Elvira Mora wint de Speckmann-prijs voor onderzoek onder migrantengemeenschappen in Spanje
Studentenonderzoek beeld: Elvira Mora
Het beeld dat in de publieke opinie van migranten wordt geschetst, schommelt vaak tussen twee uitersten: enerzijds worden migranten afgeschilderd als een bedreiging (voornamelijk vanuit rechtse ideologieën) en anderzijds worden ze gereduceerd tot passieve slachtoffers die medelijden oproepen (voornamelijk vanuit linkse ideologieën). Maar hoe zien migrantengemeenschappen zichzelf?
Tijdens haar masteropleiding Visual Ethnography onderzocht Elvira Mora deze dominante verhalen en stereotiepe beeldvorming. Haar onderzoek resulteerde in een scriptie en de etnografische documentaire I'MPOSSIBLE, waarvoor zij de prestigieuze Speckmann Prize ontving.
Elvira vertelt: ‘Ik wilde deze visuele narratieven bevragen en representaties creëren die, ondanks de erkenning van moeilijkheden en uitsluiting, juist ook de kracht, veerkracht en vreugde van migranten laten zien. Met de documentaire hoopte ik bij te dragen aan een menselijker en genuanceerder beeld van migratie, waarbij migratie niet zozeer wordt gezien als een aangeboren identiteit, maar als een levenssituatie.’
De structurele ongelijkheid begrijpen
Voor haar drie maanden durende veldonderzoek richtte Elvira zich op informele nederzettingen in Campos de Níjar, in de Spaanse provincie Almería. ‘Ik ben geboren in deze regio van Spanje. Achter de idyllische landschappen en de landbouwsector, die een groot deel van de Europese voedselvoorziening draagt, blijven de moeilijke en vaak uitbuitende leefomstandigheden van veel migranten grotendeels onzichtbaar. Ik wilde de structurele ongelijkheden waarmee zij te maken hebben beter begrijpen, evenals de institutionele reacties daarop.’
Samen met haar moeder Teresa, die haar belangrijkste onderzoekspartner was, bezocht ze verschillende dorpen in de gemeente. Om een breed beeld te krijgen van de sociale en politieke context rondom migrantenarbeid spraken zij met uiteenlopende betrokkenen, onder wie migranten, gemeentemedewerkers, medewerkers van ngo’s, winkeliers, caféhouders en andere bewoners.
Regie over eigen verhaal door collaboratief filmproces
Met het maken van een collaboratieve etnografische film wilde Elvira de eigen stem van migranten op de voorgrond zetten. Ze legt uit: ‘In plaats van namens mensen te spreken, creëert participatieve film ruimte waarin mensen voor zichzelf kunnen spreken en waarin we samen met hen een verhaal kunnen vertellen. Op die manier krijgen deelnemers weer regie over hoe zij voor de camera worden weergegeven – iets wat in de reguliere media vaak ontbreekt – en worden zij actieve medevertellers van hun eigen verhaal en beeldvorming.’
Vrijwilligerswerk als opstapje
Een belangrijk onderdeel van deze aanpak was het organiseren van participatieve filmworkshops met migranten uit de regio. Dat bleek in eerste instantie een uitdaging. ‘Lange werkdagen, onzekere leefomstandigheden en begrijpelijke zorgen over zichtbaarheid en gefilmd worden beperkten de deelname vaak.’ Door vrijwilligerswerk te doen als docent Spaans bij het Spaanse Rode Kruis en mee te lopen met een maatschappelijk werker van AESA, wist zij uiteindelijk deelnemers voor de workshops te vinden.
-
Elvira filmt Abdellah in zijn chabola (zelfgebouwde onderkomen), terwijl hij vertelt over de leefomstandigheden in de nederzetting. -
Twee participanten en hoofdpersonen uit de documentaire tijdens de eerste workshop. Toufik filmde en interviewde Rachid over hun woon- en werkomstandigheden.
Een kritische blik op de dominante narratieven
Met haar onderzoek en documentaire wil Elvira belangrijke vragen stellen over macht, representatie en zichtbaarheid binnen de dominante visuele narratieven over migratie. ‘Als publiek worden we voortdurend geconfronteerd met beelden van lijden. Onbedoeld kunnen die bijdragen aan het normaliseren van ontmenselijkende representaties van gemarginaliseerde gemeenschappen. Juist omdat we in een wereld leven die sterk door beelden wordt gevormd, stelt mijn onderzoek vragen als: Wie heeft de macht om verhalen over anderen te vertellen? Hoe komen die verhalen tot stand? Welke relatie bestaat er tussen filmmakers en deelnemers? En welke verantwoordelijkheid brengt het met zich mee om de levens van anderen in beeld te brengen?’, legt ze uit.
Elvira vervolgt: ‘Dit zijn vragen die niet alleen relevant zijn voor de antropologie en filmmaken, maar voor de samenleving als geheel. Het onderzoek draagt bij aan de voortdurende discussie over ethischere, meer samenwerkingsgerichte en meer reflexieve vormen van documentaire maken, vooral wanneer wordt gewerkt met gemeenschappen over wie historisch gezien vaker is gesproken dan naar wie is geluisterd.’
Bijdragen aan een meer menselijke weergave van migratie
Hoewel het onderzoek inmiddels is afgerond, hoopt Elvira zich te blijven richten op participatieve onderzoeksmethoden en filmmaken. Daarmee wil zij blijven bijdragen aan het maatschappelijke gesprek over migratie, representatie en machtsverhoudingen. ‘Als Europese en Spaanse burger vind ik bovendien dat we de verantwoordelijkheid hebben om de toenemende xenofobie tegenover migranten in veel westerse landen onder ogen te zien en bij te dragen aan meer empathische en menselijke representaties van migratie.’
Speckmann prijs
Jaarlijks kent het Instituut voor Culturele Antropologie en Ontwikkelingssociologie de Speckmann prijs uit voor het beste Fieldwork NL rapport van bachelorstudenten, evenals de meest voortreffelijke masterthesis. Deze traditie begon in 1993 en is vernoemd naar Professor dr. J.D. Speckmann (1928-1997), die empirische sociologie doceerde met een speciale focus op veldonderzoek.
Voor meer informatie over de Speckmann prijzen, zie Prof.dr.J.D. Speckmann prijs.