Universiteit Leiden Universiteit Leiden

Nederlands English

Leidse studente stuit op brieven van Robert Lowth

Myrte Wouterse, derdejaars studente aan de Universiteit Leiden, heeft in de Universiteitsbibliotheek twee brieven gevonden van Robert Lowth. Hij is de belangrijkste Engelse grammaticaschrijver van de 18e eeuw.

Brief ondertekend door R. Ofxord, ofwel Robert Lowth

Myrte Wouterse, derdejaars studente aan de Universiteit Leiden, heeft in de Universiteitsbibliotheek twee brieven gevonden van Robert Lowth. Hij is de belangrijkste Engelse grammaticaschrijver van de 18e eeuw. De brieven geven belangrijk inzicht in de levens van Lowth (1710-1787) en de geadresseerde, de Leidse oriëntalist H.A. Schultens (1749-1793). Ze leren ons ook over informeel netwerken in de 18e eeuw. 

De brieven zijn geschreven tijdens Schultens’ verblijf in Engeland van 1772-1773. Ze zaten ‘weggestopt’ in een bijlage van Schultens’ reisverslag. Waarschijnlijk is dat de reden dat ze tot nu toe niet in de Catalogus van de Universiteitsbibliotheek terug te vinden zijn.

Sociale netwerken in de 18e eeuw

Van Schultens is bekend dat hij in Oxford een MA heeft behaald, maar de brieven laten zien hoe dat precies is gegaan. Het was een honoraire titel, die volgens Schultens’ eigen zeggen niet vaak werd toegekend, en al helemaal niet aan buitenlanders. Om voor een MA in aanmerking te komen heeft Schultens gebruik gemaakt van zijn sociale netwerk. Hij schreef de vader van zijn vriend en studiegenoot Thomas Henry Lowth (1753-1778), bisschop Lowth dus, met een verzoek om voor hem een goed woordje te doen. Robert Lowth schrijft in zijn brieven dat hij wel vaker dat soort verzoeken krijgt, en dat hij er eigenlijk nooit aan meewerkt. Maar hij adviseert Schultens de officiële weg te bewandelen, en laat zien dat hij toch bereid is om te helpen door te beloven een aantal vrienden van hem in Oxford aan te schrijven. En dat heeft hij gedaan, want Schultens kreeg zijn Oxfordse MA.

We kunnen dus in de brieven lezen dat Schultens zijn MA aan Lowth te danken heeft en we zien het toen gangbare systeem van het informele netwerken in werking: Schultens was bevriend met Lowths zoon, en heeft daarvan goed gebruik weten te maken voor zijn eigen carriëre. Dat was hoe het systeem van patronage werkte in die tijd: ook Lowth zelf heeft zijn carriëre binnen de Anglicaanse kerk voor een belangrijk deel aan zijn sociale contacten te danken.

 

Beginnersgeluk

Myrte Wouterse vond twee brieven van Robert Lowth in de bijlage van een reisverslag van oriëntalist H.A. Schultens.

Myrte Wouterse vond twee brieven van Robert Lowth in de bijlage van een reisverslag van oriëntalist H.A. Schultens.

Myrte Wouterse, derdejaars student Engelse Taal en Cultuur en student in de Leidse Honour Academy:

“Het was puur toeval. Beginnersgeluk. Ik kreeg een rondleiding van mijn docent Thijs Porck over hoe we om moesten gaan met de bijzondere collecties in de Universiteitsbibliotheek en hoe we hiervan gebruik konden maken voor onderzoek. Ik was bezig met de voorbereiding voor een presentatie in de cursus ‘Introduction to Late Modern English’ van professor Tieken. We hadden eigenlijk een andere brief opgevraagd (van William Jones naar Schultens) en kregen tot onze verbazing een heel pakket met daarin het reisverslag van Schultens’ verblijf in Engeland. Bij het doorbladeren van de bijlage bij dit reisverslag vonden we de naam ‘R. Lowth’ (bij studenten Engelse Taal en Cultuur goed bekend), maar de brieven waren ondertekend met ‘R. Oxford’. Inmiddels weet ik dat het in die tijd gebruikelijk was de naam van je diocees aan te nemen als je bisschop werd en dat Lowth toen bisschop van Oxford was.”

Tot haar verbazing kon Myrte de brieven niet terug vinden in de catalogus van de bibliotheek:

“Bij het reisverslag van Schultens werd slechts verwezen naar de ‘orginele bijlage’, maar dat was alles. Met zo’n grote naam als Lowth had ik toch eigenlijk wel verwacht dat de brieven in de catalogus zouden staan. Toen ik vervolgens professor Tieken raadpleegde over het onderwerp van mijn presentatie, die eigenlijk over een Engels dagboek uit de 18de eeuw moest gaan, reageerde zij heel enthousiast. Zij wist niet dat er brieven van Lowth in Leiden waren. Gelukkig vond zij het goed dat mijn presentatie nu over de brieven gaat in plaats van over een dagboek.”

Een aangename verrassing van bijzondere waarde

 

Over Lowth is vorig jaar nog een boek verschenen van de hand van prof.dr. Ingrid Tieken-Boon van Ostade, getiteld The Bishop’s Grammar, Robert Lowth and the Rise of Prescriptivism (Oxford University Press, 2011). Dit boek is voor een belangrijk deel gebaseerd op de brieven van Lowth, maar dat er ook in de UB in Leiden brieven van Lowth te vinden zijn, was een aangename verrassing.

Tieken-Boon van Ostade vertelt: “The Bishop’s Grammar gaat over de grammatica van Lowth, waarover allerlei vooroordelen bestaan. Die voordelen wilde ik in mijn boek rechtzetten. Een belangrijk deel van mijn onderzoek bestond verder uit het bestuderen van Lowths brieven, omdat ik wilde laten zien dat de regels uit zijn grammatica niet direct op zijn eigen taalgebruik waren terug te voeren, ook al zo’n vooroordeel. Hiervoor ben ik jarenlang bezig geweest Lowths brieven te verzamelen. Ik heb er in totaal 330 gevonden, waarvan 250 van zijn eigen hand. En nu hebben we er twee bij, nog wel zo dicht bij huis!”

“Uiteindelijk wil ik een editie van zijn brieven publiceren. Het is altijd lastig om te proberen een brievenverzameling compleet te krijgen. Dat wordt nu maar weer eens bevestigd. Als Myrte ze niet toevallig had ontdekt dankzij mijn collega Thijs Porck, had ik ze nooit gevonden. Behalve het belang voor onze kennis van de manier waarop H.A. Schultens zijn honorary Masters degree van de Universiteit van Oxford heeft gekregen, zie ik ook het belang van de vondst voor onze kennis van Lowth als persoon. Hij opereert voorzichtig, maar is bereid zich voor anderen in te zetten, en zijn netwerkcontacten aan te spreken voor wat hij als een goed doel beschouwt. Net als zijn zoon Thomas Henry, was Hendrik Albert Schultens een veelbelovende jongeman. Wat ik verder belangrijk vind is dat ik nu wéér iemand heb gevonden die Lowth echt ontmoet heeft, en die zelfs een vriend was van zijn veel te jong gestorven zoon: in mijn soort onderzoek zijn al mijn informanten altijd allang dood, en je probeert toch een goed beeld te krijgen van wat mensen dreef. Deze brieven, maar ook het dagboek van Schultens, dat ik nu voor het eerst beter heb bekeken, zijn daarbij van bijzondere waarde.”

Verder onderzoek naar taalgebruik en sociale netwerken

Myrte gaat nu eerst haar presentatie voor het vak Late Modern English wijden aan de twee brieven van Lowth in de Leidse Universiteitsbibliotheek. Later zal zij er een essay over schrijven waarin ze de focus legt op taalgebruik van deze periode, maar ook op hoe sociale netwerken gebruikt werden. Daarna is het plan om een gezamenlijk artikel voor publicatie te schrijven met Tieken.

Bijzondere collecties

Universitaire Bibliotheken Leiden bezit omvangrijke bijzondere collecties van nationale en internationale allure. De Westerse handschriftencollecties en particuliere archieven bevatten in totaal ongeveer 500.000 brieven. Hiervan zijn meer dan 300.000 ontsloten via de eigen Catalogus en de landelijke Catalogus Epistularum Neerlandicarum (CEN). Behalve brieven vindt u in de bijzondere collecties van de Universiteit Leiden onder meer handschriften, archieven, foto’s, kaarten en atlassen, oosterse collecties, oude drukken, prenten en tekeningen. Op vertoon van een LU-Card kunt u deze materialen inzien op de Leeszaal Bijzondere Collecties. Veel stukken zijn ook digitaal te raadplegen via Digital Special Collections.

Verder lezen

Onderzoeksprofiel

Global Interaction of Civilizations and Languages
is een van de zes profielthema’s van de Universiteit Leiden.

Studeren in Leiden

Nieuwsredactie

Laatst Gewijzigd: 19-11-2012