Universiteit Leiden Universiteit Leiden

Nederlands English

65 jaar Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens

Op 4 november 1950 werd in het Palazzo Barbarini te Rome het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens (EVRM) getekend. Reden voor de Faculteit der Rechtsgeleerdheid van de Universiteit Leiden om precies 65 jaar later een minisymposium te organiseren. Sprekers uit wetenschap, rechtspleging, politiek en beleid lieten er hun licht schijnen over wat het verdrag heeft opgeleverd en wat op dit moment de belangrijkste uitdagingen zijn.

Misschien kan dat alleen maar in Nederland. Maarten Feteris, president van de Hoge Raad en eerste spreker op het symposium, onderbreekt zijn lezing om een zelf meegebrachte fles champagne uit zijn tas tevoorschijn te halen. Hij ontkurkt de fles en heft het glas: op het EVRM! Zo spreekt de  hoogste rechter van Nederland ondubbelzinnig zijn steun uit voor het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens. De opbrengsten van het Verdrag zijn nauwelijks te overschatten, daarover zijn alle sprekers op 4 november 2015 eenstemmig. Met het Verdrag zijn gemeenschappelijke Europese standaarden bepaald, waarmee een basis is gelegd voor un espace juridique européen. Het Europees Hof voor de Rechten van de Mens heeft die standaarden in de afgelopen decennia bekrachtigd en vertaald naar de tijdgeest.

Vooral in de eerste decennia zorgde dit voor een ‘stille revolutie’: een emanciperend effect voor uiteenlopende kwetsbare groepen. Evert Alkema, in de jaren ’90 lid van de Europese Commissie voor de Rechten van de Mens, somt er enkele op. Vrouwen, kinderen, vreemdelingen, homo- en transseksuelen, psychiatrische patiënten, Roma…, zij allen hebben een steviger rechtspositie gekregen dankzij het Europese Verdrag.

Spiegel

Het Hof houdt Europese lidstaten een spiegel voor en dwingt hen tot reflectie. Maarten Feteris haalt voorbeelden aan van hoe het Verdrag ook de Nederlandse rechtsorde heeft veranderd. Zo kon in de jaren vijftig van de vorige eeuw de Inspecteur van Belastingen burgers een boete opleggen als zij fouten hadden gemaakt in hun opgave. De bewijslast dat er geen kwade opzet in het spel was, lag bij de belastingbetaler. Het Europese Verdrag heeft de belastingbetaler meer rechtsbescherming gegeven. Nu is hij onschuldig totdat het tegendeel is bewezen, net als de verdachte van een misdrijf.

Controversiële uitspraken

Kritische kanttekeningen zijn er ook. Zo stelt Joost Taverne, Kamerlid voor de VVD, dat uitspraken van het Hof de laatste tien jaar controversiëler, misschien zelfs ‘politieker’ zijn geworden. Als voorbeeld noemt hij het oordeel van het Hof dat sociale uitkeringen vallen onder het ‘recht op eigendom’. Dit soort vonnissen ondermijnen de legitimiteit van het Verdrag en het Hof, meent Taverne. Zozeer zelfs dat Groot-Brittannië – nota bene een van de initiatiefnemers en eerste ondertekenaars van het Verdrag – serieus overweegt om uitspraken van het Europese Hof voortaan slechts als vrijblijvende adviezen te beschouwen. Het House of Commons behandelt in 2016 een wetsvoorstel van deze strekking. ‘Misschien is na 65 jaar waarin het Hof zijn invloedssfeer steeds verder heeft uitgebreid de tijd aangebroken om zich op de essenties terug te trekken’, aldus Taverne.

Moreel gevoelige onderwerpen

Geen spreker op het symposium maar niet toevallig promoverend op dezelfde dag, is de Leidse jurist Nelleke Koffeman. Zij heeft de impact onderzocht van de Europese rechtsruimte – inclusief het vrij verkeer van personen binnen de EU – op moreel gevoelige onderwerpen als abortus, kunstmatige voortplanting, draagmoederschap en wettelijke erkenning van relaties tussen homoseksuelen. Op deze onderwerpen althans heeft het Europees Hof zich terughoudend, in sommige gevallen zelfs ontwijkend opgesteld, constateert Koffeman. Lidstaten krijgen veel ruimte om hun eigen  principiële keuzes te maken op moreel gevoelige terreinen. Wat niet wegneemt dat àls een lidstaat eenmaal een principiële stap heeft gezet – bijvoorbeeld een geregistreerd partnerschap ingevoerd of abortus toegelaten – het Hof er wel op toeziet dat dit besluit ook echt wordt uitgevoerd, consistent en zonder aanzien des persoons. Zo groeien sommige lidstaten toch naar elkaar toe. Ook al omdat de realiteit het recht vaak inhaalt. ‘Staten kunnen bepaalde praktijken wel verbieden binnen de eigen rechtsorde, maar voorkomen dat mensen hiervoor naar het buitenland gaan is veel moeilijker gebleken.’

Balans

Hoe moet het Hof nu verder om het 65-jarige Verdrag levend en krachtig te houden? Balans is het sleutelwoord, volgens de Leidse symposiumgangers. Niet voor de troepen uitlopen, in dialoog blijven met de lidstaten, maar ook niet altijd willen behagen en soms in de vuurlinie durven te staan. Een nieuw evenwicht is ook nodig tussen de rol van het Hof als beschermer van individuele burgers en een meer constitutionele rol, als beschermer van juridische principes. Niet alleen principiële, maar ook pragmatische redenen maken dit nieuwe evenwicht noodzakelijk. Met de uitbreiding van de Raad van Europa is het aantal rechtszaken bij het Hof tot absurde proporties gestegen. In 2011 liepen er 160.000 rechtszaken. Er wordt al hard aan gewerkt om die caseload terug te dringen, meldt Roeland Böcker, die de Nederlandse regering vertegenwoordigt bij het Europees Hof. Inmiddels lopen er zo’n 100.000 zaken een nieuwe ronde waarin zich herhalende of zogenaamde ‘clone cases’ worden geëlimineerd zal binnen drie jaar voltooid zijn. De Utrechtse mensenrechtenhoogleraar Antoine Buyse ziet in het werken met pilot judgments een elegante oplossing. Veel zaken lijken op elkaar. Het Hof kan hiervan één selecteren en die behandelen als pars pro toto. Zo’n procedure bespaart het Hof niet alleen werk, maar helpt ook om symptoombestrijding te overstijgen. Het Hof geeft lidstaten immers principiële richtlijnen aan de hand van een individueel geval.

Eén rechtsruimte

Het Hof vindt vele rotsblokken op zijn pad, bleek op 4 november. Eén daarvan doemt extra groot op: de verhouding van het Hof in Straatsburg tot andere transnationale instituties, met het Europese Hof van Justitie in Luxemburg. De beide hoven lijken nu rivalen van elkaar te zijn, in plaats van elkaar aan te vullen in één coherente en efficiënte Europese rechtsruimte. Het is de afgelopen jaren moeilijk gebleken de kloof tussen verschillende juridische culturen binnen Europa te overbruggen. Het Hof kreeg ‘vele vrienden’ toegewenst om dit toch voor elkaar te brengen. Tenslotte kwam het EVRM 65 jaar geleden ook niet uit de lucht vallen, zoals Joost Taverne memoreert. ‘Er was visie, toewijding en hard werk van velen voor nodig, op allerlei niveaus. Visie, toewijding en hard werk zijn nu weer nodig als we ook de 130-ste verjaardag van het EVRM willen vieren.’

Verder lezen

Een aantal van de presentaties tijdens het symposium is hieronder opgenomen. De toespraken zijn, samen met een groot aantal andere bijdragen over het jarige EVRM, terug te lezen in nummer 4 van het Nederlands Tijdschrift voor de Mensenrechten. Dit verschijnt in december. Een los exemplaar bestelt u bij NJCM.