Universiteit Leiden

nl en

Nieuwe sectie maakt statistiek begrijpelijk

Statistiek?’ Dat vond ik vroeger echt een vreselijk vak!’, krijgt statisticus Sanne Willems vaak te horen. En dat is jammer, vindt ze: ‘want het hoeft niet per se moeilijk te zijn.’ Samen met twee oud-studiegenoten richtte ze daarom de sectie Statistics Communication op voor goede communicatie over statistiek.

Begin bij jezelf

Iedereen heeft tegenwoordig te maken met data en statistiek, aldus Willems. Bijvoorbeeld bij het bezoeken van de huisarts of het lezen van de krant. ‘Het probleem is dat statistiek voor veel mensen lastig te begrijpen is, en dat statistici zich daar niet altijd bewust van zijn’. Met oud-studiegenoten Nynke Krol en Nikky van Buuren richtte ze daarom de sectie Statistics Communications op binnen de Nederlandse Vereniging van Statistiek en Operations Research. De drie willen collega’s stimuleren meer na te denken over hoe zij hun onderzoek begrijpelijker kunnen maken voor het grote publiek.

Overal aanwezig

Want dat gaat nu nog vaak mis, aldus Willems. ‘Bij cijfers in de krant mist vaak informatie over hoe deze tot stand zijn gekomen, zijn conclusies erg kort door de bocht, of worden cijfers zelfs uit hun verband getrokken of misbruikt. Het zou goed zijn als mensen meer weten over statistiek, zodat ze dit soort dingen zelf herkennen.’

Dat is belangrijk omdat data tegenwoordig overal aanwezig is. Het wordt veelvuldig gebruikt om voorspellingen te maken, ook in bijvoorbeeld de gezondheidszorg. ‘Dus als je eigenlijk niet weet waar die getallen vandaan komen, heeft dat best invloed,’ vindt Willems. ‘Ook als je met je arts praat: achter de keuze van een bepaalde behandeling zit vaak statistiek. Het is fijn als je die begrijpt. Is de aanbeveling van de arts specifiek voor jou, of voor alle vrouwen, of alleen vrouwen in jouw leeftijdsklasse? Het is belangrijk te weten waar het vandaan komt, en ook wat de mate van onzekerheid is.’

Bewustwording

Om dat te bereiken, beginnen Willems, Krol en Van Buuren dus bij de statistici zelf. Door middel van symposia en workshops wil de sectie kennis delen over de communicatie van statistiek. ‘Er is al aardig wat onderzoek gedaan naar communicatie over ons vakgebied. Die kennis willen we verspreiden, en erover discussiëren,’ zegt Willems. In de workshops zullen vaardigheden aan bod komen als bloggen, visualisatie van data en het maken van interactieve plots. Ook hopen de drie op samenwerkingen met andere partijen, zoals journalisten, docenten en artsen. ‘Het belangrijkste is de bewustwording dat statistiek niet zo vanzelfsprekend is als je er niet elke dag mee bezig bent’.

Symposium

Al bij het eerste symposium van de sectie bleek de animo groot. Binnen een paar dagen was de inschrijving voor Communicating statistics to different audiences vol met statistici. ‘Het CBS gaf de eerste presentatie,’ vertelt Willems. ‘Daar zijn ze de laatste jaren steeds meer bezig met communicatie. Ze hebben verteld hoe ze statistiek leuker en begrijpelijker proberen te maken met filmpjes en andere visualisaties.’ Onderzoeksconsultant Nel Verhoeven sprak daarna over statistiekeducatie en de belangrijkste valkuilen van statistiekonderzoek en -communicatie.

Kleine trucjes

Ten slotte sprak keynote-speaker Gerg Gigerenzer van het Max Planck Instituut for Human Development in Berlijn over risicocommunicatie in de gezondheidszorg. ‘Volgens hem is het bijvoorbeeld beter over absolute risico’s te spreken in plaats van relatieve. Als een hele geringe kans 50% procent groter wordt, is de kans namelijk nog steeds heel klein. Om verwarring te voorkomen, kun je daarom beter ook de vertellen wat deze stijging betekent: bijvoorbeeld dat de kans dan dus stijgt van 2% naar 3%. Daarbij zie je dat de kans nog steeds vrij klein is: iets wat niet meteen duidelijk is bij een ‘stijging van 50%.’ Met dat soort kleine trucjes kun je het dus al simpeler maken.’

Dat zelfs ogenschijnlijk simpele zinnen al voor meerdere interpretatie vatbaar zijn, bleek uit een experiment aan het begin van het symposium voor statistici. De aanwezigen moesten beantwoorden hoe zij de uitspraak ‘de meeste knikkers zijn rood’ interpreteren, wanneer er gesproken wordt over een bak met verschillende kleuren knikkers. De ene helft van de aanwezigen dacht dat meer dan de helft van de knikkers rood is, de andere helft dacht dat de rode knikkers enkel de grootste groep vormden (meer rood dan andere kleuren). ‘In het voorbeeld gaat het om knikkers’, zegt Willems. ‘Maar als het gaat om mensen (‘De VVD krijgt de meeste stemmen in Eindhoven’), wordt een zorgvuldige formulering dus een stuk belangrijker!

Deze website maakt gebruik van cookies. Meer informatie