Logo Universiteit Leiden.

nl en

P.J. Vethgebouw

Het intern verbouwde gebouw P.J. Veth is in de zomer van 2017 feestelijk geopend en in gebruik genomen door de faculteit Geesteswetenschappen. Dit is het eerste afgeronde deelproject in de ontwikkeling van een vernieuwde Humanities Campus. Met grote zorgvuldigheid is het monument omgevormd tot een modern onderwijsgebouw met aantrekkelijke werkplekken en ruimten voor studie en ontmoeting.

De feestelijke opening van het vernieuwde P.J. Veth door Martijn Ridderbos, vice-voorzitter van het College van Bestuur.

De nieuwe entree

Met de nieuwe entree aan de Hortuszijde beschikt het P.J. Veth over een goede aansluiting op de andere gebouwen van het Witte Singel-Doelencomplex. Via een zwevende, betonnen trap komt de bezoeker binnen op de zogenoemde bel-etage, de hoofdverdieping van het gebouw.

Foto's: Marc de Haan

De drie nieuwe spitsbogen verbinden de entree met het gerestaureerde trappenhuis. 

Wie werken er in het gebouw?

Van het P.J. Veth maken gebruik:

  • Instituut Wijsbegeerte
  • Academie der Kunsten (ACPA)
  • Confucius Instituut
  • Digital Humanities
  • Informatisering en Facilitaire Zaken 

Voor studenten heeft het gebouw ook veel te bieden: studieplekken in de Lounge en een bibliotheek.

 

De oude buitenwand van het Botanisch Laboratorium met de originele voegen weer in het zicht.
De originele collegebanken en het leraarmeubel zijn met vakmanschap hersteld.
De oude bibliotheek waar studenten geconcentreerd kunnen werken.

Achtergrondinformatie

Naamgever P.J. Veth

Het gebouw is in 2006 vernoemd naar P.J. Veth (1814-1895), hoogleraar Land- en Volkenkunde van Nederlands-Indië aan het Indisch Instituut in Leiden
Pieter Johannes Veth viel als jongeman al op door zijn slimheid. Hij mocht theologie studeren aan de Leidse universiteit. Daarnaast studeerde hij letteren, met name Hebreeuws en Arabisch. In 1840 promoveerde hij in Leiden op een transcriptie van een Arabisch handschrift.

Historie van het gebouw

De experimentele tak van de botanie, de plantenfysiologie, was aan het einde van de 19e eeuw sterk in opkomst. Wegens de toegenomen belangstelling werden ruimere laboratoria voor onderwijs en onderzoek wenselijk. Toenmalig Bouwmeester Jacob van Lokhorst kreeg opdracht een gebouw te ontwerpen dat geschikt was als botanisch laboratorium, onderwijsruimte en rijksherbarium. Het nieuwe laboratorium diende aan de Hortus te liggen, op de plaats van het oude laboratorium achter het Academiegebouw. Het bouwplan werd gefaseerd uitgevoerd zodat onderzoek en onderwijs konden doorgaan tijdens de bouwwerkzaamheden. Een belangrijk uitgangspunt bij de planvorming was dat het Botanisch Laboratorium en het Rijksherbarium in één gebouw zouden komen, maar dat de instellingen in functie en organisatie gescheiden bleven.

Eerst werd het Botanisch Laboratorium aan de Nonnensteeg 3 gebouwd, tussen 1904 en 1908. In 1914 werd daar het nieuwe Rijksherbarium aan toegevoegd, aan de Nonnensteeg 1. De gebouwdelen werden met elkaar verbonden door een lager gelegen tussendeel en werden gebouwd in een neogotische stijl, onder andere te herkennen aan de hoge spitsvormige vensters met flamboyante traceringen.

De afdeling microscopie anno 1948. De ramen aan de noordzijde van het gebouw zorgden ervoor dat het werk niet belemmerd werd door direct zonlicht. Door de hoge ramen reikte het licht tot ver in de ruimte waardoor werken op een tweede niveau mogelijk was. Op deze plek bevindt zich nu de riante Study Lounge.

Deze website maakt gebruik van cookies. Meer informatie