Universiteit Leiden

nl en
Wikimedia Commons

Hoe verhoudt het Statuut van Rome zich tot het gewoonterecht?

Het Internationaal Strafhof (ICC) begon in 2005 een onderzoek naar misstanden in Darfur, Sudan, waar een burgeroorlog woedde. Toch is Sudan geen partij in het Statuut van Rome (1998), op basis waarvan later het ICC werd opgericht. Promovendus Yudan Tan onderzocht de status van het Statuut van Rome en verdedigt haar proefschrift op 9 april.

'Verdragenrecht en gewoonterecht zijn de twee belangrijkste bronnen van internationaal strafrecht. De relatie daartussen is een controversieel onderwerp', vertelt Tan. 'Een geschreven verdrag is bindend voor staten die partij zijn in het verdrag, terwijl een ongeschreven gewoonterechtelijke regel bindend is voor alle landen. De bindende kracht verschilt dus.'

Yudan Tan

Het doel van dit proefschrift is daarom om te onderzoeken of en in hoeverre regels uit het Statuut van Rome indicatief zijn voor het gewoonterecht. 'Verdragen en gewoonterecht kunnen naast elkaar bestaan, bijvoorbeeld wanneer het gewoonterecht en het verdrag identiek zijn aan elkaar. Het kan echter ook gebeuren dat een verdragsregel over een bepaald onderwerp al bestond als onderdeel van internationaal recht op het moment dat het verdrag werd aangenomen, en dat het verdrag gaandeweg ontwikkelt tot een gewoonterechtelijke regel. Dus, een verdragsregel kan samenvallen met gewoonterecht, kan voortvloeien uit gewoonterecht en kan ook uitmonden in een nieuwe gewoonterechtelijke regel.'

Het ICC kan rechtsmacht uitoefenen met betrekking tot ernstige internationale misdaden die zijn begaan op het grondgebied van een land dat partij is in het verdrag of zijn begaan door iemand uit een land dat meedoet aan het verdrag. 'Maar in sommige gevallen oefent het Strafhof ook rechtsmacht uit over een misdaad die is begaan door mensen uit een land dat niet is aangesloten bij het verdrag of is begaan in een land dat niet meedoet aan het verdrag', zegt Tan. 'Een goed voorbeeld daarvan is de situatie in Darfur, Sudan, die door de VN-Veiligheidsraad is verwezen naar het ICC. Het ICC oefent daardoor rechtsmacht uit over mogelijke misdaden die zijn begaan door Bashir in Sudan. Sudan doet niet mee aan het Statuut van Rome, de beschuldigden komen uit een land dat geen partij is in het statuut.'

Legaliteitsbeginsel

De aangevoerde misdaden zijn begaan voorafgaand aan de doorverwijzing van de Veiligheidsraad naar het ICC. 'Maar het legaliteitsbeginsel verbiedt het met terugwerkende kracht vervolgen van misdaden. De vraag is dan hoe het ICC in dit geval rechtsmacht uitoefent zonder het legaliteitsbeginsel te schenden. Het ICC zal in dit geval mogelijk moeten vaststellen of de regels uit het statuut afspiegelingen zijn van het gewoonterecht op het bewuste tijdstip. Daarom is het noodzakelijk om de status van het Statuut van Rome als bewijs van internationaal gewoonterecht te bestuderen.' Tan concludeert dat bepalingen uit het Statuut van Rome deels gewoonterecht vormden toen het verdrag in 1998 werd aangenomen en dat de bepalingen deels indicatief zijn voor het huidige gewoonterecht.

Dit onderzoek naar de aard van het Statuur van Rome als bewijs van gewoonterecht is heel relevant, zegt Tan. De regels in het Statuut van Rome en de werkwijze van het ICC zijn al meerdere keren onderzocht, maar de interactie tussen de inhoudelijke bepalingen uit het verdrag en internationaal is niet eerder op deze schaal bestudeerd. 'Dit onderzoek is daarom belangrijk voor situaties waarin landen die geen partij zijn in het verdrag toch betrokken worden in procedures van het ICC. Ook probeert dit proefschrift internationale strafrechtadvocaten te voorzien in nieuwe argumenten en materiaal om een zaak voor of tegen het bestaan van een gewoonterechtelijke regel of de toepasbaarheid van het Statuut van Rome te kunnen beoordelen.'

Deze website maakt gebruik van cookies. Meer informatie