Universiteit Leiden

nl en

Depressie bij HIV komt vaker voor dan je denkt, een zelfhulp-boekje blijkt effectief

Mensen met een HIV-diagnose lijden daar vaak ook psychisch onder. Maar juist deze doelgroep heeft slecht toegang tot mentale zorg. In haar promotieonderzoek in Botswana ontdekte psycholoog Boitumelo Vavani dat een laagdrempelige zelfhulpinterventie depressieve klachten vermindert.

Een HIV-diagnose betekent tegenwoordig dat je, met dagelijks medicatie, een normale levensverwachting hebt en een goede kwaliteit van leven kunt hebben. Toch kampen mensen met HIV ook twee tot zeven keer meer dan gemiddeld met depressieve klachten. Dat is niet gek, benadrukt psycholoog Boitumelo Vavani, die dat verband in haar promotieonderzoek verder uitdiepte. ‘Na een diagnose verandert je leven compleet; je moet je leven langs medicatie nemen en rond de ziekte heerst nog veel stigma en discriminatie, wat isolerend kan zijn. Daarnaast hebben de bijwerkingen van het virus ook effect op het brein.’


In this video, Vavani explains in three minutes what she discovered in her research and why these findings matter.

Zelfhulpinterventie

Juist in landen met lage en middeninkomens, waar HIV vaker voorkomt, hebben mensen minder toegang tot mentale zorg. Daarom onderzocht Vavani de effectiviteit van een toegankelijke zelfhulpinterventie in de vorm van een handzaam boekje bij mensen met HIV in Botswana, waar ze zelf ook woont en lesgeeft aan de universiteit. De interventie bleek effectief in het verminderen van depressieve klachten in vergelijking met de groep deelnemers die op een wachtlijst stond.

Op grote schaal implementeren

Zo’n interventie kan dus helpen in het verminderen van depressie bij mensen met HIV. Maar hoe kan deze vorm van zelfhulp op grotere schaal geïmplementeerd worden, en wat kan daarbij helpen of juist in de weg staan? Ook die vraag wilde Vavani beantwoorden. ‘Eén van die obstakels is dat er momenteel nog niet standaard en op een gestructureerde manier op mentale klachten wordt gescreend in HIV-behandelcentra.’ Wat juist steunend bleek, is dat veel hulpverleners open stonden voor samenwerking. ‘Dat is een goed teken, want als je het programma gaat uitrollen wil je dat patiënten en ziekenhuismedewerkers geïnteresseerd zijn in het project.'

Deze website maakt gebruik van cookies.  Meer informatie.