Digitale kwetsbaarheid in kaart: wie is er nog ècht veilig online?
Onderzoek beeld: Getty Images via Unsplash
Digitalisering raakt iedereen, maar niet op dezelfde manier. Met een nieuw project, VaROS, willen vier onderzoeksconsortia een completer beeld van digitale kwetsbaarheid krijgen. We spraken met overkoepelend projectleider Gianclaudio Malgieri (eLaw) over het project.
Digitale technologie heeft invloed op hoe mensen zorg ontvangen, hoe jongeren opgroeien en hoe burgers met publieke instellingen omgaan. Maar de impact daarvan is niet voor iedereen gelijk. Het onderzoeksprogramma VaROS (gefinancierd door NWO) brengt vier bestaande onderzoeksconsortia samen om digitale kwetsbaarheid en weerbaarheid in Nederland te onderzoeken, en hun bevindingen te vertalen naar concrete handvatten voor beleidsmakers en overheden. Waaronder het project RESOCIAL, waar Malgieri ook projectleider van is. ‘VaROS vertrekt juist vanuit het uitgangspunt dat de impact van digitalisering afhangt van iemands sociale positie, leeftijd, gezondheid, middelen, afhankelijkheden en kansen,’ zegt hij.
Meer dan schermtijd
Hoe ziet digitale kwetsbaarheid er in de praktijk uit? Het voorbeeld van jongeren op sociale media illustreert de complexiteit. ‘Het gaat niet simpelweg om “te veel schermtijd,”’ legt Malgieri uit. ‘Digitale kwetsbaarheid ontstaat wanneer platforms gebruikers afhankelijk maken, hen blootstellen aan manipulatie, discriminatie en online geweld, of hun privacy schenden. Daarnaast beschikken sommige gebruikers over minder sociale, economische of cognitieve middelen om zichzelf hiertegen te beschermen of hulp te zoeken.’
Vergelijkbare dynamieken spelen ook in de zorg: digitale zorgtechnologie kan ouderen helpen zelfstandig te blijven, maar kan ook uitsluiten, afhankelijkheid vergroten of nieuwe risico's introduceren wanneer het niet is ontworpen voor echte menselijke behoeften. Neurodivergente jongeren (bijvoorbeeld jongeren met vormen van autisme en ADHD) kunnen baat hebben bij digitale tools, maar stuiten ook op omgevingen die onvoldoende zijn afgestemd op hun capaciteiten en voorkeuren.
Daarom draagt het begrip 'weerbaarheid' binnen VaROS een specifieke betekenis. ‘Weerbaarheid mag niet betekenen dat burgers simpelweg worden gevraagd zich aan te passen aan technologie,’ zegt de onderzoeker. ‘Het gaat om het creëren van de sociale, juridische en institutionele voorwaarden die mensen in staat stellen te profiteren van digitalisering zonder er schade van te ondervinden. De vraag is niet alleen hoe burgers weerbaarder kunnen worden, maar ook hoe overheden, platforms en publieke instellingen verantwoordelijker kunnen worden.’
Synthese boven silo's
Daarin wijkt het uitgangspunt van VaROS bewust af van de meeste onderzoeksprogramma's. In plaats van een nieuw, losstaand project te starten, bouwt het voort op kennis die al is ontwikkeld door vier consortia die elk een eigen maar verwant thema onderzochten: sociale mediaplatforms, digitale zorg en wonen voor ouderen, de online en offline leefwereld van jongeren, en digitale interventies voor neurodivergente jongeren.
‘Het grootste voordeel is dat VaROS de kennis van vier consortia samenbrengt en synthetiseert,’ zegt Malgieri. ‘Elk project heeft diepgaande expertise opgebouwd in zijn eigen domein. Door de krachten te bundelen, kunnen we gemeenschappelijke patronen, gedeelde concepten en beleidsmatige lacunes identificeren die onzichtbaar zouden blijven als elk project in zijn eigen silo bleef.’ Het resultaat moet meer zijn een simpele optelsom: een samenhangend kader en praktische beleidsaanbevelingen voor overheden, toezichthouders, publieke diensten en het maatschappelijk middenveld.
Van fragmentatie naar beleid
De komende twee jaar wil VaROS een integraal kader voor digitale kwetsbaarheid en weerbaarheid opleveren, zowel als een beleidsroadmap en instrumenten voor meer bias-bewust en kwetsbaarheidsgevoelig beleid. De ambitie is om Nederlandse en Europese instellingen te helpen met praktische handvatten digitale risico's te verkleinen.
Het beoogde resultaat is concreet: dat beleidsmakers kunnen bewegen van algemene zorgen over digitale risico's naar onderbouwde en participatieve beleidskeuzes. ‘Dat betekent niet alleen vragen wat technologie kan, maar wat zij doet met mensen in verschillende situaties en hoe beleid gelijke kansen, gezondheid, veiligheid, participatie en grondrechten beter kan beschermen.’
Voor VaROS is 1,4 miljoen euro beschikbaar gesteld vanuit het NWA (Nationale Wetenschapsagenda) Synergieprogramma ‘Kwetsbaarheid en weerbaarheid in een online samenleving’. Het project start in augustus 2026 en heeft een looptijd van 2 jaar. Meer informatie is te vinden via deze link.