Universiteit Leiden

nl en

Papyrologisch Instituut

Lenen is van alle tijden

Schriftelijk bewijs van een lening is altijd belangrijk geweest. Hieronder voorbeelden van een graanlening, een wijnlening, een geldlening, en een geldlening tegen onderpand.

Graanlening van een priester. Thebe, 3e-1e eeuw voor Chr.

Kalksteenfragment Leid.Pap.Inst. inv. O 58 =P.L.Bat. 23.dem.2

Klik hier voor een grotere afbeelding.

Demotische rekening met een graanlening van een lesonis-priester, het hoofd van de tempeladministratie. De deben is een gewicht van ongeveer 91 gram waarmee de waarde van goederen werd uitgedrukt. De artabe is een inhoudsmaat (formaat grote zak) voor graan. Een wab-priester (wab betekent ‘rein’ in het Egyptisch) is een algemene term voor priester.

‘Rekening van de lesonis-priester. De lesonis-priester: 14 (deben); de schrijver van de wab-priester: 4 deben; de rest van de (?) …, ter (waarde van) 5 deben: … 23. 
Classificatie: 
Herious: (goederen?) ter (waarde van) 4 deben; [naam] (?) zoon van [naam]: ⌈…⌉ graan (?): 
totaal 7 deben: rest: 16 (deben). 
(artaben) gerst: 2 ½ ; (art.) gerst: 4 ½ … [?] 
(art.) gerst: 1 ½ ; (art.) gerst: 1 ⌈¼⌉ [?] 
(art.) tarwe (?): 10 + (?) 
2; (art.) gerst: 1 (?)’

Wijnlening. 27 mei 114 voor Chr.

Papyrus Leid.Pap.Inst. inv. 64 =P.L.Bat. 17.4

Klik hier voor een grotere afbeelding
Klik hier voor de Griekse tekst in de DDbDP.

Notarieel contract. Hermias zoon van Hermias, leent drie metreten (vat van 30 liter) wijn, die hij twee maanden later zal terugbetalen. De rente bedraagt 50%.

‘Hermias zoon van Hermias, “Pers die later geboren is”, aan Leon zoon van Orsenouphis, gegroet. Ik kom overeen van u te hebben ontvangen de drie metreten wijn, vermeerderd met de helft, die ik u zal terugbetalen in de maand Epeiph van het 3e jaar uit mijn eigen oogst, nieuwe goede wijn (gemeten met) de maat waarmee ik (altijd) uitschenk. Indien ik echter niet zal terugbetalen in overeenstemming met hetgeen geschreven staat, dan zal ik u voor iedere keramion drieduizend bronzen drachmen als boete betalen. Dit handgeschreven document zal geldig zijn waar het maar wordt opgevoerd. In het 3ejaar, op de 9e Pachon.’

 

Geldlening. Oxyrhynchos, 14 juni 314 na Chr.

Papyrus Leid.Pap.Inst. inv. 125A = P.L.Bat. 13.7

Klik hier voor een grotere afbeelding.
Klik hier voor de Griekse tekst in de DDbDP.

Dit contract is door een notaris bekrachtigd. De Romeinse wet stond toe dat vrouwen met drie of meer kinderen rechtshandelingen konden plegen zonder de normaal voor hen verplichte ‘voogd’: de ius (trium) liberorum. Deze wet was door keizer Augustus bedacht om de bevolkingsgroei te stimuleren. Sinds keizer Caracalla in 212 na Chr. aan vrijwel alle ingezetenen van het hele Romeinse rijk het Romeins burgerschap had verleend, was officieel ook het Romeinse recht op hen van toepassing. De invloed van het Romeinse recht beperkte zich in Egypte veelal tot familierecht en erfrecht, verder bleef het lokale rechtssysteem van kracht. Een andere invloed van het Romeins recht is de uitdrukking die vanaf 220 na Chr. in de meeste contracten staat: “op de (formele) vraag heb ik bevestigend geantwoord”, die wijst op de aloude Romeinse rechtsvorm van stipulatio waarbij een mondelinge overeenkomst op zich al rechtsgeldig was. Het feit dat de hoogte van de boeterente niet is gespecificeerd kan erop wijzen dat die rente in onderlinge afspraak hoger was vastgesteld dan de wettelijk toegestane 1%.

‘Aan Aurelia Taïs alias Techosaria dochter van Chosion, afkomstig uit de schitterende en zeer schitterende stad der Oxyrhynchieten, optredend zonder voogd op grond van het ius liberorum, gegroet door Aurelius Pagonis zoon van Pagonis en van de moeder Tathonis, afkomstig uit het dorp Leukios in de 3e pagus (= aan het Latijn ontleende regio-aanduiding). 

Ik verklaar te hebben ontvangen van u als lening, contant uit uw huis, zes talenten en drieduizend drachmen in zilveren keizerlijke munt, totaal 6 tal. 3000 dr., die ik onder dwang aan u zal terugbetalen voor de twintigste van de volgende maand Epeiph van het huidige 8e en 6e jaar zonder enig uitstel of uitvlucht, zoniet, dan zal ik u als boete betalen de rente die is vastgesteld per mina [= 100 drachmen] per maand over de periode van overschrijding, terwijl u recht van executie hebt op mij en op al mijn bezittingen. Dit handgeschreven document, in tweevoud opgemaakt, zal geldig zijn overal waar het wordt overlegd en voor ieder die het namens u overlegt en op uw formele vraag heb ik bevestigend geantwoord. 

In het 8e en 6e jaar van onze heren ImperatoresCaesaresConstantinus en Licinius, Augusti, tijdens het consulaat van de zeer schitterende Rufius Volusianus en Petronius Annianus, op de twintigste Payni. 

Ik, Aurelius Pagonis zoon van Pagonis, heb te leen ontvangen de zes talenten en drieduizend drachmen van zilver en ik zal die terugbetalen zoals hierboven staat, binnen de afgesproken termijn zoals hierboven staat en in antwoord op de formele vraag heb ik bevestigend geantwoord. Ik, Aurelius Apollonius heb voor hem geschreven omdat hij niet schrijven kan. 

Is geschreven door mij, Philinicus.’

Geldlening tegen onderpand. Oxyrhynchos, 591-592 na Chr.

Papyrus Leid.Pap.Inst. Warren 10

Klik hier voor een grotere afbeelding.
Klik hier voor de Griekse tekst in de DDbDP.

In deze late tijd is het gebruikelijk dat zelfs juridische documenten christelijke elementen vertonen, zoals het kruis en de aanroeping van Jezus Christus aan het begin van de tekst. In dit geval wordt de lening verstrekt door een priester ‘van de heilige kerk’. Hoewel de lening inhoudelijk overeenkomt met de vroegere leningen die we hebben gezien (behalve dat hier bovendien van een hypotheek sprake is), is het Griekse taalgebruik (net als het schrift) een stuk overdadiger. De rechterkant van de papyrus is afgebroken. De meeste aanvullingen (niet als zodanig in de vertaling aangegeven) zijn vrij zeker door de vele standaardtermen die in de leencontracten worden gebruikt.

‘† In naam van de heer en meester Jezus Christus onze god en redder. 
In het 10e jaar van het koningschap van onze zeer vrome meester en zeer grote weldoener Flavius Mauritius de eeuwige Augustus en Imperator, in het 9e jaar van het consulaat van dezelfde, onze zeer vrome meester --- in het 10e jaar van de indictie --- in de stad der Oxyrhynchieten. 

Aan de zeer eerwaarde Georgius, priester van de heilige kerk, stammend uit diezelfde stad der Oxyrhynchieten, gegroet door de Aurelii Iacob en Victor, volle broers uit de vader Phib en de moeder --- , stammend uit het dorpje Lucius in de Oxyrhynchitische gouw. 
Wij komen overeen te hebben ontvangen van uw Eerwaarde en te hebben geleend, contant in onze hand uit uw huis, voor ons eigen en noodzakelijk en publiekelijk gebruik: zeven gouden solidi, geslagen volgens de privéstandaard, totaal 7 gouden solidi volgens privéstandaard, die wij vrij van ieder risico onder dwang zullen terugbetalen aan uw Eerwaarde met de rente daarover, (te weten) vierenzestig bundels hooi van de anderhalve aroere die wij bebouwen met groenvoer dat tweemaal per jaar geoogst kan worden, wanneer ook maar uw Eerwaarde verkiest, zonder uitstel, en de rente natuurlijk in de maand Pachon [april/mei, oogstmaand] van het huidige 10eindictiejaar. 

En als garantie voor de teruggave geven wij met onmiddellijke ingang als onderpand aan uw Eerwaarde het bezit van diezelfde anderhalve aroere onder het recht van hypotheek en onderpand, die zich bevindt bij het hierboven genoemde dorpje van ons, ten westen ervan, en het zal ons niet geoorloofd zijn de anderhalve aroere te onttrekken aan de hypotheek vóór de volledige terugbetaling van diezelfde schuld, noch die te verkopen, noch die in hypotheek te geven, noch er op welke andere wijze ook over te beschikken ten nadele van de lening, en ook mogen wij niet beweren iets daarvan gegeven te hebben zonder uw schriftelijke kwitantie, waarbij onze bezittingen onderpand zijn tot garantie van deze schuld. Dit document, in één exemplaar uitgevaardigd, is geldig en in antwoord op de formele vraag heb ik bevestigend geantwoord. 

De Aurelii Jacob en Victor, hierboven beschreven, hebben opgesteld dit hypotheekdocument voor zeven gouden solidi geslagen volgens de privéstandaard zoals hierboven staat. Ik, Anastasius de notaris, heb op hun verzoek namens hen geschreven omdat zij het schrijven niet machtig zijn. 

† Is door mij, Anastasius, opgesteld.’