Universiteit Leiden

nl en

Leiden presenteert sterke positie life sciences aan eurocommissaris

Eurocommissaris Ekaterina Zaharieva (Startups, Onderzoek en Innovatie) bezocht 12 juni het Leiden Bio Science Park. Zij zag hoe het Leidse life science & health-ecosysteem in de praktijk werkt. Deze sector is cruciaal voor de sociaaleconomische ontwikkeling, gezondheidszorg en strategische relevantie van Europa.

Op het Leiden Bio Science Park (LBSP) werken onderzoekers, ondernemers, investeerders, start-ups, scale-ups en volwassen ondernemingen samen in één ecosysteem. De Universiteit Leiden en het LUMC vormen hier de ruggengraat van, niet alleen via wetenschappelijk onderzoek maar ook bij de opleiding van de talenten van morgen. De eurocommissaris kreeg een tour langs deze verschillende facetten en werd vergezeld door vertegenwoordigers van de ministeries van Economische Zaken en Klimaat, en Onderwijs, Cultuur en Wetenschap.

Opdracht Eurocommissaris

Die tour sluit aan bij de portefeuille van Zaharieva. Zij werkt aan het versterken van Europese samenwerking op het gebied van onderzoek en innovatie in sectoren die voor de EU strategisch belangrijk zijn. Life sciences, en daarmee ook biotechnologie, worden gezien als cruciaal voor economische groei. De sector biedt oplossingen voor maatschappelijke uitdagingen zoals behandeling van ziektes.

Om de life sciences te laten groeien en beter te laten concurreren met andere werelddelen wil de eurocommissaris regels vereenvoudigen en de toegang tot durfkapitaal verbeteren. Ook zet zij in op betere samenwerking tussen kennisinstellingen en bedrijven en op ondersteuning voor start- en scale-ups.

Ecosystemen als LBSP zijn nodig

Zaharieva werd als eerste ontvangen in laboratorium- en kantoorgebouw Kadans Plus Ultra, waar bedrijven en instellingen in de Life Sciences samen kunnen werken en innoveren. Daarna ging ze langs bij de Leidse Instrumentenmakersschool en het Gorleausgebouw van de universiteit waar de Faculteit Wiskunde en Natuurwetenschappen huist. De tour eindigde bij biotechnologiebedrijf ProQR.

In een presentatie liet Esther Peters. directeur van het LBSP, zien dat Nederland en Europa binnen life sciences goed scoren op samenwerking, het verkrijgen van patenten en wetenschappelijke publicaties. Maar ook dat internationale concurrentie toeneemt, vooral vanuit de Verenigde Staten en China. ‘Het is voor ons moeilijker om financiering en ook durfkapitaal aan te trekken. Dus we hebben werk te doen’, aldus Peters.

Zij benadrukte dat het belangrijk is om in de hele keten te investeren: van idee tot toepassing. ‘We hebben ecosystemen zoals het Leiden Bio Science Park nodig. Wereldwijd zien we dat vooruitgang juist daar plaatsvindt, zeker in onze sector. Europa heeft alles in huis: talent, kennis, infrastructuur en sterke ecosystemen. Maar we moeten wel in actie komen en versnellen. Want de tijd van idee tot eindproduct is bepalend voor succes.’

Concurrentiekracht

Ook Luc Sels, voorzitter van het College van Bestuur van de Universiteit Leiden, onderstreepte het belang van samenwerking. De Universiteit werkt al uitgebreid samen in allianties zoals LDE (Universiteit Leiden, TU Delft, Erasmus Universiteit Rotterdam). Doordat de universiteiten elkaar aanvullen, presteren ze sterk en behoren ze tot de top van Europa. Tegelijk benadrukte hij dat ook Europese samenwerking essentieel is en dat programma’s zoals Horizon Europe iets bieden wat nationale programma’s niet kunnen: verbinding, slag- en concurrentiekracht.

Veelbelovende technologieën dreigen naar het buitenland te verdwijnen

Verschillende start-ups en scale-ups die aan het woord kwamen, onderschreven hoe belangrijk hulp bij investeringen is voor onderzoek en faciliteiten. Zo wijken bedrijven voor klinische trials of ander onderzoek uit naar de VS of China, omdat ze daar veel sneller onderzoek kunnen doen of omdat er faciliteiten staan die in Europa niet bestaan.

Thomas Hankemeier, hoogleraar Analytische biowetenschappen, doet onderzoek met een hightech robot, waarmee ziektebeelden in een vroeg stadium worden opgespoord. Hij merkt dat Europa goed is in kennis en innovatie, maar vervolgens moeite heeft om die ideeën door te ontwikkelen tot bedrijven omdat financiering mist. Veelbelovende technologieën dreigen daardoor naar het buitenland te verdwijnen.

Private investeringen

Volgens Zaharieva ligt het grootste probleem in Europa niet bij publieke investeringen, maar bij het gebrek aan private financiering. Die is volgens haar te risicomijdend. Ze erkent dat veel projecten kunnen mislukken, maar ook dat één succes het verschil kan maken in de maatschappij. Daarom wil ze via overheden investeren aantrekkelijker maken, met prikkels, eenvoudigere regels en instrumenten zoals garanties en co‑investeringen om risico’s voor bedrijven te verkleinen.

Tijdens het bezoek benadrukte Zaharieva dat Europa zijn eigen innovatiekracht vooral belemmert door complexe regels en versnippering. Ze pleitte voor eenvoudigere programma’s en meer focus op de inhoud van onderzoek en innovatie, in plaats van op procedures. Ook onderstreepte ze dat samenwerking tussen universiteiten en innovatieclusters cruciaal is, net als voldoende investeringen op Europese schaal. Volgens haar zijn juist die schaal en snelheid bepalend om internationaal concurrerend te blijven.

Deze website maakt gebruik van cookies.  Meer informatie.