Universiteit Leiden Universiteit Leiden

Nederlands English

Exact 100 jaar geleden: ‘meneer diepvries’ wint Nobelprijs

Leiden was jarenlang het koudste plekje op aarde dankzij het baanbrekende werk van de Leidse natuurkundige Kamerlingh Onnes. Dat leverde hem honderd jaar geleden de Nobelprijs op.

Absolute nulpunt

Helium vloeibaar maken, dat is de grote droom van Heike Kamerlingh Onnes (1853 – 1926). Hij creëert een koudelaboratorium aan het Steenschuur in Leiden en op 10 juli 1908 is het zover: hij maakt helium vloeibaar, vlak boven het absolute nulpunt van -273,15 Celsius. Kouder dan dat is niet mogelijk want dan staan de atomen en moleculen stil. Het Leidse lab krijgt hierdoor de bijnaam het koudste plekje op aarde.

Nobelprijs

Vijf jaar later, op 10 december 1913, ontvangt Kamerlingh Onnes de Nobelprijs voor zijn onderzoek naar de eigenschappen van materie bij lage temperaturen. Hij scherpt het kouderecord later verder aan tot 0,8 graad Celsius boven het absolute nulpunt, totdat onderzoekers uit Toronto in 1923 hieronder duiken.

Deeltjesversnellers

De heliumproeven zijn lang niet de enige wapenfeiten van deze hoogleraar in experimentele natuurkunde. In 1911 ontdekt Kamerlingh Onnes dat materialen bij een zeer lage temperatuur hun weerstand verliezen tegen elektrische stroom. Dit inzicht van supergeleiding staat aan de basis van vele belangrijke toepassingen zoals supergeleidende spoelen in deeltjesversnellers.

Sollicitatiebrief Einstein

Met zijn ontdekkingen trekt Kamerlingh Onnes tal van beroemde wetenschappers aan. Al in 1901 schrijft Albert Einstein, die toen net afgestudeerd was, een sollicitatiebrief aan Onnes of hij niet diens assistent kan worden. Dat gebeurt niet, hij zou Einsteins brief zelfs nooit beantwoord hebben. Maar jaren later spant Kamerlingh Onnes zich wel voor hem in en wordt Einstein in 1920 bijzonder hoogleraar in Leiden. In zijn lab ontvangt Kamerlingh Onnes ook de natuur- en scheikundige Marie Curie. Ze bezoekt hem in 1911 om het effect van lage temperaturen op radioactiviteit te onderzoeken.

Ooit zo revolutionaire apparaten

Tegenwoordig lopen er in het Kamerlingh Onnes Gebouw aan het Steenschuur geen natuurkundigen maar rechtenstudenten rond. En ook de ontplofbare toestellen waarmee ‘meneer diepvries’, zoals diens bijnaam luidt, zijn experimenten uitvoerde, staan er allang niet meer. Als ze hopeloos ouderwets zijn geworden, verbant Kamerlingh Onnes ze nog tijdens zijn hoogleraarschap naar de zolder. De ooit zo revolutionaire apparaten zijn nu gepromoveerd tot museumstukken en te bezichtigen in Museum Boerhaave. En de oude Nobelprijswinnaar? Die overleed in 1926, maar zijn borstbeeld voor het Kamerlingh Onnes Gebouw herinnert er nog dagelijks aan dat Leiden ooit het koudste plekje op aarde was.

Afbeelding: Schilderij van Kamerlingh Onnes experiment. Hij is in het midden afgebeeld.