Universiteit Leiden

nl en

Leven Lang Ontwikkelen als strategische pijler: inzichten uit de leergang LLO van Universiteit Utrecht

Leren stopt niet na een diploma. Voor universiteiten is Leven lang ontwikkelen (LLO) dé manier om impact te maken – voor professionals en de samenleving. Hoe veranker je het duurzaam in beleid, onderwijs en organisatie? Ontdek inzichten uit de leergang Universitair LLO en waarom dit hét moment is om te handelen.

Waarom deze leergang?

Leven Lang Ontwikkelen (LLO) staat hoog op de agenda van overheid, bedrijfsleven en universiteiten. Het is niet alleen een maatschappelijke opdracht, maar ook een strategische kans voor Universiteit Leiden. Om te leren met en van onze collega’s (wisdom of the crowd) namen wij deel aan de leergang Universitair LLO van Universiteit Utrecht, samen met collega’s van onder andere TU Delft, WUR, UU, EUR en KU Leuven. 

Het doel: leren van best practices en inzichten om LLO binnen onze organisatie duurzaam te verankeren. 

LLO in historisch en internationaal perspectief

LLO is geen nieuw concept. Al in de 19e eeuw ontstonden initiatieven om onderwijs toegankelijk te maken voor werkenden. Sinds de jaren ’60 is het internationaal verankerd in beleid van UNESCO, OECD en EU. Toch blijft het paradoxaal: de aandacht groeit, maar het formele aanbod krimpt. De huidige OCW-agenda zet in op wettelijke verankering, financieringsmogelijkheden en samenwerking met sociale partners. Voor universiteiten is dit hét moment om LLO structureel te positioneren – in Nederland zelfs als vierde kerntaak naast onderwijs, onderzoek en dienstverlening. 

Governance en strategie

Een belangrijke les: leg beleid vast, ook zonder wettelijke verplichting. Dit geeft houvast en maakt escalatie mogelijk. We bespraken governance-modellen (centraal, decentraal, hybride) en zagen dat schaalgrootte en strategische keuzes bepalend zijn. TU Delft werkt met een Extension School en een onafhankelijke kwaliteitscommissie; WUR heeft een Continuing Education Board en programma-aanpak. 

Daarnaast is samenwerking cruciaal. De universiteiten ontwikkelden gezamenlijk de cursus Samen werken aan LLO.Dit illustreert de kracht van collectieve kennisdeling. Voor Leiden ligt de uitdaging in het vinden van balans tussen facultaire autonomie en centrale regie. Transparantie, inclusiviteit en flexibiliteit zijn sleutelprincipes. 

Financiering en kostprijsmodellen

LLO vraagt om een robuuste financiële basis. Investeringen moeten proportioneel zijn en marktverstoring voorkomen. Universiteiten hanteren integrale tarieven en werken met businesscases per cursus. TU Delft koppelt LLO expliciet aan strategische thema’s en hanteert value-based pricing en portfolio-management: winstgevende MOOCs maken ruimte voor strategische trajecten. Voor Leiden betekent dit: duidelijke afspraken over kostprijs, benutting van subsidies (bijv. Npuls, Horizon) en een transparante begrotingssystematiek. 

'De cursus leert teams “beargumenteerd afwijken van de richtlijn”

Innovatie en verandering

Verandering vraagt meer dan een project; het vraagt een beweging. Belangrijk: begin bij de ‘coalition of the willing’, creëer zichtbaarheid en laat toegevoegde waarde zien. Stakeholdermapping helpt om invloed en belang te plotten en gerichte communicatie te ontwikkelen. Dit is een aanpak die we ook al binnen ULA toepassen. 

Marketing en positionering

Een sterk LLO-aanbod vraagt een helder merk en een scherpe propositie. Kernboodschap, doelgroepkeuze en empathie zijn cruciaal. Persona’s, minimum viable audience en een marketingmix (product, prijs, promotie, plaats) vormen de basis. Digitale strategieën zoals LinkedIn-campagnes, webinars en alumni-kortingen versterken de zichtbaarheid. 

Nederlandse universiteiten zetten daarnaast in op impactgerichte marketing: niet alleen aantallen, maar maatschappelijke meerwaarde staat centraal. Voor Leiden ligt hier een kans om onze corporate story en LLO-propositie duidelijk te communiceren – zowel B2C als B2B. 

Didactiek voor professionals

Onderwijs voor professionals vraagt maatwerk en wederkerigheid. Professionals brengen expertise en praktijkervaring mee; docenten worden facilitators. Interactieve werkvormen zoals intervisie, simulaties en beroepsproducten sluiten hierbij aan. Toetsing gaat verder dan tevredenheid: impact op praktijk en organisatie telt. Microcredentials spelen hierin een groeiende rol. Dit vraagt om een kwaliteitskader en duidelijke leeruitkomsten. 

Reflectie en vervolgstappen

De leergang bevestigde dat LLO geen bijzaak is, maar een strategische pijler. Voor Universiteit Leiden betekent dit; 

  • Beleid en governance - vastleggen van kaders en rollen, samenwerking stimuleren. 
  • Financiën -  transparante kostprijsmodellen, portfolio-aanpak en benutting van subsidies. 
  • Marketing - een herkenbare merkidentiteit, impactgerichte communicatie en B2B-relaties. 
  • Didactiek - professionalisering van docenten en ontwikkeling van interactieve, praktijkgerichte programma’s. 

 

Belangrijkste take-aways:

  • LLO is niet alleen een beleidsopgave, maar een kans om impact te maken – voor professionals, voor de universiteit en voor de samenleving. Het vraagt visie, samenwerking en durf om te pionieren.

  • Landelijk gezien is veel variatie in de manier waarop centrale LLO-offices en facultaire LLO-offices (of business units) zich tot elkaar verhouden. Hier lijkt geen ‘beste oplossing’ te bestaan. Voortbouwen op de kracht van bestaande organisatieonderdelen, heldere communicatielijnen opbouwen en afstemmen op organisatiecultuur is belangrijk. 

  • Het is belangrijk om van buiten naar binnen te werken als het gaat om het ontwikkelen van LLO-aanbod. Er moet worden geïnvesteerd in een business developer (of vergelijkbaar) die actief connectie zoekt met de vraag vanuit de markt. 

Wil je meer weten? Neem contact met ons op!

Justin Sijtsma – Manager PDC en LLO Liaison FSW 
j.sijtsma@fsw.leidenuniv.nl 
Lisette Oosterhuis – Coördinator Universiteit Leiden Academy l.w.oosterhuis@BB.leidenuniv.nl  

Deze website maakt gebruik van cookies.  Meer informatie.