Universiteit Leiden

nl en
Links: H.H. Koppelman, A. Villalobos, A. Helmi. Rechts: R. van der Woude, A. Helmi, Coyau (Wikimedia Commons/CC BY-SA 3.0), NASA/STScI.

Jonge Melkweg slokte ander sterrenstelsel op

Ons eigen sterrenstelsel is niet in zijn eentje gevormd, maar smolt in zijn vroege jeugd samen met een ander groot stelsel. Dat schrijft een internationaal onderzoeksteam op 1 november in Nature. Laatste auteur van het artikel is de Leidse astronoom Anthony Brown.

Opvallende sterrencollectie

De aanwijzingen voor deze gebeurtenis lagen voor het oprapen in onze directe galactische omgeving, stellen de astronomen. Voor het zichtbaar maken ervan was echter de buitengewone gevoeligheid van ESA-satelliet Gaia nodig. Die meet de positie, beweging en helderheid van sterren met een nauwkeurigheid die voorheen niet kon worden bereikt. De astronomen gebruikten 22 maanden aan waarnemingen en keken naar de 7 miljoen sterren waarvan de 3D-posities en -snelheden beschikbaar zijn. Ze ontdekten dat 33 duizend van deze door de Melkweg bewegende sterren tot een opvallende collectie behoren.

Tegenovergestelde richting

Deze verzameling sterren omringt ons, vermengd met de andere sterren. Een deel ervan passeert momenteel de omgeving van ons zonnestelsel. Ze vielen op in de Gaia-data door hun langgerekte banen in precies de tegenovergestelde richting van die van de andere honderden miljarden sterren in ons zonnestelsel de Melkweg, waaronder de zon.

Galactische versmelting

Het enorme aantal sterren met afwijkend gedrag intrigeerde de astronomen. Zij vermoedden dat dit iets met de ontstaansgeschiedenis van ons sterrenstelsel te maken zou kunnen hebben. Daarop vergeleken ze eerdere simulaties van het fuseren van twee grote sterrenstelsels met de waarnemingen van Gaia, en die komen met elkaar overeen. Eerste auteur Amina Helmi (Rijksuniversiteit Groningen): 'De verzameling sterren die we met Gaia hebben gevonden heeft alle kenmerken die horen bij de overblijfselen van een galactische versmelting.'

Dikke schijf werd dikker

De sterren behoorden dus ooit tot een ander sterrenstelsel, dat is opgeslokt door de Melkweg. Ze vormen nu het grootste deel van de binnenste halo, een gebied met oude sterren dat de centrale verdikking en de schijf van de Melkweg omgeeft. De galactische schijf zelf bestaat uit twee delen, een dunne en een dikke schijf. De dikke schijf bevat ongeveer 20 procent van de Melkwegsterren. Ten tijde van de botsing waren de sterren die nu in de dikke schijf zitten er al, maar de botsing zorgde ervoor dat de schijf werd opgeschud en dikker werd. 

Chemische vingerafdruk

Sterren binnen een sterrenstelsel hebben een unieke chemische samenstelling en als de gevonden ster-collectie inderdaad oorspronkelijk uit een ander stelsel afkomstig is, moet dit in de chemische vingerafdruk van de sterren zijn terug te vinden. Aanvullende informatie uit het APOGEE-survey heeft dit bevestigd.  

25 jaar geleden werd tijdens de eerste discussies over de bouw van de Gaia-telescoop het onderzoek naar de ontstaansgeschiedenis van de Melkweg als een van de wetenschappelijke kerndoelen geformuleerd. Laatste auteur Anthony Brown (tevens voorzitter van het Gaia-dataverwerkingsconsortium DPAC): 'Deze visie werpt nu zijn vruchten af.'

Grieke mythologie

De astronomen hebben het opgeslokte stelsel Gaia-Enceladus genoemd, naar een van de Giganten in de Griekse mythologie, zoon van Gaia (de oermoeder, de aarde) en Uranus (de personificatie van de hemel). 

Als ondersteunend bewijs vonden de astronomen ook nog honderden variabele sterren en 13 bolvormige sterrenhopen die dezelfde banen volgen als de sterren van Gaia-Enceladus. Dat wijst erop dat ook zij deel uitmaakten van dat stelsel. Het feit dat zoveel bolhopen met Gaia-Enceladus in verband te brengen zijn, is een extra aanwijzing dat dit ooit een groot sterrenstelsel moet zijn geweest. 

Heftige ontmoeting

Nadere analyse wijst erop dat het stelsel ongeveer zo groot moet zijn geweest als een van de Magelhaense Wolken, ongeveer 10 keer zo klein als de huidige Melkweg. Maar 10 miljard jaar geleden was de Melkweg zelf veel kleiner en daarom wordt de verhouding ten tijde van de versmelting geschat op 4:1. 

'Het was een heftige ontmoeting waarbij Enceladus de Melkweg behoorlijk heeft opgeschud. Dit heeft geleid heeft tot de vorming van de dikke schijf, waarvan de oorsprong tot nu toe onbekend was', besluit Helmi.  

Bron: astronomie.nl
Beeld boven artikel: Links een simulatie die laat zien hoe Gaia-Enceladus (rood) in de Melkweg (wit) is opgegaan. Rechts een artistieke impressie van de Gigant Enceladus die wordt verzwolgen door de Melkweg.
Credit links: H.H. Koppelman, A. Villalobos, A. Helmi. Credit rechts: R. van der Woude, A. Helmi, Coyau (Wikimedia Commons/CC BY-SA 3.0), NASA/STScI.

Deze website maakt gebruik van cookies. Meer informatie