Permanente bewoning op de Maan vraagt om nieuwe afspraken
In de media beeld: NASA
Met NASA’s plannen voor een mogelijke permanente maanbasis rond 2030 neemt de discussie toe over eigendom, toegang en grondstoffen. Bestaande verdragen bieden richting, maar aanvullende internationale afspraken zijn nodig om toekomstige conflicten te voorkomen, zegt ruimtejurist Handel-Mazzetti in het radioprogramma De Rode Draad (BNNVARA).
Volgens Handel-Mazzetti moet het uitgangspunt blijven dat de Maan voor iedereen toegankelijk is. Hoewel het Ruimteverdrag uit 1967 bepaalt dat de ruimte uitsluitend voor vreedzame en wetenschappelijke doeleinden mag worden gebruikt, wordt het volgens haar steeds lastiger om deze principes toe te passen op langdurige menselijke aanwezigheid. ‘Staten mogen zich geen delen van hemellichamen toe-eigenen’, stelt zij. Een kleine internationale nederzetting acht zij verdedigbaar, maar het wordt problematisch wanneer landen grote gebieden exclusief claimen en anderen de toegang ontzeggen. Daarmee zou het verbod op toe-eigening in het geding komen.
‘In de Artemis-akkoorden stellen de Verenigde Staten voor om andere landen zogenoemd visitatierecht te geven, om zo toe-eigening te voorkomen.’ Hoe dat in de praktijk moet worden gehandhaafd, is volgens Handel-Mazzetti nog onduidelijk. Tegelijkertijd spelen geopolitieke belangen een steeds grotere rol in de ruimtevaart. De Verenigde Staten willen hun leidende positie behouden, terwijl ook China en andere grootmachten hun ambities uitbreiden. Volgens de ruimtejurist zijn ‘commerciële activiteiten onder voorwaarden mogelijk, mits de opbrengsten niet uitsluitend bij één land of bedrijf terechtkomen.’ Juist daarom zijn volgens haar duidelijke internationale afspraken nodig, om te voorkomen dat de verkenning van de ruimte leidt tot nieuwe vormen van territoriale machtspolitiek.