Universiteit Leiden Universiteit Leiden

Nederlands English

Terug naar 1957?

“Dat moeders beter voor hun kinderen kunnen zorgen dan vaders, staat voor mij niet vast. Feit is wel dat moeders nog altijd veel meer doen in de opvoeding dan vaders. Voor mij is dit de voornaamste verklaring voor het vermeende verschil tussen ‘moederen’ en ‘vaderen’; het wordt tijd dat ook samenleving en wetenschap dit oppikken.” Politicoloog Karin Koole plaatst enkele kritische kanttekeningen bij de stelling van pedagoge Liesbeth Hallers-Haalboom in het tweede deel van de ‘Wetenschapsestafette 4x400’.

Wat voorafging

Pedagoog Liesbeth Hallers-Haalboom promoveerde op 7 oktober 2015 op een onderzoek naar de opvoedpraktijk in gezinnen met twee kinderen. Zij concludeerde in haar proefschrift onder meer dat moeders gemiddeld beter in zijn staat om hun gedrag af te stemmen op de behoeften van hun kinderen dan vaders.

Karin Koole, als promovendus verbonden aan het Instituut Politieke Wetenschap, onderzoekt de wordingsgeschiedenis van emancipatiebeleid in Nederland en de invloed daarop van de vrouwenbeweging. Vanuit deze achtergrond kijkt zij anders aan tegen ‘vaderen’ en ‘moederen’.

Betere of primaire verzorgers?

De bevinding dat de primaire verzorgende anders reageert en beter bekend lijkt te zijn met het gedrag van het kind dan andere niet-primaire verzorgenden is erg aannemelijk. Aangezien het in Nederland nog de norm is dat vrouwen de primaire verzorgende zijn en vrouwen vaker in deeltijd werken om de zorg van kinderen te combineren met betaald werk (zie ook de Emancipatiemonitor, CBS 2014), komt de bevinding dat moeders anders (beter?) reageren op hun kinderen dan vaders ook niet onverwacht.

Feit blijft dat er geen overtuigend onderzoek bestaat dat aantoont dat vrouwen beter in staat zijn om te zorgen voor hun kinderen dan mannen. De bevinding dat het testosteronniveau een rol zou spelen vind ik niet heel overtuigend: enige onderbouwing voor een causaliteitsrichting ontbreekt. Een vergelijking tussen enerzijds huishoudens waar zorgtaken gelijk zijn verdeeld en anderzijds huishoudens waar deze ongelijk zijn verdeeld zou een veel beter inzicht hebben gegeven in hoe taakverdeling invloed heeft op de reactie van zowel vaders als moeders. Wanneer alleen de vader, of zowel de vader als de moeder de primaire verzorgende is, bestaat er dan nog steeds een verschil tussen vaders en moeders?

Ouderwetse gedachte

De claim dat moeders beter voor hun kinderen kunnen zorgen dan vaders brengt ons in één klap terug naar de tijd van voor 1957, toen vrouwen ontslag moesten nemen zodra zij in het huwelijk traden. Het idee dat vrouwen intrinsiek beter zorgen dan mannen is nogal ouderwets en schadelijk voor de emancipatie van zowel vrouwen als mannen.

Om arbeidsdeelname en de economische zelfstandigheid van vrouwen te vergroten, is er in het huidige emancipatiebeleid weer meer aandacht voor de herverdeling van onbetaalde zorgtaken (zie Emancipatiemonitor 2014). Uit meerdere onderzoeken blijkt dat verlofregelingen, met name ouderschapsverlof, en de beschikbaarheid van toegankelijke kinderopvang belangrijke voorwaarden zijn om zorg en arbeid te combineren.

 

Naar een meer gelijkwaardige zorgverdeling

In de praktijk loopt Nederland op dit gebied helaas erg achter. Er is de afgelopen jaren flink bezuinigd op kinderopvang en het vaderschapsverlof stelt weinig voor. Al zijn er plannen om het vaderschapsverlof uit te breiden van twee naar vijf dagen, de primaire verlofregeling is bedoeld voor moeders. Zolang in Nederland de faciliteiten en de voorwaarden ontbreken om tot een meer gelijkwaardige zorgverdeling te komen tussen mannen en vrouwen, zullen moeders de primaire zorgtaken voor kinderen op zich nemen. Niet omdat zij daartoe beter in staat zijn, maar omdat zij hiertoe feitelijk worden gedwongen.

Wetenschapsestafette 4x400: 4 wetenschappers in 400 woorden

Antropologen, pedagogen, politicologen en psychologen bestuderen mens en maatschappij vanuit hun eigen invalshoek. In de wetenschapsestafette laten we steeds een van deze disciplines van start gaan met een stelling, te onderbouwen in ongeveer 400 woorden. Daarna wordt het stokje doorgegeven aan de overige sociale wetenschappers. Lees alle afleveringen in deze serie 'Wetenschapsestafette 4x400'.
 

Eerdere edities van de Wetenschapsestafette