Universiteit Leiden

nl en

Brazilië: van economisch laboratorium tot wereldmacht

Brazilië is een van de grotere opkomende economieën. Maar er is meer voor nodig om die economische macht in te zetten voor de hele Braziliaanse bevolking. Dat zegt hoogleraar Braziliëstudies Edmund Amann in zijn oratie op 20 november.

‘Economische grootmacht Brazilië terug bij af’, schreef Trouw in juli van dit jaar. Het Latijns-Amerikaanse land kreeg de afgelopen jaren te kampen met een flinke economische recessie. Dalende prijzen van ruwe materialen, ernstige corruptieschandalen en hoge inflatie deden de economie geen goed. Werd het land eerder nog samen met Rusland, India en China ingedeeld bij de zich sterk ontwikkelende economieën, inmiddels hebben buitenlandse investeerders veel minder vertrouwen in Brazilië.

‘Gematigd positief’

Toch is hoogleraar Braziliëstudies Edmund Amann ‘gematigd positief’ over de economische toekomst van het Latijns-Amerikaanse land. ‘Brazilië heeft sinds de Tweede Wereldoorlog enorme stappen voorwaarts gezet. In de huidige crisistijd is het gemakkelijk om al die vooruitgang te vergeten.’ Zo heeft Brazilië een capabele overheid die complexe infrastructurele projecten kan managen, en is het bijvoorbeeld gelukt om een eigen staalindustrie op te zetten. Vooral na de liberalisering van de Braziliaanse economie in de jaren 90 bleek dat een uitstekende uitgangspositie voor een prominente plek op het economisch wereldtoneel.

Kwetsbaar

‘Jammer genoeg is de Braziliaanse economie uitzonderlijk kwetsbaar,’ zegt Amann, die zelf onder meer publiceerde over de Braziliaanse macro-economie en de diversificatie van de industrie. ‘Perioden van voorspoed worden afgewisseld door perioden van recessie. Ook in het Westen hebben we natuurlijk af en toe te maken met dit fenomeen, maar Brazilië lijkt er nog minder grip op te hebben. Het land had bijvoorbeeld te kampen met economisch tegenslag in de jaren tachtig, eind jaren negentig, en de afgelopen jaren.’

Extremen

Die kwetsbaarheid komt volgens Amann deels door de wispelturigheid van de Braziliaanse politiek. Waar Nederlandse politici, werkgevers- en werknemersorganisaties in de afgelopen decennia polderend door het leven gingen, hebben Brazilianen juist vaak een hang naar de extremen. ‘Meermaals wisselden voorstanders van een grote staat en pleitbezorgers voor een vrije markt elkaar af op het pluche. Daardoor werd Brazilië heen en weer geslingerd tussen twee compleet verschillende economische theorieën. Het werd als het ware een economisch laboratorium voor idealisten.’

Politieke problemen

Het resultaat is dus een kwetsbare economie, en ook een schrijnende ongelijkheid tussen arm en rijk. Wil je daar duurzaam wat aan doen, dan moeten er volgens Amann maatregelen worden genomen. Hij pleit in zijn oratie – naast investeringen in onderwijs en infrastructuur – ook voor het oplossen van politieke problemen. Zo zou de financiering van politieke partijen op de schop moeten. Amann: ‘Die worden nu nog vaak betaald door grote bedrijven die een wederdienst verwachten in de vorm van lucratieve aanbestedingen. Door de partijfinanciering transparant te maken of uit de staatskas te betalen, kun je dit soort corruptie voorkomen.’