‘Ik hoop dat ze tijdens het scrollen denken: wacht, wat heb ik daar ook alweer over geleerd?’
Roze was voor jongens, blauw voor meisjes. De regels veranderen voortdurend, maar voelen voor de meeste mensen toch vanzelfsprekend. Tijdens een college van PRE Den Haag leerden middelbare scholieren hoe gendernormen iedereen raken, ook als je er zelf nooit bij stilstaat.
'Je vertelt altijd een verhaal'
Looi van Kessel, universitair docent aan Universiteit Leiden, drag queen, en hoofdredacteur bij Tijdschrift voor Genderstudies, opent het college met een duidelijke stelling: wie kleding kiest, vertelt een verhaal over zichzelf. Niet alleen over je smaak, maar ook over religie, sociale klasse, subcultuur – en over je eigen gender. "Kleding communiceert wie je bent, of je dat nou wil of niet."
Vanuit die gedachte neemt hij de PRE’ers mee door de geschiedenis van kleding en gender: hoe mannen zich in Shakespeares theater als vrouw verkleedden, hoe feministen vochten voor het recht op een broek, en hoe hippies in de jaren zestig de grens tussen mannen- en vrouwenkleding opzochten. Die vrijheid stuitte telkens op een tegenbeweging en weerstand. Ook nu. Van Kessel wijst op protesten tegen drag performers die in bibliotheken voorlezen aan kinderen. "Dat soort protesten komen overgewaaid uit de Verenigde Staten," stelt hij, "maar we zien ze ook hier, in partijprogramma's en op verkiezingsposters.”
Waken voor strenge normen
Die weerstand komt volgens Van Kessel vooral voort uit angst en onrust: “We zijn geneigd om op elkaar te willen lijken, en bij de groep te horen. Wanneer mensen afwijken van die norm, projecteren we daar onrust op.” Wanneer normen over mannen en vrouwen verstarren en we hun oorsprong vergeten, spreekt men van genderideologie. Dat is iets om voor te waken, zegt hij: "Het wordt gevaarlijk als een ideologie zo vanzelfsprekend aanvoelt dat we andere manieren van leven niet meer als normaal kunnen zien."
Onderzoek wijst bovendien uit dat gendernormen worden aangescherpt op het moment dat mensen het gevoel hebben de grip op de wereld te verliezen. Turbulente tijden van oorlog, klimaatverandering en inflatie zorgen voor een behoefte aan houvast, ook over de "rol" van de man en de vrouw. De opkomst van de manosphere, en het online fenomeen van de tradwife – vrouwen die “traditionele” gendernormen promoten – is daarmee niet onverwacht, aldus de docent.
Iedereen zijn eigen laatje
PRE-student Louise (17), die twee jaar lang hoofd was van de GSA (Gender & Sexuality Alliance) op haar school, herkent de groepsdynamiek die Van Kessel beschrijft. Op haar school is er weinig ruimte voor wie buiten de norm valt. "Iedereen heeft toch heel erg dat 'doe normaal'-idee. We willen de samenleving zien als een apothekerskast: alles in een eigen laatje. Oh, die past daar en die past daar, dan is dat heel overzichtelijk. Maar zo zit de wereld helemaal niet in elkaar."
David (18) herkent dat beeld. "Het verschilt. De een reageert veel heftiger dan de ander." Die reacties van medescholieren op mensen die afwijken van de norm kunnen ook wel eens negatief zijn. "Mij maakt het niet uit wat iemand doet met hun kleren of gender. Ik ben er zelf eigenlijk helemaal niet mee bezig. Maar je hebt er ook mensen tussen zitten die er helemaal van walgen."
Voor Louise is dat de reden waarom een college als dit belangrijk is, ook voor mensen die zelf niet met hun genderidentiteit worstelen. "Ik denk dat iedereen er iets uit kan halen. Het is voor iedereen van belang dat je weet hoe het is om met je identiteit te zitten en hoe je iemand kunt behandelen die daar wel mee bezig is."
Positieve voorbeelden
Van Kessel vindt juist daarom deze doelgroep belangrijk. Normaal gesproken geeft hij college aan derdejaars- en masterstudenten die de theorie al kennen. Scholieren zijn daarin anders: als pubers zijn ze al volop bezig met gender en groepsvorming, maar hebben de woorden er nog niet voor om er kritisch over na te denken.
Zo’n college biedt daarvoor handvatten, en dat is volgens de docent nodig. "Je ziet een beweging naar conservatisme. Homo-acceptatie gaat snel achteruit in Nederland, transgenderacceptatie nog sneller. "Als ze ergens langs scrollen op TikTok, hoop ik dat ze even denken: wacht, wat heb ik daar ook alweer over geleerd?"
Of één college opweegt tegen de invloedrijke algoritmes van sociale media? Van Kessel is optimistisch. "We worden niet homofoob of seksistisch geboren. Dat zijn ideeën die we meekrijgen uit onze omgeving, en daar kunnen we positieve voorbeelden tegenover zetten. Het voelt misschien als vechten tegen de bierkaai, maar ik geloof niet dat het een verloren zaak is."
Over dit college
Bij PRE Den Haag volgen scholieren uit 5 vwo een jaar lang onderwijs aan de Universiteit Leiden. Ze maken kennis met wetenschappelijk onderzoek en komen in aanraking met uiteenlopende vakgebieden. Ook leren ze hoe wetenschap impact kan maken, door aan de slag te gaan met een lokaal vraagstuk. Met PRE Den Haag kunnen studenten zich zo breder ontwikkelen en zich oriënteren op het leven na de middelbare school.
Het programma is opgebouwd uit meerdere blokken, elk met een eigen thema. Het gastcollege van vandaag valt onder het thema ‘Identiteit en Verbondenheid’. PRE-studenten ontdekken daarbinnen hoe wetenschappelijke kennis over onderwerpen als voeding, taal, duurzaamheid, en burgerschap verbonden is met hun dagelijks leven en hoe deze door de wetenschap worden bestudeerd.
PRE-studenten reflecteren daarbij ook op de relatie tussen identiteit en academische kennis. Je achtergrond beïnvloedt welke vragen je stelt en hoe je bepaalde data interpreteert. Studenten leren dat dit zowel een kracht als een valkuil kan zijn, en dat ze met hun unieke identiteit een plaats hebben in de academische wereld en daaraan juist kunnen bijdragen, bijvoorbeeld door nieuwe onderzoeksvragen te stellen. Na het college van Van Kessel beginnen ze aan een creatieve eindopdracht: een zine over hun eigen achtergrond.
Tekst: Thirze Wiegers
Fotografie: Nesie Wang
