Dat is het probleem van de ‘toonsandhi’, het verschijnsel dat tonen elkaar beïnvloeden. 

Chinese typemachine. Illustratie uit 'Chinees in tien verdiepingen'.

 

Leergang Zweeds

De opzet van de methode, een flat met tien verdiepingen en zeer verschillende bewoners, hebben de auteurs dankbaar overgenomen van een leergang Zweeds. Per les maken de leerlingen kennis met een van de bewoners: de oude huismeester, het yuppenstel, het dienstmeisje uit de provincie, de dirigent, de Nederlandse student in Peking, de taxichauffeur en de museumgids. Die mensen lopen ook elkaars les in en uit en ze komen voor in voorbeeldzinnen, in lesteksten en opdrachten. ‘In de pilot is onze ervaring dat leerlingen het leuk vinden te puzzelen met zinspatronen en dergelijke’, zegt De Rooij, ‘zeker wanneer die heel anders werken dan in het Nederlands. De leergang biedt ruimte voor individuele invulling door leerlingen en docenten.’

Examenvak

Omslag van het werkboek van de methode 'Chinees in tien verdiepingen'.

Chinees in tien verdiepingen is niet de eerste methode in Nederland. De Methode Chinees? 'n Makkie!, is eerder op de markt gekomen. De auteurs van beide methodes zijn gesprekspartners van de Stichting Leerplanontwikkeling (SLO) in Utrecht. Het uiteindelijk doel is om tot een goed plan voor Chinees als examenvak te komen.
 

Links

De methode Chinees in tien verdiepingen bestaat niet alleen uit een boek, maar heeft ook een website waarop de leerlingen uitspraak- en schrijfoefeningen kunnen doen.


 ___________________________________________________

 

Overburen
De leerlingen van het Erasmiaans Gymnasium die Chinees als keuzevak volgen, geven verschillende redenen op voor die keuze. Toch is nieuwsgierigheid naar een andere cultuur voor de meesten de belangrijkste drijfveer. Voor Willem Mouton was het niet lang twijfelen, toen hij in de vierde klas kon kiezen voor het vak Chinees. Angelo Jansen is al van jongs af gefascineerd door de Chinese taal en cultuur. Julian van der Made leek het een leuke variatie op de westerse talen die je normaal op school leert. Coen Reumer is al in China geweest en het leek hem leuk dat hij iets zou kunnen snappen van wat er om hem heen gezegd wordt, als hij terug gaat. Karlien Veldscholte is goed bevriend met haar Chinese overburen en die bevestigden haar vermoeden dat het leuk en handig zou zijn om Chinees te leren.  

Schakelaar
Chinees is niet moeilijker dan andere talen, zeker niet voor Tjian Lam die een Chinese achtergrond heeft: ‘Ik heb een groot voordeel, omdat ik thuis Chinees spreek, maar ik kan het niet lezen en schrijven.’ Voor Julian is het net een schakelaar die je moet omzetten en het kost meer tijd. Ook Emiel Ferment vindt Chinees niet moeilijker. Omdat het een keuzevak is, is hij veel gemotiveerder zijn best te doen. Volgens Willem is het wel anders: ‘Bij andere taallessen houden we ons veel bezig met grammatica, en onregelmatigheden. Bij Chinees leren we eerst woorden.  

Wereldtaal
Het leuke aan het leren van Chinees vindt Karlien dat het heel anders is dan andere talen, allemaal vreemde klanken en lettergrepen. ‘Je leert ook beter nadenken over hoe je iets uitspreekt en hoe je een klank moet produceren. Ik vind het wel apart om al die karakters te leren. En vooral het idee dat je als je in China bent gewoon dingen kan lezen en mensen kan verstaan.’ Voor Coen speelt zeker ook mee dat Chinees misschien wel de nieuwe wereldtaal wordt.  

Indruk
De leerlingen zijn ook optimistisch over wat ze straks in China kunnen, met wat ze op school geleerd hebben. Coen: ‘Het is in ieder geval een begin, vloeiend Chinees is het natuurlijk nog niet, maar je komt hiermee wel ver.’ Julian heeft wat meer reserves: ‘Ik kan wel wat meer dingen zeggen dan ik verwacht had te kunnen, maar lange gesprekken kan ik nog niet houden.’ Ook Karlien denkt dat een tweede jaartje wel handig zou zijn. En Willem verwacht indruk te kunnen maken op Chinezen.  

 

Verbaasd
Echt durf om zelf een gesprek te beginnen met een vreemde, hebben de leerlingen over het algemeen nog niet, maar Julian durft al wel bekenden in het Chinees aan te spreken. Emiel denkt dat als hij een Chinees op straat zou aanspreken, deze wel verbaasd zal zijn. En Karlien vond het erg leuk dat ze laatst de oude vader van haar overbuurman, die alleen Chinees kan spreken, gedag kon zeggen en vragen hoe het met hem ging.   

___________________________________________________

(2 december 2008/SH)