Logo Universiteit Leiden.

nl en

Blok II: Verdiepen in wetenschap

In Blok II maken we kennis met wetenschappelijk onderzoek en kun je zelf een keuze maken uit verschillende colleges.

Je kiest twee keer 4 colleges uit een breed aanbod en we sluiten de collegeseries af met een presentatiemiddag. Alle colleges zijn van 13:00-17:00 uur.

Het belang van DNA

Rechtspraak aan de hand van DNA-fingerprinting technieken, opsporen van kankergenen met DNA chips, humaan insuline produceren voor diabetespatiënten, 900C-wasgoed schoon maken met intacte enzymen, afvalwater zuiveren met micro-organismen en medicijnen op maat maken voor gebruik in gentherapie. Aan de basis van al deze mogelijkheden en toepassingen ligt de levende cel, waarover je alles ontdekt in het vakgebied van Life Science & Technology. 

In deze reeks van 4 (werk)colleges maak je kennis met diverse aspecten van fundamenteel onderzoek aan DNA en ook het toegepaste gebruik van DNA technieken in het biomedische en forensische onderzoek. De levende cel is een ingenieus ontworpen en zichzelf onderhoudende eenheid, waarin alle levensprocessen plaatsvinden en worden gestuurd. Cellen zijn opgebouwd uit biomoleculen zoals eiwitten, vetten en DNA. Elk onderdeel in de cel heeft zijn eigen unieke functie en toepassing. Het molecuul DNA, met een lengte van 2 meter (zeer vernuftig opgevouwen!) per menselijke cel, dient als opslagplaats voor alle informatie die nodig is om de cel te laten functioneren. DNA bepaalt hoe een organisme er uit zal zien en zorgt dat het organisme kan blijven functioneren en nakomelingen kan krijgen. Kortom, zonder DNA zouden er geen bacteriën, planten, dieren en mensen bestaan. De diverse onderzoeksgebieden waarbij DNA een belangrijke rol speelt, reiken van fundamenteel biologisch, biotechnologisch, biomedisch, farmaceutisch tot forensisch onderzoek. NB: Kennis van biologie is essentieel voor het begrip van deze collegereeks 

College I 
Docenten: dr. M. de Smit (13.00-14.00 en 14.30-15.30) 

DNA: Historie en Heden
In het eerste gedeelte van het college wordt een beknopt historisch overzicht gegeven over het DNA-onderzoek. In het tweede deel van het college ligt de nadruk op DNA technieken die een moderne wetenschapper tegenwoordig ter beschikking heeft om zijn onderzoek naar de enorme verscheidenheid aan levensprocessen uit te voeren. 

Werkcollege I (16.00-17.00 uur) Aan de hand van vragen zullen jullie het college I samen met de docenten verder uitwerken en nabespreken. 

College II 
Docent: prof. dr. M. Noteborn (13.00-14.00 en 14.30-15.30) 
Van DNA naar delinquent naar patiënt naar…? 

Het DNA van een mens lijkt voor een zeer groot gedeelte op het DNA van zijn medemens, maar bevat ook gebieden die juist heel erg verschillend zijn of kunnen worden. DNA bepaalt wie je bent, maar kan ook bepalen of je ziek zult zijn of worden. DNA heeft nog een zeer belangrijke eigenschap, het is zeer stabiel en onder bepaalde condities kan het duizenden jaren blijven bestaan. Al deze eigenschappen van het DNA maken het uitermate geschikt om te gebruiken voor de identificatie van misdadigers, maar ook van patiënten uit het verleden en in de toekomst. Werkcollege II (16.00-17.00 uur) Aan de hand van vragen zullen jullie het college II samen met de docenten verder uitwerken en nabespreken. 

College III 
Docent: prof. dr. M. Noteborn (13.00-14.00 en 14.30-15.30) 
Ongezond DNA 

Wat hebben de oorzaken van sommige ziekten te maken met ons DNA en levert kennis van DNA nieuwe medicijnen op? Onderzoek naar het ontstaan van kanker en het ontwikkelen van toekomstige kankertherapieën blijkt op verrassende wijze te kunnen worden uitgevoerd. 

Werkcollege III (16.00-17.00 uur) Aan de hand van vragen zullen jullie het college III samen met de docenten verder uitwerken en nabespreken. 

College IV 
(13.00-14.00 en 14.30-15.30 uur) 
Repareren van DNA 

DNA speelt een essentiële rol in het functioneren van een gezond organisme. Schade in het DNA treedt op in onze cellen, maar wordt op ingenieuze wijze verwijderd. Wordt er in ons lichaam gezaagd, gesleuteld, geknipt, gelijmd? Verbaas je wat er allemaal in ons lichaam dagelijks aan routine werkzaamheden worden uitgevoerd. 

Werkcollege IV (16.00-17.00 uur) 
Aan de hand van vragen zullen jullie het college IV samen met de docent verder uitwerken en nabespreken. Tevens verzorgen alle deelnemers in groepen een presentatie over hetgeen in de colleges is besproken. Eén van deze presentaties wordt op 11 maart bij de centrale presentatiebijeenkomst herhaald.

Dit blok kun je kiezen als je biologie in je pakket hebt.

Het Nederlandse slavernijverleden

Het slavernijverleden van Nederland staat sinds enkele jaren weer volop in de schijnwerpers. Steeds meer mensen zijn geïnteresseerd in de sporen die slavernij heeft nagelaten in de huidige samenleving, wat leidt tot discussies over Zwarte Piet en discriminatie op de arbeidsmarkt. Maar hoe kwam dat slavernijsysteem nu tot stand? Wie profiteerden ervan, en hoe verzetten tot slaafgemaakten zich tegen dit mensonterende systeem? Dat zijn enkele van de vragen waar we in dit college mee aan de slag zullen gaan.

College 1: Inleiding (7 januari)
Dit college geeft een brede inleiding op het slavernijsysteem. Hoe kwam het tot stand, hoe werkte de slavenhandel, wat was de plek van Suriname en Curaçao in internationale slavernijsystemen, en hoe werd dit alles gefinancierd?

College 2: Hoe onderzoek je slavernijgeschiedenis? (15 januari – let op, dit is een dinsdag i.v.m. de openingstijden van het archief)

Dit college vindt plaats in het Nationaal Archief in Den Haag, waar we met originele 18e-eeuwse bronnen aan de slag zullen gaan. Aan de hand van o.a. resoluties van de Staten-Generaal gaan we kijken wat de machtshebbers schreven over slavernij, en waarover ze zwegen. Zo krijg je een inkijkje in het werk van de historicus, en begin je tevens met je eigen onderzoek.

College 3: Weg van de plantage (21 januari)
In dit college kijken we enerzijds naar hoe tot slaafgemaakten probeerden hun lot te verzachten of te ontkomen, bijvoorbeeld door te vluchten. We kijken ook naar slaafgemaakten die naar Nederland kwamen, en hoe het hen vervolgens verging. We sluiten af met een stadswandeling door Leiden om te zien welke sporen slavernij heeft nagelaten in de stad.

College 4: Presentaties (28 januari)
We sluiten de collegereeks af met presentaties van het onderzoek dat je zelf, in groepsverband, hebt uitgevoerd.

Docent: Dr. Bram Hoonhout

Literatuur en wetenschap

Madame Bovary, Meursault, Eline Vere. Het zijn beroemde personages uit bekende romans. Wat doen deze personages met jou als lezer en wat laat een schrijver aan de hand van een personage zien over bijvoorbeeld de historische context, de psychologische ontwikkeling en de dilemma’s waar een personage mee worstelt? Het bedenken van personages is maar één van de middelen die de schrijver tot zijn beschikking heeft om jou als lezer in het verhaal te betrekken. De serie literatuur en wetenschap richt zich op de lezer en de schrijver van een roman. De lezer leest een verhaal, interpreteert de gebeurtenissen, het plot en identificeert zich misschien met een personage.  Daartegenover staat de schrijver die middelen ter hand neemt om iets duidelijk te  maken. Welke ideeën heeft hij over de wereld? Wat is zijn blik op de wereld waar je van overtuigd zou kunnen raken als lezer?

Aan de hand van een aantal romans onderzoeken we zowel de mogelijkheden van  de lezer als de schrijver voor het nemen van een perspectief en het geven van een wereldbeeld. En wat zou je als een wetenschapper kunnen met een roman?

Voorbereiding voor eerste college:
Lees het boekje Eline Vere bij de psychiater – F. De Jonghe en hoofstuk I t/m XVII van Eline Vere – Louis Couperus

College 1
Bespreking en discussie primair werk en artikel
College Eline Vere, verhaal, personages en context
Voorbereiding opdracht presentatie

College 2
College over L’étranger van Albert Camus – mr. Claudia Bouteligier
Voorbereiding opdracht presentatie in de UB aan de hand van een bronnenopdracht

College 3
Bespreking en discussie primair werk en artikel
College Margaret Atwoods Alias Grace en narratieve rechtvaardigheid
Presentaties

College 4
Presentaties

Coördinator : drs. A. Simonsz, docenten: mr. Claudia Bouteligier

Construeerbare getallen

In de Griekse oudheid deed men meetkunde met alleen een passer en een ongemarkeerde lineaal. Hiermee kon men (zonder geodriehoek) hoeken in twee gelijke stukken delen, en vierkanten en regelmatige vijfhoeken tekenen.

Sommige constructies, zoals bijvoorbeeld het delen van een hoek in drie gelijke stukken, of het construeren van een regelmatige zevenhoek, bleven buiten bereik, ondanks vele pogingen. Uiteindelijk werden pas rond het jaar 1800 n.Chr. de technieken ontwikkeld om te bewijzen dat sommige constructies onmogelijk zijn, en dat verdere pogingen dus zinloos zijn.

In deze serie gaan de studenten eerst zelf aan de slag met constructies van bijvoorbeeld loodlijnen en bissectrices. Daarna wordt besproken hoe je met de algebra van wortelgetallen een echt bewijs geeft van de niet-construeerbaarheid van sommige objecten.

Neem potlood, passer en lineaal of geodriehoek mee.

Docent: T.C. Streng

Het puberende brein

Wanneer nemen we risico's en wanneer spelen we op safe? En waarom vinden we vaak de mening van anderen zo belangrijk? Om dit soort vragen te beantwoorden wordt er binnen psychologie veel onderzoek gedaan. Dit kan op verschillende manieren. Denk bijvoorbeeld aan zelfrapportage, experimenten of hersenonderzoek (MRI). Met MRI kunnen we de activiteit in de hersenen meten en zo weten we nu bijvoorbeeld dat de hersenen zich nog door ontwikkelen tot aan de volwassenheid. Een belangrijke periode in de ontwikkeling van de hersenen is de adolescentie (ontwikkelingsfase tussen de 10 en 25 jaar). In de adolescentie veranderen niet alleen de hersenen onder andere door invloed van hormonen, maar ook het gedrag van adolescenten verandert erg. Dit maakt de adolescentie een erg interessante periode om te onderzoeken. In deze cursus gaan we dieper in op verschillende onderwerpen die zo kenmerkend zijn voor de adolescentie. Denk bijvoorbeeld aan een toename in risicogedrag, de ontwikkeling van een complexer zelfbeeld en de sterkere invloed van vrienden op gedrag. In het kader van deze onderwerpen krijg je een achtergrond van wat we hebben geleerd van hersenonderzoek. Daarnaast maak je kennis met verschillende manieren van psychologisch onderzoek en ga je zelf je eigen onderzoek bedenken en uitvoeren. In groepjes van drie ga je aan de slag met vragenlijsten en gedragstaken om een antwoord te vinden op jouw zelfbedachte onderzoeksvraag. Je leert hoe je het beste een onderzoeksvraag kunt formuleren, wat er allemaal komt kijken bij het uitvoeren van een echt psychologisch onderzoek en hoe je je data kunt verwerken en analyseren. In het laatste college geef je met je groepje een presentatie over je onderzoek waarbij je laat zien wat voor spannende resultaten er uit zijn gekomen! 

Docenten: Laura van der Aar MSc & Renske van der Cruijssen 
Informatie over de schrijfster van het puberbrein: Eveline Crone

Darmkanker en erfelijkheid

Controversen in de diagnostiek en behandeling van darmkanker 
In de huidige geneeskunde bestaat over veel onderwerpen nog geen consensus en er wordt fel gediscussieerd onder specialisten. Met andere woorden: op nog heel veel vragen is nog geen eenduidig antwoord te geven. In deze serie laten we aan de hand van een veel voorkomende ziekte, darmkanker, zien waar verschillende medische specialisten zich mee bezig houden. In Nederland worden per jaar 13.000 nieuwe gevallen van darmkanker geconstateerd. Ongeveer 1 op de 16 Nederlanders, vrouwen en mannen, 6 % krijgt ooit tijdens het leven darmkanker. 

We weten dat kanker in stappen ontstaat, door een opeenhoping van veranderingen (mutaties) in het erfelijke materiaal (genoom, DNA verpakt in chromosomen) van de cellen. Tijdens het kankerproces verkrijgen de kankercellen de eigenschap om ongeremd te blijven delen, vormen een harde knobbel (tumor) en zullen zich uiteindelijk verspreiden over het lichaam. Bij elke celdeling moet het DNA foutloos worden gekopieerd. Ondanks dat het DNA van 1 cel bestaat uit 2 x 3 miljard baseparen, is een cel in staat dit met een hoge accuratesse uit te voeren. Toch ontstaan er af en toe veranderingen in het DNA van cellen. Aangezien maar ongeveer 1% van het DNA in genen voor eiwitten coderend is, hebben de meeste van deze mutaties geen biologische consequentie. Wanneer echter een mutatie optreedt in of bij een gen, kan dit wel een effect hebben. Voor het ontstaan van een tumor moet een aantal genen gemuteerd zijn. Daar is tijd voor nodig. Daarom is kanker een probleem van oude mensen. De meeste tumoren manifesteren zich dan ook bij mensen van boven de 60 jaar. 

De kennis over het ontstaan van darmkanker neemt steeds meer toe. Darmtumoren kunnen steeds verder in verschillende typen worden onderverdeeld, hetgeen weer leidt tot verschillen in behandeling. Om de diagnostiek en de vele verschillende mogelijkheden van behandeling goed te kunnen overzien is steeds meer specialistische kennis nodig. Ook technieken om verspreiding van de tumor, eerst naar lymfeklieren in de buik en de lever, daarna verder in het lichaam, op te sporen zijn sterk in ontwikkeling. Dit leidt ertoe dat er steeds meer op wordt aangedrongen om de medische zorg voor patiënten met darmkanker te concentreren in een kleiner aantal ziekenhuizen. Ook dit leidt weer tot felle discussies: voorstanders wijzen op de ontdekkingen op genetisch gebied, tegenstanders wijzen erop dat er vooralsnog geen bewijs is dat concentratie van de zorg in een klein aantal gespecialiseerde centra ook werkelijk leidt tot een betere overleving van patiënten. 

College 1 en 2: informatieve colleges door specialisten en practicum van patholoog anatoom en radioloog in de diagnostiek van darmkanker. College 3: Debat over tweetal onderwerpen over darmkanker. College 4: presentaties door deelnemende PRE-studenten. 

Coördinator en docent: Sanne ten Broeke

Kwantummechanica

Kwantummechanica is overal. Electronen in een atoom, bindingen in een molecuul, de geleiding van een koperdraad, al die dingen worden beschreven met kwantummechanica. Supergeleiding,  maar ook je alledaagse koelkastmagneetje kunnen alleen begrepen worden met kwantum-mechanica. En nanowetenschap kan natuurlijk ook niet zonder. In koper zitten de atomen ongeveer 0.3 nm uit elkaar, dus bij een blokje van een paar nanometer denk je aan iets als 100 atomen.  Gaat de wet van Ohm dan nog wel op ? Je wilt natuurlijk ook in staat zijn nano-objecten te zien. Daarvoor bestaan microscopen zoals de Scanning Tunneling Microscoop (STM) die zo gevoelig zijn dat ze atomen en moleculen op oppervlakken kunnen waarnemen. In deze collegereeks gaan we met colleges en experimenten wat dieper in op beide aspecten: wat is het wezen van een kwantummechanische beschrijving, wat begrijpen we daardoor, en hoe kun je eigenlijk atomen ‘zien’.   

Middag 1 
Spoedcursus inleiding kwantummechanica, en college met uitleg over tunnelmicroscopie Na het college een werkcollege om zelf aan problemen te werken.   

Middag 2 
Vervolg college kwantummechanica. Experimenten aan kwantumfenomenen.  

Middag 3
College kwantummechanica en supergeleiding. Experiment supergeleiding. Overleg presentaties.   

Middag 4 
Presentaties.  

Modeling, Specifying and Verifying Computing Systems

Today computer systems are everywhere for facilitating and regulating our activities. Examples of computer systems include user applications such as web browsers and word processors but also very sophisticated safety-critical applications such as air-control systems and nuclear-control plants. The modeling of biological and pharmaceutical processes is an example of a new development. It is very difficult to produce understandable and well-documented large computer programs. For many of these programs we have to be certain that they are correctly doing what they are supposed to do. How can we verify that? While engineers often use continuous mathematics to model and to reason about their structures, computers can only handle finite discrete structures. Theoretical computer science is the branch of computer science that is mostly concerned with the problem of finding abstract, discrete (and possibly finite) models of computing systems together with algorithms for automatically checking whether a model meets its specification. 

Session 1 
A basic model: finite automata, by Marcello Bonsangue 

Session 2 
Modeling software connectors: constraint automata, by Marcello Bonsangue 

Session 3 
Modeling concurrent systems: Petri nets, by Jetty Kleijn 

Session 4 
Specifying and verifying systems: temporal logics, by Marcello Bonsangue 

During each session the students will discuss and present research papers (in English).

Leiden Institute of Advanced Computer Science

Strafrecht in theorie en praktijk

Het recht is overal. Wie met een juridische bril naar de wereld kijkt ziet overal verbintenissen, overeenkomsten en aansprakelijkheden. Het meest mediagenieke rechtsgebied is echter toch wel het strafrecht: wanneer mensen over recht spreken, hebben zij voornamelijk het strafrecht in gedachten. Dit is ook niet ten onrechte: de toepassing van het strafrecht gaat gepaard met verreikende bevoegdheden van het Openbaar Ministerie en de opsporingsdiensten en kunnen diep ingrijpen in de levens van burgers. In deze collegereeks gaan wij dieper in op dit interessante rechtsgebied. Hierbij zal het strafrecht in theorie en praktijk centraal staan en worden belangrijke leerstukken, alsook spraakmakende casus behandeld.   

College 1
Reflectie op het strafrecht In het eerste college bespreken we de fundamenten van het recht in het algemeen en het strafrecht in het bijzonder. Eveneens wordt besproken waaruit het onderzoeksproject van de studenten zal bestaan.   

College 2
Strafrecht in de praktijk Om te ervaren hoe het strafrecht en het strafproces in de praktijk functioneren, houden we in dit college een ‘moot court’: een oefenrechtbank waarin studenten de rol van officier van justitie of advocaat van de verdediging op zich nemen.  

College 3
Excursie Tijdens dit college brengen we een bezoek aan de plaats waar het strafrecht wordt geproduceerd of ten uitvoer wordt gelegd. Afhankelijk van het aantal deelnemers zal er een bezoek worden gebracht aan de Tweede Kamer of de rechtbank.   

College 4
Presentaties onderzoeksprojecten Tijdens het laatste college presenteren de studenten hun onderzoeksprojecten. De groep met de beste presentatie krijgt de eer om zijn onderzoek op de algemene presentatie dag nogmaals te presenteren.   

Coördinatoren: mr. Raisa Blommestijn en mr. Tom Herrenberg

Scheurmakers, preektijgers en kerkverlaters

Hoewel Nederland vandaag de dag tot de meest ontkerkelijkte landen ter wereld behoort, hadden Nederlanders tot ver in de twintigste eeuw de naam een zeer christelijk volkje te zijn. De paus stelde Nederlandse rooms-katholieken in hun geloofsijver en trouw aan het Vaticaan zelfs ten voorbeeld aan kerkgenoten in andere landen. Zowel vrijzinnig- als orthodox-protestantse Nederlandse theologen genoten faam tot ver buiten de landsgrenzen. Tegelijkertijd stonden Nederlanders als dogmatische scherpslijpers en twistzieke scheurmakers bekend. Een van oorsprong Frans gezegde luidt niet voor niets: “één Nederlander: een theoloog, twee Nederlanders: een kerk, drie Nederlanders: een kerkscheuring.” Het Nederlandse kerklandschap is vooral in de negentiende en twintigste enorm gefragmenteerd geraakt. Waarom is dat gebeurd? Welke verschijningsvormen heeft het christendom in Nederland de laatste twee eeuwen aangenomen? Hoe verhielden de diverse kerkgemeenschappen zich tot maatschappij en cultuur, tot Nederland als natiestaat en tot elkaar? En waarom heeft het christendom zijn vanzelfsprekendheid en alomtegenwoordigheid in Nederland langzaamaan verloren? Op deze vragen gaan wij tijdens deze collegereeks met elkaar een antwoord vinden.

Opzet van de colleges
Het startpunt van onze collegereeks is het ontstaan van het Koninkrijk der Nederlanden in 1813. We onderzoeken welke gevolgen deze gebeurtenis had voor het kerkelijk-godsdienstig leven. Processen als natievorming, democratisering, modernisering en verburgerlijking vormen de achtergrond waartegen we veranderingen in het negentiende-eeuwse christendom van een duiding voorzien. Specifieke aandachtspunten daarbij zijn de opkomst van verschillende theologische stromingen in het protestantisme, resulterend in twee scheuringen in de Nederlandse Hervormde Kerk, en de gestage uitbreiding van de invloedssfeer van het rooms-katholicisme.

In het tweede college is Leiden ons een spiegel van de ontwikkeling van het Nederlandse kerklandschap als geheel. Tijdens een wandeling langs verschillende kerken in het centrum van Leiden staan we stil bij de ingrijpende hertekening van dat kerklandschap in de negentiende eeuw en aan het begin van de twintigste eeuw.

In het derde college gaan we ons verdiepen in de onderlinge verhoudingen binnen de drieslag kerk, staat en maatschappij in de twintigste eeuw. De periode vóór de jaren 1960 kenmerkte zich door wat bekend is komen te staan als ‘verzuiling’. Nadien lijkt het christendom veel van zijn zichtbaarheid te hebben verloren. Welke factoren hebben daaraan bijgedragen? Welke aanblik bood het christendom in Nederland uiteindelijk rond de millenniumwisseling?

Ter afsluiting van deze collegereeks vinden in het vierde college groepspresentaties plaats over een kerkbestuurder, theoloog, predikant of priester die zijn/haar sporen in de ontwikkelingsgang van het Nederlandse christendom heeft achterlaten. Te denken valt aan onder anderen Johannes Henricus Scholten (1811-1885), Abraham Kuyper (1837-1920), Herman Schaepman (1844-1903), Titus Brandsma (1881-1942), Gerrit Hendrik Kersten (1882-1948), Anne Zernike (1887-1972) en Klaas Schilder (1890-1952).

 

Literatuur
J. van Eijnatten en F.A. van Lieburg, Nederlandse religiegeschiedenis (Hilversum 2005)

* bestuderen voorafgaand aan college 1: blz. 255-302 (m.u.v. 259, 268, 281, 289, 292-293, 297-299)
* bestuderen voorafgaand aan college 3: blz. 303-343 (m.u.v. 306-307)

DocentDr. T.E.M. Krijger

Biomedische wetenschappen

Het LUMC is een academisch ziekenhuis, wat betekent dat er naast patiëntenzorg ook wetenschappelijk onderzoek wordt verricht. Er worden twee universitaire opleidingen verzorgd, Geneeskunde en Biomedische Wetenschappen. Eén van de divisies binnen het LUMC richt zich vooral op onderzoek en op onderwijs aan studenten, dit is divisie 4. Het onderzoek kan heel fundamenteel zijn, waarbij gekeken wordt naar de functie van een bepaald eiwit in de cel, maar vaak is het ook heel klinisch en bijv. gericht op het mechanisme achter een bepaalde ziekte. In deze divisie vind je afdelingen zoals Genetica, Parasitologie en Moleculaire celbiologie. In deze module krijg je de gelegenheid om op één van deze afdelingen een aantal middagen mee te lopen met een onderzoeker: je leest literatuur, maakt kennis met de onderzoeksvraagstellingen van de afdeling en de onderzoeker, je doet een of meerdere experimenten en leert hoe je daar een presentatie over kunt maken. Kortom, een leuke oriëntatie op het project in je tweede pre-jaar. 
Als je meer wilt weten over al het onderzoek dat in het LUMC wordt uitgevoerd, kun je ook naar de website van het LUMC (http://www.lumc.nl, onder het item research).

Taalkunde: woordenboek Luganda-Nederlands

Luganda – Nederlands woordenboekje voor begrippen rond de banaan. De Baganda wonen in Uganda. Dit wordt het begin van het eerste Luganda-Nederlandse woordenboek. We proberen de woorden en betekenissen te achterhalen die betrekking hebben tot de banaan, een cruciaal product voor Uganda. We leren daardoor hoe de Baganda cultuur andere onderscheiden maakt dan de Nederlandse. We werken met een spreker van het Luganda en proberen door haar te bevragen een zo goed mogelijke omschrijving te vinden van de begrippen; liefst met een voorbeeldzin om het gebruik te illustreren. We leren hoe deze Luganda woorden te schrijven en welke grammaticale informatie nodig is. Compleet met inleiding werken we toe aan een heus mini-woordenboekje dat er ook uit moet zien als een echt woordenboek en de structuur heeft van een woordenboek. Eerdere jaren produceerden we zo een Riffijns woordenboek over kleding, een Bukusu woordenboek over gewassen, een Konso woordenboek over familietermen, een Oromo woordenboek over koeientermen, een Somali woordenboek over kleding en juwelen en een Ewe woordenboek over ziektes, een Mafa woordenboek over geografische termen en een Farsi woordenboek over lichaamsdelen.

Werkcollege 1
Soorten Woordenboeken
Microstructuur van een woordboek
Lexicale betekenis
Voorbereiden veldwerk

Werkcollege 2
Gegevens verzamelen
Woordstructuur van het Luganda
Schrijfwijze van het Luganda
Inleiding van het woordenboek

Werkcollege 3
Bespreken van resultaten
Controleren van gegevens
Meer gegevens verzamelen

Werkcollege 4
Macrostructuur van een woordenboek
Laatste controle van gegevens
Woordenboek voltooien

Docent: Prof.dr. M.P.G.M. Mous

Deze website maakt gebruik van cookies. Meer informatie