Universiteit Leiden

nl en
Informatica - Faculteit der Wiskunde en Natuurwetenschappen - Universiteit Leiden

Informatica (specialisatie)

Studieprogramma

In deze specialisatie krijg je verdiepende vakken in de fundamentele informatica en wiskunde waarin zowel de theorie als de praktische toepassing aan bod komen. In het derde jaar is er vrije keuzeruimte.

  • Na de basis volg je verdiepende vakken in de fundamentele informatica, de ontwikkeling van software en algoritmen.
  • Je leert ook over toepassingen voor systeem- en beeldinformatica.
  • Je gaat dieper in op de achterliggende wiskundige theorieën, leert zelf software en hardware-systemen te begrijpen en ontwikkelen.

Enkele specialisatie vakken uitgelicht

Dit vak is een inleiding in de theorie en praktijk van programmeertalen. Het hoofddoel van de cursus is inzicht verschaffen in de relatie tussen concepten van programmeertalen en hoe ze worden geïmplementeerd, en de keuzes die hier kunnen worden gemaakt.

 

Basiskennis van computerarchitecturen is een vereiste om complexe softwaresystemen te kunnen ontwikkelen en optimaliseren, en voor het kunnen uitvoeren van onderzoek in het vakgebied computersystemen. Leerdoelen:

  • Het kunnen onderscheiden van verschillende klassen van computers.
  • Het begrijpen hoe computer performance wordt gemeten en gerapporteerd.
  • Inzicht hebben in de kwantitatieve principes van het ontwerp van computersystemen.
  • Kunnen werken met verschillende Instruction Set Architectures en correspondenties hiertussen aanwijzen.
  • Het kunnen omschrijven van een moderne "memory hierarchy" en begrijpen hoe hiervan gebruik kan worden gemaakt door middel van cache optimalisaties in software.
  • Het kunnen uitleggen van verschillende technieken die worden gebruikt voor het verkrijgen van instruction-level parallelism en hun beperkingen.
  • Inzicht verkrijgen in vector processing en de toepassing van deze techniek in SIMD instructies en GPGPU's. 

Dit vak is een vervolg op Fundamentele Informatica 1 (voor alle Informatica-studenten) waar je kennis maakt met discrete wiskundige structuren die van algemeen belang zijn voor de informatica en leer je omgaan met formalisaties, abstracties en bewijstechnieken. Het geeft je een wiskundige basis die bij veel informaticavakken impliciet of expliciet als voorkennis wordt verondersteld.

Fundamentele Informatica 2 gaat in op de theory of computation, dat nadruk legt op de relaties tussen formele talen, automaten en abstracte rekenmodellen.

In het vervolgvak, Fundamentele Informatica 3, komen de volgende onderwerpen aan de orde: de Turingmachine als algemeen model voor berekenbaarheid: accepteren, beslissen en rekenen met Turingmachines, niet-determinisme, universele Turingmachines, Church-Turing these. Recursief opsombare en recursieve talen, algemene grammatica’s. Het stopprobleem, (on)beslisbare problemen.

In dit vak wordt de complexiteit van algoritmen bekeken: dit is het aantal elementaire stappen dat een algoritme nodig heeft om het onderhavige probleem op te lossen. Er wordt kennis en ervaring opgedaan met de analyse van algoritmen, zoals het analyseren van de worst case complexiteit en het toepassen van technieken om de optimaliteit van algoritmen te bepalen. Zo wordt geleerd om op een kritische en analytische wijze naar problemen en algoritmen te kijken.

In het vak Security krijg je een breed overzicht van de domeinen van cryptografie en computerbeveiliging. Hoe verstuur je data veilig van het ene naar het andere systeem? Hoe weten we of dit veilig is? Maatschappelijke vraagstukken zoals phishing worden ook besproken. In dit vak leer je om actuele vraagstukken zoals cyberaanvallen en beveiligingsrisico’s te begrijpen.

Bekijk alle vakken in de studiegids

Hoe vul jij je keuzeruimte in?

Waar je later terecht komt, hangt af van de richting die je kiest. Het eerste jaar van je studie, de propedeuse ligt vast: je krijgt een inleiding in het vakgebied. Je specialiseert je vanaf het derde jaar. In je derde jaar heb je een vrije keuzeruimte die zelf kunt invullen met keuzevakken, een minor, een stage of studeren in het buitenland.

Van je keuzeruimte mag je 30 studiepunten besteden aan keuzeruimte en invullen met een minor. Dat is een thematisch samenhangend vakkenpakket buiten je hoofdopleiding. Met een minor kun je eigen accenten geven aan je opleiding of je opleiding verbreden. Denk bijvoorbeeld aan een pakket ingevuld met vakken uit een talenstudie of uit de rechtenstudie.
Lees meer over minoren

Een studieperiode in het buitenland is de kans om je horizon te verbreden. Specialistische kennis die in Leiden niet voorhanden is, vind je soms wel bij een universiteit in het buitenland. Je leert je redden in een onbekende omgeving. Je verbetert je talenkennis en vergroot je kansen op de arbeidsmarkt.

Deze website maakt gebruik van cookies. Meer informatie.