Universiteit Leiden

nl en

Kosmos

De geschiedenis van de sterrenkunde valt volgens Harm Habing in twee delen uiteen. Het eerste deel loopt van het prille begin tot de Tweede Wereldoorlog en het tweede deel bestrijkt de geschiedenis vanaf de oorlog tot heden. Ieder deel krijgt zijn eigen band. Het onderhavige boek is het eerste deel.

Tweedeling

In de tijd gezien staan op die manier enkele duizenden jaren tegenover slechts enkele decennia. Ruimtelijk wordt de tweedeling grofweg gemarkeerd door de grenzen van ons melkwegstelsel. Vanaf de oorlog kunnen we daar beter overheen kijken door middel van de radio-, röntgen- en infraroodatronomie.

Arbitrair

Een andere technische innovatie die de tweedeling rechtvaardigt, is de opkomst van de ruimtevaart. Hierdoor werd het mogelijk om zonder atmosferische storingen naar de sterren te kijken. Toch blijft deze tweedeling arbitrair. Alsof er voor de Tweede Wereldoorlog geen technische innovaties waren die de sterrenkunde op een hoger plan brachten.

Tegendeel

Habing bewijst juist het tegendeel. En dat doet hij op een zeer lezens- en beschouwenswaardige wijze. Het boek is mooi vormgeven met zeer veel prachtige foto’s en ander illustratiemateriaal. Wie denkt dat het dus meer een kijk- en bladerboek is, vergist zich. Er valt ook zeer veel te lezen in dit boek.

Rasverteller

Ook van de tekst straalt het plezier dat rasverteller Habing zelf beleeft aan de geschiedenis van zijn vakgebied, van de tekst af. Hij weet daardoor de aandacht van de lezer goed vast te houden. Ook wanneer de technische verklaringen af en toe het uiterste vergen van de geïnteresseerde leek. Want het is een serieus college dat zo in het curriculum van sterrenkunde zou kunnen passen.

Anekdotes

De technische uitleg wordt steeds gelardeerd met (soms sappige) anekdotes over de grote aantallen wetenschappers die aan bod komen. Vaak ook zijn het anekdotes uit Habings eigen ervaring. Zoals de discussie die hij had met een Franse collega over Vincent van Gogh en René Descartes.

Genie

Die collega legde Habing uit dat het werkelijke ‘genie’ van Van Gogh toch pas in Frankrijk was gebleken en dat Van Gogh dus eigenlijk een Franse kunstenaar was. Habing paste zijn argument toe op Descartes die zijn belangrijkste werken in Nederland had geschreven. Eigenlijk was die dus Nederlander, redeneerde hij. Zijn collega gaf hem, na de schilder te hebben afgewogen tegen de filosoof, Van Gogh terug.

Taxichauffeur

Een ander voorval vond plaats tussen Habing en een Nieuw-Zeelandse taxichauffeur die hem in zijn taxi na afloop van een congres naar het vliegveld bracht. De man had de dag ervoor een reportage gezien over het planetarium van Eise Eisinga in Franeker en vroeg hem hierover nu honderduit.

Minpuntjes

Ondanks zijn aantrekkelijkheid heeft het boek ook een paar minpuntjes. Misschien door de snelheid waarmee het gemaakt is, staan er nog veel zogenoemde tekstverwerkerfouten in. Zinnen die soms een andere wending krijgen en waarin je nog duidelijk kan herkennen wat er eerder heeft gestaan. Een goede eindredactie haalt dat soort fouten eruit.

Vergeeflijk

Een andere vergeeflijke fout maakt Habing zelf bij een verhaal over kalenders en hun problemen. Vergeeflijk, omdat kalenderberekeningen al sinds jaar en dag niet meer tot het terrein van de sterrenkunde behoren. Hij vertelt dat bij de invoering van de Gregoriaanse kalender in 1582 een kleine wijziging in de Juliaanse kalender werd aangebracht waarbij eens per vierhonderd jaar de schrikkeldag vervalt. ‘Daarom is 29 februari 2000 overgeslagen’, voegt hij eraan toe.

Schrikkeljaar

Nu is negen jaar al best weer lang geleden, maar ik neem aan dat er vast nog een hoop mensen zijn die zich weten te herinneren dat 2000 toch echt een 29 februari had. Het is dan ook niet zoals Habing vertelt. Het is precies omgekeerd. In 1582 werd besloten om ieder eeuwjaar, 1700, 1800, 1900 geen schrikkeljaar te laten zijn. Dit omdat 25 schrikkeldagen in één eeuw net te veel is. Maar ook dan komt de berekening niet helemaal goed uit. Daarom is besloten om om de vier eeuwen wel een 25e schrikkeldag in te voeren, en wel in de jaren 1600, 2000, 2400 enzovoort.

Deze website maakt gebruik van cookies.  Meer informatie.